Siciliaan met passie en geld laat Eupen dromen

Een Italiaanse investeerder ziet in de kleine voetbalclub AS Eupen, in Duitstalig België, het ideale vehikel om zijn dromen waar te maken. Het stadje geniet mee, maar veel successen vallen er nog niet te vieren.

Vorig jaar verkocht AS Eupen 250 seizoenskaarten, dit seizoen al 1.400. Rechts Freddy Mombongo, de invaller van Eupen die zaterdag de eindstand bepaalde: 2-2. Foto's Chris Keulen Belgium, Eupen, 30.10.2010 Tribune and toilets KAS Eupen vs Lierse (2-2). foto: Chris Keulen

Het uitbundige slotoffensief heeft niet tot de gewenste overwinning van AS Eupen geleid. De stormachtige aanmoedigingen van de vierduizend supporters in het Stadion am Kehrweg ten spijt. Eupen speelt gelijk tegen Lierse SK: 2-2. De Franse trainer Albert Cartier blijkt na afloop niet teleurgesteld. Hij is trots en prijst op de persconferentie uitvoerig de inzet die alle betrokkenen deze avond hebben getoond. Vervolgens loopt hij alle journalisten langs, geeft ze een hand, kijkt ze recht in de ogen en zegt: „Merci, monsieur.”

Opmerkelijke taferelen in een voetbalwereld waarin kilte, afstandelijkheid en argwaan de boventoon voeren. Zo niet bij Cartier. Hij gelooft in het goede van de mens. „Ik wil de mensen hier helpen, mijn passie overbrengen aan spelers en supporters van deze kleine club”, zegt hij later buiten het hoofdkantoortje, waar spelers en fans elkaar hebben gevonden.

Hij beziet de mooie auto’s op het parkeerterrein, beplakt met commerciële boodschappen die ter beschikking zijn gesteld door plaatselijke sponsors, en zegt: „Waarom zoveel kritiek op wat mensen graag willen?” Cartier gelooft in de droom van Eupen, waar hij drie weken geleden werd aangesteld als opvolger van de twee eerdere trainers, de Belg Danny Ost en de Italiaan Eziolino Capuano. Cartier wil meewerken aan het project van de Italiaanse investeerder, spelersmakelaar, oud-voetballer en technisch directeur van de Italiaanse club Piacenza, Antonio Imborgia. De 49-jarige Fransman heeft vertrouwen in de 51-jarige Siciliaan, zoals bijna iedereen in Eupen. „Wie meent dat meneer Imborgia slechts uit is op eigen gewin, heeft een negatief beeld van de mens.”

Imborgia en Eupen, een Siciliaan die zijn vleugels uitslaat en zich nestelt in Duitstalig België, het Ostkanton met 70.000 inwoners. Alles is mogelijk in de voetbalsamenleving, een wereld die zijn eigen ethiek kan naleven omdat heel veel mensen geloven in het evangelie voetbal – en niet meer zonder kunnen. Waarom dan niet een op roem azende voetbalclub in Eupen, een stadje van 18.000 inwoners, helpen? Wie daar als roofdier met zijn grote vleugels en scherpe nagels wil landen is gek én geniaal.

Daar is algemeen directeur Manfred Theissen zeker van overtuigd. De voormalige commissaris van politie van Eupen zegt uitvoerig onderzoek te hebben gedaan naar de handel en wandel van de man. „Hij is gepassioneerd, hij is gek van voetbal, hij kent iedereen, hij wil een club die succes heeft”, heeft hij ervaren. „Ja, hij is zeer ijdel. Maar sinds hij zich vorig jaar ontfermde over AS Eupen, maakt hij niet de indruk op te stappen zodra het minder gaat. Hij kan spelers verkopen, omdat er veel van hem zijn. Maar bij hem gaat het eerder om een club die succes heeft dan om financieel gewin. Eupen kan een doorgangsclub worden. Maar Imborgia geniet vooral van zijn succes. Een mens wil aandacht. Hij in het bijzonder. En hij laat ons, en al die Eupenaren, meegenieten.”

Imborgia betaalt de meeste spelers van Eupen, talentvolle voetballers die bij onder andere AC Milan, Parma, Fiorentina, Udinese en Palermo net niet goed genoeg zijn voor een plaats in het eerste elftal. De club biedt de jongens faciliteiten, zoals appartementen. De stad Eupen geeft een beetje subsidie, de Duitstalige provincie betaalt heel veel en de club een heel klein beetje om een budget van 5,4 miljoen euro te halen. Vorig seizoen, toen Eupen nog tweedeklasser was, was het budget 1,5 miljoen.

