Kunst bovenop reclame

Wie wil zien hoe Rotterdam eruit ziet wanneer reclame in de publieke ruimte wordt vervangen door kunst, kan vandaag en morgen aan zijn trekken komen. Vanuit het Image Festival worden stadswandelingen georganiseerd waarbij een nieuw apparaat wordt ingezet: de Artvertiser.

De Artvertiser is een project van de Nieuw-Zeelanders Damian Stewart en Julian Oliver. De een is een kunstenaar gespecialiseerd in licht, geluid en elektronica. De ander een ‘kritische ingenieur’ die zich bezighoudt met augmented reality: manieren om met mobiele elektronica beelden toe te voegen aan de omgeving. In zijn huidige vorm is de Artvertiser een soort gecomputeriseerde verrekijker. Als je erdoor naar de omgeving kijkt, wordt over advertenties en logo’s kunst geplakt.

Hoe krijgt het apparaat dat voor elkaar? Via een videocamera komt het beeld van de werkelijkheid binnen in een ingebouwde computer. Die speurt permanent naar een collectie reclame-uitingen die op de nominatie staan om te worden vervangen. Deze collectie is door de makers samengesteld, staat op een geheugenkaart en is afhankelijk van de locatie waar ze optreden. Het apparaat wordt in de herkenning van de beelden getraind om de detectie betrouwbaarder te maken.

Als een bekende advertentie wordt gesignaleerd, volgt het vervangen door een van tevoren aangewezen beeld of video. Oliver en Stewart werken hiervoor samen met een aantal kunstenaars. De laatste stap in de Artvertiser is het weergeven van het aangepaste beeld op twee beeldschermpjes in het apparaat, voor de ogen van de gebruiker. Dit lukt snel genoeg om dit live te kunnen doen, ook als de gebruiker zelf beweegt.

Binnenkort kunnen kunstenaars hun beelden uploaden en laten weten welke reclame ze met hun werk willen vervangen. Als verschillende werken solliciteren naar één reclame-uiting, kan met een knopje op de Artvertiser voor een volgend beeld worden gekozen. Een aanplakbiljet wordt een scherm voor een diavoorstelling.

Wat vinden adverteerders hiervan? Oliver: „Eén schreef me dat dit wat hem betreft een misdrijf was, aangezien hij ervoor betaalde om mensen te kunnen bereiken. Een reclamebedrijf wilde onze techniek juist in licentie nemen omdat ze de interactieve kant op wilden.” Overigens heeft Oliver zijn technieken open source gemaakt: alles is vrij te gebruiken, onder bepaalde voorwaarden.

Herbert Blankesteijn