De vrijwilliger als nutteloze toerist

Honderden jongen doen na hun eindexamen werk als vrijwilliger in het buitenland.

Een goede ontwikkeling of de verspilling van duizenden euro’s aan inefficiënte hulp?

Olifantenasiel in Thailand. Foto Mario Weigt / Anzenberger THAILAND / Chiang Mai Province / Mae Taeng Valley / 2010 / Elephant Nature Park / Tourists bath the pachyderms in the Mae Taeng River. Daily bath for the animals is important for cooling and to wash off the parasites. Thai conservationist Sangduen Chailert (49) well-known nicknamed Lek (means small) has a huge heart for elephants. In 1995, Sangduen Lek Chailert started with the Elephant Nature Park on the Mae Taeng River, north of Chiang Mai. In this natural refuge, over 30 elephants can stroll freely around under control of their mahouts during the day. At the Elephant Nature Park and Elephant Haven, Lek and volunteers, mahouts and veterinarians, all take care of the elephants which abuse by the owners or have suffered injuries. After treatments and successful healing, Sangduen Chailert brings the animals to Elephant Haven, a retirement home, where the animals can wander around unhindered by chains, fences and the rules of men. © Mario Weigt / Anzenberger Uit serie: Olifantenasiel in Thailand (37x)
Olifantenasiel in Thailand. Foto Mario Weigt / Anzenberger THAILAND / Chiang Mai Province / Mae Taeng Valley / 2010 / Elephant Nature Park / Tourists bath the pachyderms in the Mae Taeng River. Daily bath for the animals is important for cooling and to wash off the parasites. Thai conservationist Sangduen Chailert (49) well-known nicknamed Lek (means small) has a huge heart for elephants. In 1995, Sangduen Lek Chailert started with the Elephant Nature Park on the Mae Taeng River, north of Chiang Mai. In this natural refuge, over 30 elephants can stroll freely around under control of their mahouts during the day. At the Elephant Nature Park and Elephant Haven, Lek and volunteers, mahouts and veterinarians, all take care of the elephants which abuse by the owners or have suffered injuries. After treatments and successful healing, Sangduen Chailert brings the animals to Elephant Haven, a retirement home, where the animals can wander around unhindered by chains, fences and the rules of men. © Mario Weigt / Anzenberger Uit serie: Olifantenasiel in Thailand (37x)

Gaat jouw net afgestudeerde nichtje dit jaar ook aidswezen in Zuid-Afrika helpen? Ben jij na je eindexamen naar Thailand gegaan om gehandicapte kinderen te helpen? Het is booming business: vrijwilligerswerk voor westerse jongelui. In september zitten vliegtuigen vol met 18-jarigen op weg naar India, Tanzania, Ghana of Brazilië om de wereld te gaan verbeteren. Duizenden euro’s worden betaald aan westerse bemiddelingsbedrijfjes voor het vinden van een geschikt project. Grootouders, ooms en tantes, buren of oppasgezinnen springen bij om te sponsoren. Niemand doet moeilijk over het hoge bedrag, want iedereen vindt het fantastisch dat hun oogappeltje de arme kindjes ver weg gaat helpen.

Als tijdelijke onderbreking van mijn studie geneeskunde ben ik voor een periode van tien maanden afgereisd naar Namibië. Via een tropenarts ben ik in contact gekomen met een weeshuis in Windhoek. Hoewel ik was voorbereid op een cultuurshock, was de grootste shock de confrontatie met mijn collega-vrijwilligers.

Via het Duitse bemiddelingsbureau ‘World Intern’ werkten er maar liefst 15 vrijwilligers naast 5 vaste stafleden in een huis met 26 baby’s. ’s Ochtends zaten ze gefrustreerd op de bank met een kind op schoot omdat er niets te doen was en ’s middags waren ze vrij. Om de tijd de doden werden er fotosessies met de kinderen belegd; met een druk op de knop ‘gedropt’ op Facebook, zodat het thuisfront kon meegenieten van het hoge schattigheidsgehalte. Omdat ik voor een lange periode bleef, kreeg ik van de manager de taak om deze situatie te veranderen.

De bemiddelingsbedrijfjes leveren ‘gratis’ werknemers aan weeshuizen en ondertussen steken ze het geld na aftrek van kosten in eigen zak. En zijn deze ‘jonge jongeren’ eigenlijk wel een hulp? Hebben zij een project iets te bieden, terwijl ze voor het eerst van hun leven verlost zijn van het ouderlijk gezag en zonder enige kennis van het land, de cultuur en de problemen vertrekken? Kortom, is deze hype een positieve ontwikkeling of zijn we duizenden euro’s aan inefficiënte hulp aan het verspillen?