Deze zomer diende de accommodatie van AS Eupen verbeterd te worden. De tribunes moesten vervangen en uitgebreid worden, de lichtinstallatie moest verbeterd worden om tv-reportages mogelijk te maken, veldverwarming was een vereiste – zeker omdat Eupen uiterst gevoelig is voor winterse omstandigheden. Drie weken geleden gaf de inspectiecommissie van de Belgische voetbalbond haar goedkeuring aan de accommodatie. Nu ligt er een prachtige grasmat, omgeven door drie nieuwe tribunes met zitplaatsen. De capaciteit is uitgebreid van 4.000 tot 8.000. Nog niet zo lang geleden waren er hooguit 400 toeschouwers bij de thuiswedstrijden van AS Eupen. Vorig jaar werden er 250 seizoenkaarten verkocht, voor dit seizoen 1.400.

Imborgia is een Siciliaan. Pathos is hem niet vreemd. Zijn beleving van voetbal gaat verder dan Belgen en zeker Nederlanders willen. Hij schaamt zich geen moment voor zijn grenzeloze gevoelsleven. Na afloop van de wedstrijd praat hij in op de arbitrage die zijns inziens verkeerde beslissingen heeft genomen. Later probeert hij duidelijk te maken dat het hem niet altijd gaat om er zelf financieel beter van te worden. „Als een Duitse, Belgische of Nederlandse club een van onze spelers wil kopen, is dat goed voor mij maar ook voor Eupen”, zegt hij. „Ik heb spelers gestald omdat ze bij hun Italiaanse club niet mogen spelen. Ze kunnen zich hier laten zien. Eupen ligt in het midden van Europa, Duitsland is nabij, Nederland en België zeker. Voetbal leeft overal, ik wil dat iedereen mijn passie deelt. Ik word er gelukkig van.”

Imborgia verkondigt in Eupen het evangelie dat velen in de wereld delen. Slechts één overwinning behaalde de club tot nu toe in de hoogste Belgische klasse, en een gelijkspel. Zaterdag werd er een tweede gelijkspel aan toegevoegd. Ingeslapen Eupenaren komen dezer dagen tot leven. Aandoenlijk lopen ze – jong en oud – met een vlaggetje in hun handen op weg naar het stadion. Ze zwaaien allemaal naar hartelust, echt waar, als de spelers voor de wedstrijd tegen Lierse SK het veld betreden. Ook Herbert Rademacher, gepensioneerd onderwijzer. Hij komt al jaren bij AS Eupen. „Ik weet niet wat ik meemaak. Dit voetbal, dit feest maakt mensen blij. Die Italiaan heeft met zijn filosofie de mensen hier verlost uit hun apathie. Eupen doet er weer toe. Maar ik houd mijn hart vast als Eupen terugvalt, weer degradeert omdat onze Italiaan zijn succes niet behaalt.”

Later op de avond heft Rademacher het glas op het succes van AS Eupen in restaurant Dolce Vita, het domein van alle spelers (Italianen, Serviërs, Kroaten, Zwitsers en Fransen) die aan de Italiaanse eigenaar van de club toebehoren. Velen zijn er, Imborgia dit keer niet. Rademacher gaat nog even mee naar Tam Tam, het supporterscafé van AS Eupen. Hij kent directeur Theissen van Eupen en burgemeester Elmat Keutgen. Zij zijn volgens hem verstandige mensen die betrokken zijn bij het leven van Eupen, als Duitstalige gemeenschap. „Zij en wij willen erbij horen, bij België. Heeft u gezien wat er vanavond leefde? Zo weinig mensen, amper vierduizend mensen, maar zoveel storm en opwinding. Bijna beangstigend, dat mensen hun club zo graag willen zien winnen.”

AS Eupen is op weg naar glorie, een Duitse club in België probeert een plaats te verwerven in de grote voetbalwereld. De nerveuze perschef van AS Eupen zegt: „Ik ben opgevoed door Duits sprekende ouders, ik heb Frans geleerd en nu moet ik laten zien dat ik Belg ben en van een Italiaan houd. Ik wou dat iedereen gelijk was.”