De grote trek naar Centraal-China

Industriecentra in Centraal-China groeien nog harder dan Shanghai en Shenzhen aan de oostkust. Lonen zijn er laag en arbeidsmigranten zijn er in overvloed.

Zhang Mingtao (18) voelt zich bedonderd. Zijn leraar op de technische school had hem aangeraden werk te zoeken in een van de nieuwe fabrieken van HP (Hewlett-Packard Company) in Chongqing.

Hoef je niet meer, zo had zijn leraar beklemtoond, net zoals je vader, je ooms en je neven en miljoenen andere arbeidsmigranten, heel ver te reizen. De grote nationale en internationale productiebedrijven komen eindelijk onze kant uit. Je kunt hier net als aan de oostkust ook minstens 1.750 yuan (204 euro) per maand verdienen.

Mingtao (Schitterende Morgen) zucht en mokt: „Mijn leraar heeft gelogen. Het is waar, er zijn heel veel bedrijven gekomen, zoals HP. Maar de lonen zijn hier veel lager dan die van mijn vrienden in het oosten. Maar 600 yuan (70 euro) per maand en je krijgt pas na drie jaar opslag. Ik ben in een doodlopende straat terechtgekomen. Ik kap er mee.”

Met zijn vriendin Wang Ling Ling op schoot, zit Zhang Mingtao op een parkbankje te kniezen. ‘Wandeling in het Paradijs’ heet het winkelcentrum bij het tien vierkante kilometer grote fabriekscomplex van HP in Universiteitsstad, een voorstad van China’s grootste stad Chongqing.

Duizenden overwegend jonge arbeiders wonen hier in appartementencomplexen met namen als Elite Apartments, Golden Horizon of Tropicana. Onder een van de woontorens is een reusachtig vangnet gespannen. Zeventien arbeiders die de Chinese ‘Modern Times’ (Charlie Chaplin) niet aankonden, sprongen in Shenzhen uit het raam. Dat wil men in Elite Apartments voorkomen.

Zhang Mingtao gaat terug naar zijn 180 kilometer noordelijker gelegen geboortestad, maar Ling Ling blijft hier in Chongqing, een van de nieuwe motoren van de Chinese en daarmee ook de wereldeconomie. Zij mag zelfs niet eens naar huis komen van haar moeder, want de familie rekent op een deel van haar loontje.

Of het afscheid van Mingtao slechts tijdelijk is, betwijfelt Ling Ling. „Blijf toch”, smeekt zij hem.

Mingtao schudt zijn hoofd: „600 yuan voor 12 uur werken per dag, zes dagen per week. Pissen, roken of drinken mag niet langer dan drie minuten duren, ontbijten en lunchen niet langer dan een kwartier. Dit is een gevangenis. Ik ga terug naar school.”

Beslist geen domme gedachte, maar of hij daarna wel beter betaald werk zal vinden bij HP, of een van de vele andere ondernemingen die van de oostkust migreren naar centraal en westelijk China, is de vraag. Vergeleken met de oostkust liggen de lonen hier 20 tot 50 procent lager.

In Chinese industriecentra – Shanghai aan de monding van de Yangzi-rivier, Shenzhen aan de Parelrivier – bedragen de lonen op dit moment gemiddeld 1.348 yuan (157 euro) per maand, exclusief overwerk. Die lonen stijgen sinds 2007 met 12 tot 17 procent per jaar en bovendien worden de arbeiders steeds mondiger.

Dat fenomeen doet zich nog niet voor in Chongqing en andere industriële centra in het hart van China, waar de jonge arbeiders ook aanzienlijk docieler zijn dan hun assertievere lotgenoten aan de oostkust.

Vervolg Enorm aanbod goedkope werknemers pagina 14

Magneet van goedkope bedrijvigheid

Nieuwe schattingen van de internationale zakenbanken in Hongkong lopen uiteen van 70 tot 120 miljoen plattelandsjongeren, die werk zoeken dichter bij huis en genoegen nemen met lage lonen.

Het reusachtige aanbod van goedkope, geschoolde en ook hooggeschoolde arbeidskrachten in de Chinese binnenlanden is het belangrijkste motief voor bedrijven als wereldmarktleider HP om van Shanghai naar het 1.800 kilometer westelijker gelegen Chongqing te verhuizen.

„HP is Shanghai, dat we niet helemaal zullen verlaten, aan het ontgroeien. De lonen stijgen er snel en de ruimte om uit te breiden wordt steeds krapper, de oostkust raakt verstopt”, vertelt Tony Pro-phet, senior vicepresident van HP Personal Systems Group.

Maar er waren, vertelt Prophet, ook andere factoren die HP deden besluiten de nieuwe fabrieken niet te vestigen in Oost-Europa, Turkije, India of Vietnam, waar arbeid eveneens goedkoop is en zich ook groeiende afzetmarkten bevinden. „Wow” was zijn eerste reactie toen hij hoorde wat Chongqing allemaal bereid was te doen om HP „binnen te halen”. Telefonisch vanuit Palo Alto in Californië: „Als ik zeg dat de partijleiders van deze stad zeer pro-business zijn, dan is dat een understatement.”

