Hongaarse rechters onder druk

De oppositie en rechters in EU-lid Hongarije vrezen dat de regering bezig is de democratie aan te tasten. Ook de media komen steeds meer onder controle te staan. Het verzet groeit.

In Hongarije, EU-lid sinds 2004, is een openlijke strijd ontstaan tussen de regeringspartij en de rechterlijke macht. Afgelopen dinsdag kwam het tot een confrontatie tussen de partij van de conservatieve premier Viktor Orbán, die over grote macht beschikt, en het Constitutioneel Hof, de hoogste rechtbank van het land. De oppositie spreekt van een poging van Orbán om nog meer macht naar zich toe te trekken en maakt zich zorgen over een groeiend gebrek aan democratische controle van de regering.

Het begon afgelopen dinsdag, toen het Constitutioneel Hof een streep zette door een wetsvoorstel van Fidesz, Orbáns partij. Die wilde 98 procent belasting heffen op ontslagvergoedingen voor ambtenaren hoger dan (omgerekend) 7.500 euro. In de zoektocht naar geld om de begroting sluitend te maken moeten vooral hogere inkomens en banken het ontgelden.

Een paar uur na het oordeel van de rechters kondigde de fractieleider van Fidesz echter aan de macht van het Constitutioneel Hof te willen beperken, volgens Hongaarse media in samenspraak met Orbán. Fidesz heeft een tweederde meerderheid in het parlement, genoeg voor een grondwetswijziging. In de toekomst zou het Hof volgens het nog in te dienen voorstel niet meer mogen oordelen over wetten die betrekking hebben op begrotings- en belastingszaken.

Die beperking was een „oorlogsverklaring” aan de constitutionele democratie, zei de oppositie. Ze vroeg de president in een gezamenlijke brief de grondwetswijziging te verhinderen. Na een paar dagen stilte liet ook het Hof zelf weten dat het zichzelf beschouwt als een van de waarborgen voor een functionerende democratie.

De poging de bevoegdheden van het Hof te verkleinen leidde zelfs tot kritische commentaren in media die gewoonlijk trouw de regeringslijn volgen, zoals de krant Magyar Nemzet. Niet eerder sinds haar aantreden stond de machtsuitbreiding van de regering Orbán zo breed ter discussie.

De oppositie greep de confrontatie tussen Fidesz en het Hof aan om hun zorgen over een groeiend gebrek aan democratische controle onder de aandacht te brengen. Vandaag organiseert de sociaal-democratische oud-premier Gyurcsány een protestactie. Voor morgen staat een demonstratie van de jonge partij Politiek kan ook Anders gepland. „Het motto wordt: handen af van de rechtstaat”, mailt een jonge medewerker.

Door de tweederde meerderheid van Fidesz in het parlement zijn wetsvoorstellen in de praktijk echter hamerstukken en is er weinig ruimte voor debat. Een omstreden wet waarmee de politieke controle over de media werd vergroot, kwam gewoon door het parlement. Critici keken knarsetandend toe toen Fidesz-parlementariërs het als volgzaam bekend staande partijlid Pal Schmitt tot president kozen. Schmitt tekende zonder protest de nu verworpen belastingwet, iets wat zijn voorganger tot die tijd had geweigerd.

Toen Orbán na de verkiezingen in april aan de macht kwam noemde hij de grote zege van zijn partij een „revolutie via de stembus”. Ze is groot genoeg om ervoor te zorgen dat „de wil van het volk zegeviert”, zo formuleerde hij het in toespraken en in de Verklaring van Nationale Samenwerking die in het parlement is aangenomen. Die tekst komt erop neer dat ruim twintig jaar na de omverwerping van het communistisch regime, een revolutie waarin Orbán een grote rol speelde, de omwenteling eindelijk haar voltooiing nadert. De afgelopen twintig jaar waren volgens Fidesz slechts een overgangsfase, waarin hardnekkige communistische overblijfselen een nog veel te grote rol speelden.

Het is een deftig gedrukte verklaring over een „nieuw bewind van nationale samenwerking” tegen een achtergrond van de Hongaarse vlag. De functie van de verklaring is onduidelijk. Pure politieke propaganda, hoonde de liberale elite. Het Constitutioneel Hof en het Openbaar Ministerie weigerden om de Verklaring op te hangen, met een beroep op hun politieke onafhankelijkheid.

Een paar maanden geleden leek dat nog een klein symbolisch verzet tegen verder holle retoriek. Nu blijken het de eerste zetten in een fundamentele strijd om de macht in Hongarije. In veel overheidsinstellingen, waar Fidesz de dienst uit maakt, hangt de print inmiddels wel vol in beeld aan de muur.