De staatssecretaris houdt niet van zware boeken

Zou een nieuwe minister van Defensie het aandurven aan het begin van zijn ambtsperiode afkeer te belijden van wapens of uniformen? Zou een nieuwe minister van Volksgezondheid op zijn website onthullen dat hij geen bloed kan zien en de geur van ziekenhuizen haat? Vermoedelijk niet.

Wie als politicus een bepaald gebied als verantwoordelijkheid overneemt, streeft er over het algemeen naar een zekere affiniteit daarmee voor te wenden.

Met de nieuwe staatssecretaris voor Cultuur van het kabinet ligt dat kennelijk anders. Zijn biografie op de website van de VVD bevat een passage waarin Halbe Zijlstra zijn afkeer uitspreekt over wat hij ‘zware boeken’ noemt. De boutade gaat als volgt: „Lezen ? Ik lees graag maar houd niet van al te zware boeken, dat soort leeswerk heb ik al genoeg binnen mijn politieke dossiers. Mijn favoriete schrijvers zijn Robert Ludlum, Tom Clancy, Geert Mak, Tolkien, Dan Brown en James Clavell.”

In zijn eenvoud is deze onthulling wel een beetje schokkend. Moeten wij werkelijk aannemen dat de nieuwe staatssecretaris voor cultuur schrijvers als, pakweg, Vestdijk of Grunberg of Frantzen op één lijn stelt met de beleidsnota's over de volksgezondheid, waarmee Zijlstra zich als Kamerlid de afgelopen jaren bezighield? En zo ja, moet iemand hem dan niet eens uitleggen wat literatuur is, of kunst in het algemeen?

Men gunt de nieuwe staatssecretaris zijn voorkeur voor populaire succesromans natuurlijk van harte. Maar de manier waarop Halbe Zijlstra hier zijn afkeer van het intellectuele belijdt, is óf het resultaat van verregaande onwetendheid, óf politieke pedanterie: rot op met je moeilijke boeken, als ik lees heb ik recht op verstrooiing.

Toegegeven: de portefeuille cultuur is hem natuurlijk bij verrassing toebedeeld. Vorige week werd op deze plaats nog geschreven dat niet hij, maar de CDA-minister zelf cultuur zou doen. Tijdens het constituerend beraad van het nieuwe kabinet, toen CS net ter perse ging, kwam de minister alsnog tot andere gedachten. De portefeuille cultuur is voor een politicus altijd een lastige, al was het maar omdat de kunstwereld zo welbespraakt is bij het oppositie voeren.

Natuurlijk: de VVD wil op veel terreinen graag de PVV de wind uit de zeilen nemen. Maar zou dat ook gelden voor de anti-intellectuele inslag van de PVV, die kunst en cultuur maar moeilijk en elitair gedoe vindt? Dat kan haast niet echt de bedoeling zijn bij een fatsoenlijke politieke partij als de VVD. Het is één ding andere ideeën te hebben over kunstsubsidie en te willen bezuinigen. Maar een ander om daarbij een denigrerende toon aan te slaan.

raymond van den boogaard