Kamp geeft sociale partners een jaar tijd

Pensioenfondsen staan onder druk. Het belegde vermogen schiet tekort om pensioenrechten te dekken. Sociale partners krijgen van minister Kamp de laatste kans voor een oplossing.

De Nederlandse pensioenen zitten in drijfzand en wie gelooft nog dat werknemers en gepensioneerden zichzelf daar ongeschonden uit kunnen trekken?

Een van de gelovigen is Henk Kamp, de nieuwe VVD-minister van Sociale Zaken. Hij heeft na langdurige druk van de werkgevers en de vakbonden de regels voor pensioenfondsen versoepeld. De Nederlandsche Bank stemt er zuinigjes mee in. Voor één jaar. De versoepeling kan de financiële positie van de pensioenfondsen verder doen verslechteren. Pensioenfondsen hoeven de premies die zij heffen van werkgevers en werknemers in 2011 niet te verhogen om hun financiële positie te stutten. Zij krijgen op deze manier minder geld aan pensioenpremies binnen dan eigenlijk zou moeten.

Jammer, maar de premiesprongen van 20 à 30 procent zijn schadelijk voor de economie, voor banen en voor de concurrentiepositie van het bedrijfsleven, schrijft Kamp aan de Tweede Kamer. Economie gaat nu voor pensioen.

De pensioencrisis is de vuurdoop van Kamp tegenover de werkgevers en vakbonden die samen de pensioenwereld bestieren. Ze houden elkaar stevig in de tang. Kamp moet er wel in geloven dat de pensioenlobby van werkgevers en vakbonden zich à la Von Münchhausen uit het drijfzand optrekt. De minister gaat over het staatspensioen AOW, is verantwoordelijk voor de regels en daarom nauw betrokken bij aanvullende pensioenen. Het gaat om de pensioenrechten van bijna 6 miljoen werknemers en ruim 2,5 miljoen gepensioneerden. Al die toezeggingen worden beheerd in zo’n 600 pensioenfondsen, verdeeld over ondernemingen en bedrijfstakken. Zij hebben 800 miljard euro belegd, een record. De verliezen uit de kredietcrisis zijn ingelopen. Koersen van obligaties zijn gestegen. Met dank aan de felle rentedaling.

De rente daalde tussen mei en augustus van 4 naar 2,5 procent. Dat heeft ook een negatief effect. Het drijfzand. Hoe lager de rente, hoe meer geld nu nodig is om het beoogde doel, je pensioen, te halen. Door de dalende rente is de actuele waarde van de pensioentoezeggingen aan werknemers en ouderen nog sneller gestegen dan de waarde van de beleggingen. Dat maakt de positie van de pensioenwereld zo paradoxaal.

De grote pensioenfondsen kunnen al sinds eind 2008 niet meer voldoen aan hun verplichtingen. Een enkeling heeft net genoeg vermogen om in de toekomst alle uitkeringen te betalen. Maar de meeste grote fondsen zijn technisch failliet, zoals dat heet. Maar zo mag het officieel niet zijn, want dan raken werknemers en ouderen nog meer van stuk dan zij nu al zijn door de misèreberichten als de verlaging van pensioenen bij sleepbedrijf Smit Internationale.

De pensioenlobby geeft niet op. Net als Kamp móét zij eruit komen. De belangen zijn te groot. De pensioenwereld is het domein van de werkgevers en vakbonden. Zij onderhandelen over de pensioenen en de premies en zij besturen de grote pensioenfondsen. Werkgevers willen met een adequaat pensioen werknemers binden, zeker nu de arbeidsmarkt vergrijst. Voor de vakbonden volgt een goed pensioen op een goed salaris.

Dankzij de versoepeling van de regels krijgt de pensioenlobby ruimte voor een structurele oplossing . Maar de lobby wil meer: het kabinet moet meedoen met hun pensioenakkoord, inclusief een steviger AOW-uitkering. Zelf werken werkgevers en vakbonden aan nieuwe pensioencontracten voor werknemers en ouderen die het vertrouwde beeld van decennia op zijn kop zetten. Pensioen is niet meer zeker, maar hoogst onzeker. Want pensioen wordt expliciet afhankelijk van de rendementen op de financiële markten. Iedereen mag straks kiezen: meer zekerheid of meer onzekerheid.

De praktische uitwerking daarvan is razend complex. Minister Kamp geeft de pensioenlobby tijd. Maar tijd komt niet gratis. De pensioenlobby zet Kamp onder druk, hij zet de lobby onder druk. De versoepeling is over een jaar voorbij. En Kamp zegt: de pensioenlobby moet zijn werk „zo snel mogelijk” klaren, dan kan verlaging van pensioenen „mogelijk worden voorkomen”. Dat is de enige weg uit het drijfzand.