Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Cultuur

Schurende tonen van Meester Jan

Zeven jaar werkte het Gesualdo Consort aan het Sweelinck Monument: een verzameling van zeventien cd’s met Jan Pieterszoon Sweelincks vocale muziek. „Hier maak je de wereld een beetje beter mee.”

Het Gesualdo Consort. Foto Sjaak Ramakers
Het Gesualdo Consort. Foto Sjaak Ramakers

Strenge blik, puntbaard, dophoed, witte kraag: het portret van Sweelinck – ooit afgebeeld op het bankbiljet van 25 gulden – oogt vertrouwd als een verre voorvader. Het conservatorium in Amsterdam heette naar Sweelinck, zijn kop siert het Amsterdamse Concertgebouw, zijn torso staat in de Oude Kerk en er zijn scholen, een orgelprijs en straten in minstens tien steden naar hem vernoemd. Jan Pieterszoon Sweelinck is de grootste componist die Nederland ooit kende. „Alleen Louis Andriessen komt in internationale reputatie misschien een beetje in de buurt”, zegt bas Harry van der Kamp.

Verbaasd was hij dus dat van Sweelincks verzamelde vocale werken, in contrast met de naam en faam van zijn instrumentale muziek, nooit eerder opnamen verschenen. „Raar, toch? Maar goed, het ís ook een kluif.”

Een liefdeswerk is het, het Sweelinck Monument dat Van der Kamp oprichtte met zijn zes medezangers van het Gesualdo Consort. Alle 254 vocale werken werden samengebracht, opgenomen en voorzien van doorwrochte maar prettig geschreven toelichtingen over de ‘Orpheus van Amsterdam’, zijn tijd en zijn context. Koningin Beatrix nam het voltooide Monument bestaande uit zeventien cd’s verdeeld over zes boekjes woensdag in ontvangst in de Amsterdamse Oude Kerk, Sweelincks levenslange werkplek en ook de plaats van zijn graf.

Het Gesualdo Consort werkte zo’n zeven jaar aan het Sweelinck-project. Niet meegerekend: de eerdere poging die Van der Kamp – als jong zanger voor Sweelinck ontvlamd – begin jaren negentig deed tot eenzelfde project. Ook niet meegerekend: jaren voorbereiding en fondsenwerving. Wel meegerekend: een onderbreking van twee jaar toen hoofdsponsor Muziekgroep Nederland werd opgeheven. „We moesten geld terugstorten. Dat was erg vervelend.”

Via via kwam Van der Kamp in contact met de filantropische Noaber Foundation van de gereformeerde familie Baan – bekend van het vermaarde voormalig softwareconcern. „Daar vond men ook: dit moet gebeuren. Ze deelden mijn gevoel dat je de wereld hier een beetje beter mee maakt. Ik hoefde geen enkele concessie te doen aan de opzet die me voor ogen stond.”

Van der Kamp benaderde verschillende cd-labels in Nederland, „met name die waarbij je een zeker animo verwacht.” De keus viel uiteindelijk op het Spaanse Glossa, waar ook het Orkest van de Achttiende Eeuw opneemt. „Een kwestie van liefde”, bromt Van der Kamp. „Zij waren meteen enthousiast. ”

Na de luxe, in oranje boekjes gebonden editie die in gelimiteerde oplage verschijnt voor de Nederlandse markt, volgt nog een internationale editie in grotere oplage. De instrumentale muziek komt later. Van der Kamp neemt de boekjes met zichtbaar plezier in de hand. „Ze voelen lekker. En ze passen niet in een gewone cd-kast. Dat dwingt je het Sweelinck Monument ook een bijzondere plaats te geven.” De jaren van opnemen, het geneuzel met cd-bazen „over een millimeter meer of minder” en „waarom dit nou eigenlijk allemaal nodig is” – ze zijn alweer bijna vergeten. „Nu hebben we tenminste een volledig overzicht van Sweelincks muziek. Dat verdient hij.” En wie weet, komt ook het door velen verlangde standbeeld naast de Oude Kerk er in het Sweelinckjaar 2021 dan alsnog.

