Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Politie, recht en criminaliteit

Amina Haroun durft niet meer alleen door Malmö

Een onbekende schutter heeft het gemunt op willekeurige allochtone inwoners van het Zweedse Malmö. „Angstaanjagend is dat ik niet weet wanneer hij zal toeslaan.”

Amina Haroun lijkt voor de duvel niet bang, gezien het gemak waarmee ze uit de bus springt, haar moeder en tante over een druk kruispunt loodst, de regen trotseert, tegelijk door een telefoon tegen haar neef tettert en de volgende bus aanhoudt.

Maar Amina, die twintig jaar geleden in Somalië werd geboren en negentien jaar in het Zuid-Zweedse Malmö woont, vreest voor haar leven. Haar huid is donker, het haar zwart. Dus durft ze ’s avonds niet naar buiten. Overdag verplaatst ze zich nooit alleen. Met vrienden praat ze alleen nog over de sluipschutter die het op immigranten zou hebben gemunt.

„Het meest angstaanjagend is dat ik niet weet wanneer hij zal toeslaan en wie het is. Misschien zat ik net naast hem in de bus. En waarom duurt het zo lang voor ze hem pakken? Schietende bendeleden arresteert de politie binnen twee weken.” Misschien is het een overheidscomplot, zegt Amina Haroun, terwijl ze haar ogen wijd open spert. „Misschien willen de raciale krachten in Zweden dat wij voortaan binnen blijven.”

Malmö lijkt het decor van een thriller. Ingrediënten: een lijk, acht gewonden, een sluipschutter met een raadselachtig patroon, een klopjacht door de politie en guur weer. Maar anders dan in de klassieke Zweedse misdaadromans zoals die van Sjöwall en Wahlöö en van Henning Mankell is er voorlopig geen garantie op een afgerond verhaal.

De politie vermoedt dat een man verantwoordelijk is voor zo’n twintig beschietingen verspreid over Malmö, met als overeenkomst de allochtone komaf van bijna alle slachtoffers. De politie denkt te weten wat de schutter drijft. Vreemdelingenhaat.

Amina’s moeder – een ronde vrouw met bonte hoofddoek en pretogen – gelooft het niet. Het is gewoon een gek, zegt ze. „In dit politieke klimaat komen de dwazen uit hun holen.” Bang is ze ook niet. God bepaalt immers wanneer ze naar de volgende wereld gaat. En tijdens de oorlog in Somalië, die ze in 1991 ontvluchtte, heeft ze wel voor heter vuren gestaan.

Toch knijpt ze ’m als haar vier thuiswonende kinderen niet zoals afgesproken voor zessen binnen zijn. Vandaag houdt ze haar dochter dicht bij zich. Een andere immigrant van Somalische afkomst werd een paar weken geleden immers op klaarlichte dag neergeschoten, twee bushaltes verderop.

Vorige week volgden de beschietingen elkaar opeens in rap tempo op. Dinsdagavond werden binnen enkele uren drie mannen neerschoten, woensdag opnieuw twee. Donderdag werden twee vrouwen in hun woning via het keukenraam geraakt. Vrijdag zou een onbekende schutter een schot op een fietser hebben gelost, dat miste.

Vervolg Malmö: pagina 4

‘Malmö kon op zo’n sluipschutter wachten’

De politie in Malmö heeft inmiddels hulp gezocht bij de collega’s in Stockholm die in 1992 John Ausonius, alias ‘de laserman’, oppakten – nadat hij een Iraniër had vermoord en tien anderen had verwond. De laserman, die een levenslange celstraf uitzit, had extreem-rechtse sympathieën. Mogelijk kopieert de sluipschutter van Malmö hem.

