Pfizer moet met deals verlies van Lipitor zien op te vangen

Pfizer staat voor een groot probleem als zijn best verkopende geneesmiddel, het cholesterolverlagende Lipitor, volgend jaar zijn patentbescherming verliest. De overeenkomst die het farmacieconcern heeft gesloten om pijnbestrijdingsspecialist King Pharmaceuticals voor 3,6 miljard dollar (2,58 miljard euro) over te nemen, moet een deel van de verloren omzet compenseren. Beter nog, de waarde van veronderstelde synergievoordelen moet de premie van 1 miljard dollar ruimschoots kunnen dekken.

Pfizer heeft geprobeerd zijn afhankelijkheid van Lipitor terug te dringen door te groeien op terreinen als de dierengezondheidszorg, biotechmedicijnen en voeding. Maar het belang van de blockbuster voor het bedrijf betekent dat dit een lastige opgave is. Pfizer heeft in 2009 voor 11,4 miljard dollar van het middel verkocht, dat in het tweede kwartaal van dit jaar nog steeds meer dan 16 procent van de totale concernomzet voor zijn rekening nam. Daar zullen vanaf begin volgend jaar grote happen uit verdwijnen als in diverse landen de patentbescherming afloopt. Het grootste deel van de resterende omzet van Lipitor vervliegt waarschijnlijk in 2012, als goedkopere generieke versies de Amerikaanse markt met volle kracht zullen overspoelen.

De omzet van King – 1,8 miljard dollar in 2009 – zal slechts voor een deel kunnen vervangen wat Pfizer kwijtraakt. Maar de productlijn van King zal de grote verkoopmachine van Pfizer van diverse nieuwe medicijnen voorzien. En het concern denkt op z’n minst voor 200 miljoen dollar (143 miljoen euro) te kunnen bezuinigen. De nettowaarde van deze besparingen na belastingen bedraagt wellicht 1,2 miljard dollar.

De prijs lijkt op grond van andere maatstaven eveneens redelijk. Pfizer koopt King voor 2,2 maal de omzet. Dat is een korting van ongeveer 25 procent ten opzichte van soortgelijke recente transacties. Bovendien biedt de aankoop van King groeipotentieel. Het bedrijf verkoopt en ontwikkelt opiaten, die moeilijker te misbruiken zijn dan degenen die momenteel op de markt zijn, omdat ze niet zo snel door het lichaam kunnen worden opgenomen. Hoewel de toezichthouder, de U.S. Food and Drug Administration, aarzelt om deze nieuwe geneesmiddelen te bevorderen, wordt hij geconfronteerd met politieke druk om iets te doen aan het opiatenmisbruik. Dat kan betekenen dat er muziek zit in de toekomstige omzet.

Pfizer heeft in de laatste tien jaar regelmatig kleinere concurrenten opgekocht en daarmee kosten bespaard. De beurskoers van het concern is in dezelfde periode echter zo’n beetje gehalveerd. De aandelen worden nu verhandeld op een niveau van ongeveer acht maal de geschatte winst voor 2012 – het jaar waarin het verlies van Lipitor het hardst zal aankomen. Dat zorgt ervoor dat de aandelen goedkoop lijken in vergelijking met die van branchegenoten en de markt als geheel. Maar het pessimisme van beleggers kan overdreven blijken als de firma verstandige overeenkomsten kan blijven sluiten.

Robert Cyran