Om te beginnen: voor HP werd het internationale vliegveld uitgebreid met twee banen, de tweebaansweg van Chongqing naar Universiteitsstad werd uitgebreid naar vier banen. Een hogesnelheidslijn is in aanbouw, evenals tien industrieterreinen voor de toeleveranciers. Op vijf kilometer van het bedrijfscomplex is een nieuwe technische universiteit verrezen. 500.000 jongeren studeren op het ogenblik aan de universiteiten van de stad.

Daarnaast kan HP gedurende vijf jaar gratis beschikken over het terrein en wordt de elektriciteit zwaar gesubsidieerd, waardoor de nutsrekening van het bedrijf 50 procent lager is dan in Shanghai. Volgens Chinese media heeft HP 3 miljard dollar in de nieuwe productiehallen geïnvesteerd en heeft Chongqing, met van de staatsbanken geleend geld, voor 20 miljard infrastructuur gebouwd.

Over de financiële risico’s van dergelijke projecten lijkt niemand zich veel zorgen te maken. „We gebruiken gewoon het geld van de volgende generatie om voor hen een fantastische toekomst te bouwen”, zei directeur Liu Yu van Chongqing’s Jiulongpo Industrial Park tegen de Chineestalige, digitale editie van de Financial Times.

Nauwkeurige berekeningen zijn nog niet beschikbaar, maar Chinese economen denken dat een substantieel deel van de 550 miljard dollar aan stimuleringsfondsen en de 1.500 miljard dollar aan bankleningen in Centraal-China is gebruikt voor de aanleg van nieuwe infrastructuur, nieuwe steden en industrieterreinen om grote internationale en Chinese ondernemingen tot migratie van de oostkust naar het westen bewegen.

Wang Jiangmao, hoogleraar aan de Chinese European International Business School (CEIBS) in Shanghai: „Tussen al deze steden en provincies is een enorme concurrentiestrijd gaande, die door Peking is goedgekeurd en wordt aangemoedigd. De ontwikkeling van Centraal- en West-China is namelijk essentieel voor de toekomstige groei van China.”

De eerste, kleinere toeleveringsbedrijven verlieten al in 2005 de oostkust, waar in dat jaar de prijzen van arbeid, grond en huisvesting begonnen te stijgen. Maar tijdens de economische crisis van 2008 en 2009 zijn ook HP, Dell, Hon Hai Precision Instruments, Haier, Gree, Sunning Appliance en honderden toeleveranciers in beweging gekomen.

„Bínnen de opkomende economie China is een nieuwe opkomende economie ontstaan. Dit is de belangrijkste economische ontwikkeling sinds de invoering van de markteconomie in 1978”, analyseert Wang. Niet alleen Chongqing profiteert daarvan, maar ook steden in de provincies Anhui, Hubei, Hunan en Sichuan.

Overal in deze eens doodarme provincies – Pearl S. Buck situeerde De Goede Aarde in Anhui – verrijzen nieuwe steden met reusachtige industrieterreinen die via vierbaanswegen, hoge snelheidslijnen en nieuwe vliegverbindingen aan elkaar worden gekoppeld. Hetzelfde gebeurt in het verre, noordwestelijke Xinjiang, waar voor 100 miljard dollar aan infrastructuur wordt gebouwd.

In Centraal- en West-China groeit de economie daardoor sneller (12 tot bijna 20 procent per jaar) dan het landelijke gemiddelde van 9 procent en zijn er in deze provincies 45 miljoen nieuwe banen gecreëerd. Volgens een rapport van het Statistisch Bureau van Chongqing is er tussen 2008 en 2010 voor 140 miljard euro aan productiecapaciteit verplaatst van de oostkust naar Centraal- en West-China.

Het voorbeeld van HP werd onmiddellijk gevolgd door het Dell Computers, dat in september aankondigde de komende tien jaar 100 miljard dollar te investeren in nieuwe fabrieken in Chengdu, de hoofdstad van Sichuan.

Dat is een verviervoudiging van de investeringen (23 miljard) die het Texaanse bedrijf tot nu toe in China heeft gedaan. Ook de partijbazen van Chengdu lieten nieuwe vliegvelden, treinverbindingen, wegen en voorsteden aanleggen ten behoeve van de nieuwkomers. Er komt ook een luchtbrug tussen Chengdu en Austin in Texas.

Met HP, Dell en andere grote namen – Intel in Chengdu bijvoorbeeld – verhuizen ook toeleveringsbedrijven mee. „Het gaat niet om een bedrijf, zoals in ons geval, maar om de hele productieketen. Daar zitten grote voordelen aan op het gebied van kostenbeheersing en kwaliteitscontrole”, legt HP-topman Prophet uit.

In de nabije omgeving van HP in Chongqing worden tien industrieparken aangelegd waar zich de leveranciers van alle denkbare pc-onderdelen zullen vestigen, tot de makers van het verpakkingen aan toe. Brede lanen, gescheiden door bloemperken en rijen jonge platanen, palmen en acacia’s verbinden de terreinen met elkaar. Vrachtwagens met betonmortel, glas en staal, en busjes met gehelmde arbeiders rijden af en aan.

