Australië laat omstreden strijders Uruzgan overkomen

Australië heeft in het geheim leden van een omstreden militie uit de Afghaanse provincie Uruzgan voor training overgevlogen naar Australië. Als onderdeel van een nieuwe strategie in de strijd tegen de Talibaan hebben zes strijders van de militie van krijgsheer Matiullah Khan vorige week getraind met Australische commando’s.

Dat heeft de commandant van de Australische strijdkrachten vandaag bevestigd, nadat The Sidney Morning Herald het nieuws had onthuld. De Afghaanse president Karzai heeft de Australische premier Gillard geprezen voor de samenwerking met „warlord-achtige types”, aldus de krant.

De invloedrijke Matiullah Kahn is veelvuldig beschuldigd van schending van de mensenrechten. Toen Nederland nog de leiding had over de militaire operaties in Uruzgan, mochten Nederlandse militairen van Den Haag geen contacten met hem onderhouden vanwege zijn gewelddadige verleden.

Bovendien wilde Nederland het officiële bestuur niet ondergraven door zaken te doen met een militie die de verdeeldheid tussen de stammen versterkte. Matiullah is de neef van oud-gouverneur Jan Mohammed, die in 2006 op aandringen van Nederland werd ontslagen maar nog altijd veel invloed heeft.

Ondanks de Nederlandse bezwaren bleek dat Matiullah Khan steeds meer taken op zich nam waar de Afghaanse overheid gaten liet vallen, zoals politietaken en bemiddeling bij conflicten tussen burgers. Veel geld verdient hij met beveiliging van konvooien die de NAVO-troepen bevoorraden.

Het Australische ministerie van Defensie, dat nu 1.550 militairen in Uruzgan heeft, zegt dat het belangrijk is om binnen „de culturele normen van Afghanistan” te werken. „Samenwerking met invloedrijke lokale leiders kan cruciaal zijn bij het verzekeren van veiligheid en stabiliteit”.

De zes strijders van Matiullah zullen na hun training in Australië zij aan zij met Australische commando’s de strijd aanbinden met de Talibaan. Analisten wijzen erop dat de samenwerking met de militie het vertrouwen van de bevolking in het democratische bestuur en de westerse troepen kan ondermijnen. „We vormen Afghanistan zo naar onze behoeftes op de korte termijn, en kijken niet naar wat het land op de lange termijn nodig heeft”, aldus Martine van Bijlert, van het Afghanistan Analysts Network.