Een andere analogie dringt zich op. In 1991, toen de Ausonius met zijn laserpistool begon te schieten, werd de populistische anti-immigratiepartij Nieuwe Democratie met bijna 7 procent van de stemmen in de Riksdag gekozen. De laserman zou onder invloed van die partij tot zijn daden zijn gekomen, bleek uit de strafzitting. Vorige maand haalden de Zweden Democraten, een anti-immigratiepartij met neonazistische wortels, met bijna 6 procent van de stemmen voor het eerst de kiesdrempel. Partijleider Jimmie Åkesson vatte zijn credo in de campagne bondig samen: „De problemen in Zweden beginnen bij de immigranten.”

Het gezin Haroun woont in een saaie flat in een zwarte wijk in Malmö. Tweederde van de inwoners van Rosengård is van allochtone komaf – ze komen uit Irak, Libanon, voormalig Joegoslavië of Somalië. Amina houdt van haar wijk. Iedereen kent elkaar, zegt ze, en dat voelt veilig. Ook al zijn er soms schietpartijen tussen een ex-Joegoslavische en een Afrikaanse bende. De werkloosheid bedraagt bijna 50 procent. Afgelopen jaar relden allochtone buurtjongeren tegen de politie. Ze staken auto’s en winkels in brand en schreeuwden antisemitische leuzen.

In wittere wijken komt Amina minder graag. Zweden noemt ze „zeer racistisch”. Toen ze eens met haar zus in het Somalisch kletste in de bus, draaide een vrouw zich woest om en blafte: ‘Koppen dicht, stomme immigranten’. Soms krijgt ze zomaar een middelvinger. Dat Amina net een bevoegdheid heeft gehaald om economie te geven op middelbare scholen en goed geïntegreerd is, doet er nu niet toe. Het gaat de sluipschutter om haar kleur.

Toch zijn ook blonde Zweden angstig. Het enige dodelijke slachtoffer was immers een autochtone Zweedse, die naast haar donkere vriend in de auto zat. Vrouwen die ’s avonds met de trein uit Kopenhagen naar het station van Malmö reizen laten zich daar oppikken door een broer, vader, geliefde of een taxichauffeur die ze kennen. De politie krijgt veel vals alarm. Mensen horen opeens schoten die er niet zijn. De straten zijn ’s nachts leger dan gebruikelijk.

Ook Omar (28) gaat ’s avonds niet naar buiten. Maar dat komt vooral door het barre weer. Overdag kijkt Omar, die „voor de zekerheid” niet met zijn achternaam in de krant wil, wel af en toe over zijn schouder. Het is een nieuwe gewoonte. Maar met hem is het niet zo erg gesteld, zegt hij, als met zijn vrienden die op internet kogelvrije vesten hebben besteld. Aan Zweden ligt het niet, meent de Albaniër die al 23 jaar in Rosengård woont. „Zweden heeft het beste sociale stelsel van Europa. En de meeste Zweden zijn heel aardig.” Dat er nu discussie is over het immigratiebeleid vindt hij terecht. „We nemen te veel mensen op.”

De gevestigde partijen zwegen in de recente verkiezingscampagne over dit thema – uit angst de Zweden Democraten in de kaart te spelen. De centrum-rechtse minderheidsregering, die samenwerking met Åkessons partij weigert, heeft wel voorzichtig maatregelen aangekondigd om immigranten te dwingen Zweeds te leren.

Ik ben niet zo naïef als de politici, zegt onderwijzer en geboren Zweed Henrik Jern (60), terwijl hij in Malmö op de trein wacht die hem veilig naar een dorp verderop zal brengen. Hij kent de statistieken uit zijn hoofd. Immigranten begaan dubbel zo vaak kleine overtredingen als autochtone Zweden, zegt Jern, en vijfmaal zo vaak zware misdrijven als moord, verkrachting, overvallen. De overheid wil dit niet bevestigen, maar Jern zag het met eigen ogen, zegt hij, toen hij nog in een gevangenis werkte. „Overal in Europa zie je dezelfde problemen met migranten. Je kon op zo’n sluipschutter wachten. ”