Borden in het Chinees en het Engels met de tekst ‘Metropolis Chongqing, the new Silicon Valley’ hangen bij afslagen naar Universiteitsstad – een eerbetoon aan Bill Hewlett en Dave Packard, de oprichters van HP en de grondleggers van het echte Silicon Valley.

De in veertien maanden gebouwde HP-fabriek zelf bestaat uit twee kolossale blokkendozen met los- en laadbordessen, productieruimten, kantoren en kantines. Iedere versiering of franje ontbreekt. Op de roomwitte muren binnen hangen uitsluitend dienstmededelingen.

Fabrieksmanager Harry Xu vertelt dat in de komende drie jaar de productie zal worden uitgebreid van één naar drie miljoen pc’s en laptops per jaar. In die periode zullen hier ook centra voor software en wereldwijde klantenservice worden gevestigd worden. Uiteindelijk, over een jaar of tien, zal HP hier 20 miljoen en mogelijk 90 miljoen bureau- en schootcomputers per jaar maken.

Vicepresident Prophet en manager Xu denken dat HP op middellange termijn niet alleen heel China, de VS en Azië vanuit Chong-qing bedient, maar ook Europa. „Chongqing ligt dichter bij Europa dan Shanghai. De trein is goedkoper dan een vliegtuig, een schip of een vrachtwagen”, zegt Propeth met een zeker gemak, alsof tussen deze stad aan de Yangzi-rivier en de Oost-Europa geen 8.000 kilometer Centraal-Azië ligt.

Feit is dat er plannen zijn om het Chinese netwerk aan hogesnelheidslijnen uit te breiden naar het westen van China en vervolgens naar Kazachstan en Rusland. De onderhandelingen zijn al begonnen. „Dit is Chongqing. Dit is China, vergeet dat niet. Hier is alles mogelijk, woorden worden in daden omgezet”, zegt de Chinees-Amerikaanse Xu, terwijl wij over de glanzende, belijnde vloeren langs de productielijnen met honderden werkers lopen.

De jongens dragen marineblauwe werkpakken, de meisjes spijkerbroeken en paars-grijze jacks. Niet het logo van HP, maar van Foxconn is op de uniformen genaaid. Geen van de werknemers, op managers als Harry Xu na, is feitelijk in dienst van HP.

Allemaal hebben zij contracten met de grootste leverancier van arbeid in China, Foxconn, een dochterbedrijf van het Taiwanese Hon Hai Precision Instruments, dat ook iPhones, iPads, Nokia’s , Nintendo-gameboys en platte tv’s maakt. Alle personeelszaken zijn door HP, Dell, Apple en hun Chinese partners uitbesteed.

Een van de Foxconn-huurlingen bij HP is Zhou Yu (24). Hij is verantwoordelijk voor de juiste configuraties van de pc’s en laptops, die via websites van winkelketens in China en de VS zijn besteld. Liefst vandaag nog zegt hij zijn contract op, vertelt hij na afloop van zijn twaalfurige dienst.

Zhou Yu werkte tot afgelopen zomer bij een Chinese elektronicaproducent in Shanghai, maar zijn alleenstaande moeder in een dorp bij Chongqing miste hem, ze werd er zelfs ziek van. Toen zij op tv had gezien dat HP en andere bedrijven naar Chongqing kwamen, had zij hem onder druk gezet om dichter bij huis werk te zoeken.

Zijn moeder kon er niet meer tegen dat zij hem maar een keer per jaar, tijdens het Chinese Nieuwjaarsfeest, zag. Op die manier was zij haar man, ook een arbeidsmigrant, kwijtgeraakt aan een andere vrouw. Het gemis van haar zoon woog zwaarder dan zijn teruggang in loon. Een goede Chinese zoon heeft dan weinig keus.

Als Zhou Yu met zijn vrienden kaart en bier drinkt, krijgen op het plein voor Elite Apartments pasgerekruteerde werkers een militaire training van Foxconn-instructeurs. Ze moeten, voordat zij de HP-fabrieken ingaan, leren marcheren, halt houden en keren. „Dat is om jongeren aan te leren naar orders te luisteren en die heel precies uit te voeren. Belachelijk, maar het is verplicht anders krijg je geen contract”, snuift Zhou Yu.

Hij vertelt dat iedere arbeider behalve het arbeidscontract ook een verklaring moet tekenen waarin staat dat Foxconn niet verantwoordelijk is als hem iets overkomt of als hij zelfmoord pleegt. „Pffff, wwoaa, dat hoef je niet doen, want je gaat hier gewoon dood van verveling. Ik heb heimwee naar Shanghai, waar ik een veel meer verdiende en uit kon gaan”, schampert Yu.

Na een slok uit de groene fles: „Als je naar het centrum van de stad wil, zit je twee uur in de bus. Het enige wat je hier kunt doen is werken, eten en slapen – werken, eten en slapen. Is dit leven een Wandeling in het Paradijs?”