Vanaf 16 jaar kan je zonder enige ervaring via Projects Abroad werken bij een van hun 140 projecten verspreid over de hele wereld. Afhankelijk van de bestemming kost dit voor een maand tussen de 1700 en 2300 euro. Voor dit bedrag mag je bij een project naar keuze werken, zijn accommodatie, eten en transportservice van het vliegveld inbegrepen en wordt er gezorgd voor lokale begeleiding. Ticket, visum en inentingen zijn voor eigen rekening. Activity International en WLS International bieden projecten aan voor vrijwilligers vanaf 18 jaar. Zij zijn iets goedkoper, met prijzen tussen de 800 en 1500 euro voor vier weken. Ook hier zijn ticket en visum voor eigen rekening.

Voorbereiding op het vrijwilligerswerk reikt vaak niet verder dan een bijeenkomst of een informatieboek. Volgens de organisaties is meer niet nodig, want bij de projecten worden de vrijwilligers begeleid door lokale stafleden. Helaas loopt de lokale begeleiding niet altijd gesmeerd. Anders dan in het Westen word je in Derde Wereldlanden vaak niet verwelkomd door een supervisor, die je houdt aan een dagschema met taken, verplichtingen en werktijden.

Lokale werknemers kijken nog altijd vaak op tegen blanken. Gewend aan driehonderd jaar onderdanigheid durven ze niet snel een westerling aan het werk te zetten. Dit had in Windhoek tot gevolg dat de meeste vrijwilligers hun werkdag vulden met het doelloos spelen met de kinderen. Niet alleen in Windhoek, maar in ieder ander ontwikkelingsproject is assertiviteit nodig om jezelf nuttig te maken op je nieuwe werkplek aan de andere kant van de evenaar. Helaas ontbreekt dit bij veel jonge, onvoorbereide vrijwilligers.

De verwachte rol als levensredder, wereldverbeteraar of moeder Theresa valt al snel in duigen. Vrijwilligers raken gefrustreerd omdat ze het idee hebben dat ze niets bijdragen aan het project. Om hun tijdelijk verblijf ver van huis toch nog optimaal te benutten wordt dan maar uitgebreid de tijd genomen voor bezoekjes aan de rest van het land en het lokale uitgaansleven. Bovendien is de missie nooit helemaal nutteloos, want veel jongeren gebruiken deze levenservaring om op hun cv te zetten. Terecht of onterecht worden vrijwilligers nog steeds gezien als ambitieuze, hardwerkende mensen met het hart op de juiste plaats. In plaats van vrijwilligerswerk kunnen we eigenlijk beter spreken van vrijwilligerstoerisme.

De projecten zijn niet altijd even blij met deze gratis werknemers. Toch blijven ze iedereen met open armen ontvangen. Dit is puur uit financieel belang, aangezien veel vrijwilligers geld of middelen doneren. Voor de bemiddelingsbureaus is het pure business; zij leveren vrijwilligers zolang er vraag en aanbod is. Daardoor zijn er in het hoogseizoen te veel en in het laagseizoen soms helemaal geen vrijwilligers. Zo wisselde het aantal in Windhoek van vijftien vrijwilligers naar periodes met één vrijwilliger. Door de grote schommelingen in kwaliteit en kwantiteit van vrijwilligers is het voor een project bijna onmogelijk hen nuttig in te zetten.

De huidige situatie leidt tot frustratie bij zowel de vrijwilligers als de projecten, terwijl de bemiddelingsbureaus er goed op verdienen. Ondanks het feit dat vrijwilligers wel degelijk ook leuke herinneringen aan hun tijd in het buitenland overhouden, komen ze vaak gedesillusioneerd terug met het idee dat hun geld en intenties niet juist zijn benut. Anderzijds: als de projecten emanciperen en beter samenwerken met de bemiddelingsbureaus, zou er ook een verbetering kunnen optreden.

De projecten zouden hun werknemers zelf moeten selecteren en niet andersom. Het bureau moet vrijwilligers naar vraag leveren, niet naar aanbod. Een kleine investering in de voorbereiding en lokale begeleiding zou van de goede intenties iets vruchtbaars kunnen maken. Geld en goed gemotiveerde vrijwilligers zijn er genoeg, dus uit de grote vijver van wereldverbeteraars moeten de projecten vissen wie ze nodig hebben.

En de rest teruggooien.

Rectificaties / gerectificeerd

Correcties & aanvullingen

De auteur van het artikel De vrijwilliger als nutteloze toerist (26 oktober, pagina 22) heet Steffie Heemelaar, niet Hemelaar.