Acht jaar cel voor jongste gevangene Guantánamo

Omar Khadr (24), de jongste gevangene op de Amerikaanse basis Guantánamo Bay, is gisteren door een militair tribunaal veroordeeld tot veertig jaar celstraf. Daarvan hoeft hij nog hoogstens acht jaar uit te zitten.

Het vonnis is gebaseerd op vijf aanklachten, waaronder steun aan terrorisme en moord op een Amerikaanse legerarts in Afghanistan in 2002.

Khadr, bijgenaamd ‘het kind van Guantánamo’ omdat hij sinds zijn vijftiende vastzit, dankt de strafvermindering aan een akkoord met de aanklagers: hij bekende vorige week schuld in ruil voor deze maximumstraf. Bovendien kan hij over een jaar overplaatsing aanvragen naar een gevangenis in zijn geboorteland Canada, waar hij mogelijk snel in aanmerking komt voor vrijlating.

Met het akkoord kon de Amerikaanse regering een omstreden militair proces voorkomen tegen een verdachte die minderjarig was toen de vermeende oorlogsmisdaden werden gepleegd. Mensenrechtenorganisaties zien Khadr als kindsoldaat – een slachtoffer van de omstandigheden, dat moet worden gerehabiliteerd en niet vervolgd.

De VS zijn het eerste westerse land sinds de Tweede Wereldoorlog dat een verdachte heeft veroordeeld voor oorlogsmisdaden gepleegd toen hij minderjarig was. Khadr werd in 2002 gevangengenomen door Amerikaanse militairen, na een vuurgevecht rond een basis van Al-Qaeda. Volgens zijn bekentenis heeft hij daarbij de granaat gegooid die het leven kostte aan de Amerikaanse arts.

Khadr was naar Afghanistan gebracht door zijn vader, een Egyptisch-Canadese vertrouweling van Osama bin Laden die in 2003 omkwam in Pakistan. Zijn familie woont in Toronto en staat bekend als ‘de Canadese Al-Qaeda-familie’.

Wegens de persoonlijke connectie met Bin Laden en de concrete aanklacht voor moord gold Khadr aanvankelijk als een topvangst en een geschikte kandidaat voor berechting in Guantánamo. De zaak werd een blok aan het been van de Amerikaanse regering toen Khadr werd aangemerkt als kindsoldaat.

Door zijn akkoord met de aanklagers kreeg Khadr uiteindelijk geen militair proces maar een hoorzitting om zijn straf te laten bepalen door een militaire jury. Die was niet op de hoogte van het akkoord. Zijn militaire advocaat noemde hem een tiener die was „misleid door zijn vader”. Volgens de aanklager „betekent dat niet dat hij niet moet worden gestraft. Hij is een terrorist.”

Een van de advocaten van Khadr toonde zich gematigd tevreden. „Dat het proces van een kindsoldaat is geëindigd met een schuldbekentenis in ruil voor uiteindelijke vrijlating in Canada, doet er niets aan af dat fundamentele rechtsprincipes en een eerlijk proces hier al lang niet meer aan de orde zijn.”

    • Frank Kuin