Broer Twee

Als Broeder No. 2 zegt dat het de intentie was de Volksrepubliek China in revolutionaire doortastendheid te evenaren, is het ijzig stil in het bioscoopzaaltje in Taizhong. Het publiek is Taiwanees, en de betekenis van de woorden van de man die onder Pol Pot de tweede verantwoordelijke was voor het Cambodjaanse schrikbewind van de jaren zeventig resoneert lang na. Op het eiland, dat nog altijd door China wordt opgeëist, kan niet vaak genoeg worden gewezen op het gevaar van het communisme.

De film van de Cambodjaanse journalist Thet Sambath, vertoond op het Internationale documentairefestival van Taiwan, dient als ijzingwekkend voorbeeld. Sambath, die zijn eigen ouders verloor tijdens het schrikbewind, verhaalt in Enemies of the People over zijn complexe toenadering tot Nuon Chea, de beruchte Broeder No. 2. Dat gebeurt in een periode van tien jaar waarin hij de hoogste nog levende verantwoordelijke voor de Cambodjaanse genocide op video tot bekentenissen weet te bewegen.

Dat Nuon Chea, die inmiddels in Cambodja wordt berecht, weinig berouwvol is wordt al gauw duidelijk. In de gesprekken met Sambath geeft Nuon Chea vooral de Amerikanen en de Vietnamezen de schuld. En tegen twee boeren, die tegenover Sambath hebben bekend honderden zo niet duizenden kelen te hebben doorgesneden, zegt Nuon Chea dat als het niet hun eigen wens was om te doden er geen zonde bestaat. Dat er met of zonder die wens bijna twee miljoen mensen de dood vonden, vindt Broeder No. 2 ,,onfortuinlijk”.

Hoewel het bijzondere document inmiddels al een half jaar oud is, is de vertoning ervan een goede geheugensteun voor het belang van de processen tegen de verantwoordelijken van de genocide. Dat is helaas nodig omdat premier Hun Sen, zelf ooit een Rode Khmer-kaderlid, onlangs heeft opgeroepen om na een tweede proces, dat volgend jaar begint, te stoppen met de vervolgingen; de processen zouden leiden tot politieke instabiliteit.

Maar wat Enemies of the People laat zien is dat het botweg negeren van zo’n schokkend verleden nooit een oplossing kan zijn.

Floris-Jan van Luyn