Het Sweelinck Monument is uitputtend. Deel 1 (drie cd’s) is er voor de wereldlijke muziek. Daar hoor je een jonge Sweelinck in de Chansons, rijk aan frivool kaatsende stemimitaties in – bij voorbeeld – Vostre amour est vagabonde. Italiaanse madrigalen (onbegeleide, meerstemmige vocale werken op wereldlijke tekst) schreef Sweelinck weinig, maar het ontroerende, zesstemmige Chi vuol veder op tekst van Petrarca laat met vernuftige woordschilderingen horen dat dat een kwestie was van niet willen, niet van niet kunnen.

„Sweelinck was een echte madrigalist”, beaamt Van der Kamp. „Alleen uitte hij dat niet in madrigalen, maar in zijn psalmzettingen; dat zijn in feite gewoon geestelijke madrigalen.”

De 150 psalmbewerkingen, samen goed voor twaalf cd’s, vormen de kern van het Sweelinck Monument. Om de creatieve kracht ervan scherper te doen uitkomen, klinken steeds eerst de eenstemmige basismelodieën uit het Geneefse Psalter (zoals nog steeds in protestantse gemeenten gezongen), gevolgd door Sweelincks polyfone bewerkingen. Een karaokeversie van Sweelincks omgang met psalm 74 op de site van het project (www.jpsweelick.nl) laat je de rijkdom van de bewerking zelfs aan den lijve ervaren. Van der Kamp: „Sweelinck schildert de woorden. Bij negatieve begrippen als ‘cruelté’ schuren de dissonanten je trommelvlies. Ik denk ook dat hij het keurslijf van de vaste psalmmelodieën als componist juist heel aantrekkelijk en uitdagend vond; het dwong hem tot maximale inventiviteit.”

Je vraagt je af hoe de subtiliteit van deze muziek destijds klonk, toen Sweelinck haar zelf uitvoerde met zijn collegium van welgestelde amateurs. „Sweelinck was tevreden met ze, dus zullen ze toch minstens behoorlijk goed hebben gezongen”, vermoedt Van der Kamp. „Het zangonderwijs was destijds uitstekend. Maar ik denk ook dat hij blij was dat zijn muziek überhaupt werd gezongen. Sweelinck was bescheiden van aard. Anderzijds wist hij ook wat hij wilde. Improviseren op zijn noten, daar hield hij niet van. Wat hij schreef was perfect, daar kon je nauwelijks iets anders van maken.”

Behalve bescheiden was Sweelinck ook honkvast. Hij werkte zijn leven lang als organist van de Oude Kerk in Amsterdam, ligt aldaar begraven en kwam slechts eenmaal buiten Nederland. Zijn reputatie reisde mee met de handelsmannen uit zijn collegium. Van der Kamp: „In een stadje diep in Oost-Pruisen besloten ze een talentvolle jongen voor verder onderwijs naar Amsterdam te sturen. De notulen van de raadsvergadering spreken dan slechts van ‘Meester Jan’. Iedereen wist dat daarmee Sweelinck in Amsterdam werd bedoeld.”

Sweelincks collegium bestond uit mannelijke amateurs, het professionele Gesualdo Consort heeft twee vrouwen in de vaste bezetting. Aan de authenticiteit doet dat weinig af. De grootste uitdaging was het treffen van echte zuiverheid, zegt Van der Kamp. „Wij zijn zo gewend aan een getempereerde stemming, we vinden iets al snel zuiver. De zuiverheid van de stemming uit Sweelincks dagen moet je echt leren voelen.” Hij glimlacht; als het lukt, is dat een groot geluk. „Een reine terts die precies past – dat is iets heel moois. Dan treedt er een wonderlijk soort stilte op.”

Het Sweelinck Monument verscheen bij Glossa, € 243. De delen zijn ook los verkrijgbaar, www.jpsweelinck.nl. Het Gesualdo Consort zingt hoogtepunten uit Sweelincks vocale oeuvre: 22/10 (Deventer, Penninckshuis), 23/10 (Maastricht, St. Janskerk), 24/10 (Amsterdam, Muziekgebouw).www.oudemuziek.nl