Ook zij zijn Amerika

Zaterdag protesteerden zo’n 200.000 gematigde mensen op de Mall in Washington.

Hun boodschap: in Amerika regeert niet de rede, daar regeren de angst en de haat.

Menig demonstrant in Washington droeg zaterdag een melig protestbord. Foto AFP People gather on the National Mall in Washington, DC, on October 30, 2010 for television satirists Jon Stewart's and Stephen Colbert's Rally to Restore Sanity and/or Fear. Tens of thousands of people streamed into the US capital Saturday for the rally hosted by liberal comics Stewart and Colbert, billed as an antidote to the ugly political mood dividing the US three days before mid-term elections. AFP PHOTO/Nicholas KAMM AFP

Wát de Amerikaanse komiek Jon Stewart afgelopen zaterdag in Washington zou gaan zeggen of doen, deed er eigenlijk niet zo veel toe. Bepalend was hoe de media achteraf over zijn Rally for Restoring Sanity (vrij vertaald: ‘Protestbijeenkomst voor de Redelijkheid’) zouden berichten, zei Stewart tegen de naar schatting 200.000 mensen uit vele staten op de National Mall, het gebied tussen het Capitool en de obelisk van het Washington Monument.

De commerciële kabelzenders waar hij op doelde, hadden op dat moment niet alle aandacht voor de demonstratie tegen de polarisatie in de media en de politiek. Het grote onderwerp – naast de Congresverkiezingen van komende dinsdag – was het laatste nieuws rond de twee onderschepte bompakketjes uit Jemen. Het illustreerde de boodschap van de demonstratie: niet de redelijkheid, maar de angst regeert in de Verenigde Staten.

Als parodie hield Stewarts collega Stephen Colbert, ook van Comedy Central, gelijktijdig een concurrerende March to Keep Fear Alive (‘Mars voor de Angst’). Hij had zich vooraf zogenaamd verschanst in een bunker onder het podium. Toen hij hoorde dat er daadwerkelijk mensen waren komen opdagen, en zelfs gewillige vrouwen, kwam hij naar boven als een Chileense mijnwerker. In een kooi en in Supermanpak.

Het evenement was niet politiek en geen tegenhanger van de recente Restore Honor-demonstratie (‘Herstel Eergevoel’) op dezelfde Mall van Fox-presentator Glenn Beck, bezwoer Stewart. Toch ging het debat op de conservatieve zender vooral over de politieke kleur en de politieke invloed van de Stewart en Colbert-show. En over de vraag waar de tienduizenden dollars aan Sanity-merchandise heen zouden gaan (antwoord: het fonds dat de Mall beheert en onderwijs).

De niet commerciële National Public Radio (NPR) moest melden dat het van Colbert een medaille voor lafheid had gekregen. Het station had haar medewerkers verboden het evenement te bezoeken om de schijn van partijdigheid te vermijden.

Zelf telde Stewart zeker „tien miljoen” mensen op de Mall die een „perfecte afspiegeling” vormden van de Amerikaanse samenleving. Maar op het oog waren de demonstranten overwegend wit, jong en naar alle waarschijnlijkheid voor het overgrote deel Democraat. Sommigen hadden een voorschot op Halloween genomen en waren verkleed als banaan, Super Mario of als Bert (van Ernie). Mensen droegen ludieke protestborden met teksten als ‘Give peas a chance’, en ‘Free hugs and/or rational discourse’.

Zo was de Rally for Restoring Sanity niet een protest van de man in de straat. Het was een melig feestje voor gematigde Amerikanen die zich vervreemd voelen van de woede op tv.

Colbert kreeg van Stewart ook een lesje in verdraagzaamheid. Stewart haalde oud-basketballer Kareem Abdul-Jabbar (2.18 meter) op het podium om te laten zien dat niet iedere moslim eng is. Net zoals niet iedere robot eng is, zei Stewart, waarna het ronde Star Wars-robotje R2-D2 onder luid gejuich naar voren kwam rijden.

In een – serieus bedoeld – slotpleidooi riep Stewart politieke tegenstanders en het verlamde Congres op tot eendracht. „Door samenwerken kun je het licht aan het eind van de tunnel bereiken”, zei hij. „En soms is dat licht niet eens het beloofde land. Soms is het gewoon New Jersey.”

Af en toe waren de hoop en het enthousiasme van Obama’s campagne in 2008 nog voelbaar. Vooral toen iemand voor een beter uitzicht met gevaar voor eigen leven in een boom wilde klimmen en omstanders riepen: Yes you can!

    • Eppo König