If we amplify everything, we hear nothing

Zaterdag leek een roerige dag te worden. In Amsterdam liep je het risico om een ME’er, een zombie, een kaalgeschoren Engelse rechts-extremist of een woeste Ajax-supporter die een kaalgeschoren Engelse rechts-extremist in elkaar probeerde te slaan tegen het lijf te lopen. De rondslenterende zombies hadden te maken met Halloween. Ze waren overduidelijk het minst eng.

Zaterdag leek een roerige dag te worden. In Amsterdam liep je het risico om een ME’er, een zombie, een kaalgeschoren Engelse rechts-extremist of een woeste Ajax-supporter die een kaalgeschoren Engelse rechts-extremist in elkaar probeerde te slaan tegen het lijf te lopen. De rondslenterende zombies hadden te maken met Halloween. Ze waren overduidelijk het minst eng.

De pro-Wilders-demonstratie was niet de enige: elders in Amsterdam kwamen mensen samen om een tegengeluid te laten horen en in Den Haag was de Nederlandse Volksunie op pad om te protesteren tegen de verhoging van de AOW-leeftijd. Maar de demonstratie die ik vooral graag wilde volgen was Jon Stewarts en Stephen Colberts Rally to Restore Sanity and/or Fear.

Van tevoren was er enige discussie over hoe politiek de rally zou zijn: werd het voornamelijk comedy, een soort parodie op de vurige demonstraties van activisten, of was er wellicht toch een serieuzere boodschap?

Het comedy-element van de rally komt voor mij voornamelijk van de aanwezige protestborden. Jon Stewart had eerder al de toon gezet („I disagree with you, but I’m pretty sure you’re not Hitler”), en op de rally zelf zweven in de zee van duizenden mensen nog een aantal fraaie voorbij: „I believe in a sanity clause”, „Make awkward sexual advances, not war” en mijn lievelings: „This is a good sign”. Het programma bestaat uit muziekoptredens en een oeverloos gescript gekibbel tussen Stewart en Colbert (Colbert probeert aan te tonen dat vooral angst belangrijk is en dat het bovendien de redelijkheid altijd overwint). Het doet enigszins denken aan een kinderachtige Bonte Avond-act („en hier is Kareem Abdul-Jabbar! Hij is 2,18 meter en cool én moslim!”) Maar uiteindelijk zegt Jon Stewart dat het tijd is voor een „moment sincerity”. Hij klinkt ernstig en oprecht als hij praat over de rol van de hysterische media („if we amplify everything, we hear nothing”) en het belang van herkennen: „Als we geen verschil zien tussen moslims en terroristen, zijn we juist less safe.”

Aan het begin van deze speech zegt hij: „Sommigen van jullie zagen dit als een clarion call for action. Sommige van jullie – the hipper, more ironic cats – zagen dit als een ‘clarion call’. For ‘action’.” Bij dit laatste maakt hij met zijn vingers een ironieteken. Veel van de rally-betogers zijn jongeren. Juist jongeren, deze ironiegeneratie – alles heeft een andere kant, idealen zijn te eenkleurig en ook nogal humorloos, het favoriete leesteken is de ;) – zijn enorm enthousiast over deze actie. Een eenduidig geluid waarin in alle redelijkheid verscheidenheid wordt gevierd, mét humor en milde ironie. Demonstreren 2.0.