Spuiten en slikken?

Van de profvoetballers en topamateurs gebruikt 27,5 procent op wedstrijddagen pijnstillers of ontstekingsremmers. Dat bleek deze week uit een onderzoek. Hoe moet dit probleem worden opgelost?

Harm Kuipers, bewegingswetenschapper en oud-wereldkampioen schaatsen: „Als het gebruik van pijnstillers medisch gerechtvaardigd is, is het opmerkelijk dat zoveel spelers ze nodig hebben. Afhankelijk van de oorzaak moet er echt iets gebeuren met de medische begeleiding in het algemeen. Het kan ook zijn dat pijnstillers uit voorzorg worden gebruikt. Dat vind ik onverantwoord. Pijnstillers zijn potentieel gevaarlijk. Indien voorzorg de voornaamste oorzaak is van veelvuldig gebruik, moet de voorlichting worden verbeterd. Clubartsen kunnen daarin een rol spelen. Volgens mij kunnen zij voetballers het beste bereiken.”

Danny Hesp, voorzitter spelersvakbond VVCS en voormalig profvoetballer: „De berichtgeving is wat overtrokken. Het lijkt nu of iedere speler thuis een pot met pillen heeft waaruit hij onbeperkt kan slikken. Het gebruik van pijnstillers gaat altijd in overleg met een fysiotherapeut. Daarom schuilt daar ook niet zoveel gevaar in. Ik heb zelf gevoetbald. Nadat ik mijn been had gebroken nam ik voor elke wedstrijd een pilletje. Dat ging altijd in overleg met de fysiotherapeut en volgens mij is die controle alleen maar beter geworden. Er hoeft dus niets te worden opgelost.”

Edwin Goedhart, clubarts Ajax: „Mensen die niets met de topsport hebben te maken, kunnen schrikken van dit percentage. Als je weet hoe en waarom pijnstillers worden gebruikt in het voetbal, valt het allemaal wel mee. Spelers gebruiken pijnstillers niet continu maar alleen rondom wedstrijden. Wanneer medicatie op een goede manier wordt gebruikt, treden nauwelijks tot geen bijwerkingen op. Incidenteel gebeurt het dat een geblesseerde speler gevraagd wordt zijn werk te doen en dus moet spelen. Om een speler op wedstrijdniveau te brengen, passen we fysiotherapie toe, laten we hem met bandages spelen en gebeurt het ook wel eens dat we hem pijnstillende middelen geven. Ik kan me niet herinneren dat daarmee ooit iets fout is gegaan.”

Rob Wielaert, voetballer Roda JC Kerkrade: „Wanneer je pijn hebt, vertellen clubartsen dat je met pijnstillers of ontstekingsremmers kunt spelen. Ik speel liever met een beetje pijn, want je weet nooit wat die middelen voor uitwerking hebben op de lange termijn. Als het zonder pijnstillers niet gaat, moet je niet spelen. Misschien verstrekken doktoren soms te makkelijk pijnstillende middelen. Ik weet niet of daar iets aan te doen is, uiteindelijk blijft een speler zelf verantwoordelijk voor de gebruikte middelen.”

Dick van Toorn, fysiotherapeut, stoomde geblesseerde Arjen Robben klaar voor WK: „Ik ben ervoor om voetballers een dag of vier ontstekingsremmers voor te schrijven bij blessures, aangezien een ontsteking het herstel van blessures in de weg staat. Maar wanneer spelers ontstekingsremmers slikken, is het uit den boze dat ze wedstrijden spelen. Ontstekingsremmers beïnvloeden de motoriek en verminderen de reactiesnelheid. Spelen met pijnstillers kan alleen als een blessure vrijwel genezen is maar af en toe nog een beetje pijn doet. Maar wanneer blessures niet goed genoeg zijn genezen, is spelen met pijnstillers slecht. Het spiergevoel wordt beïnvloed waardoor een grotere kans op extra blessures ontstaat. Ik heb spelers gekend die voor elke wedstrijd een spuitje kregen. Wesley Sneijder geeft dat zelf bijvoorbeeld ook aan. Daar komen problemen van. Ik vind dat er actie moet worden ondernomen en clubartsen zijn daar verantwoordelijk voor.”

Rinus Israël, ex-profvoetballer en oud-trainer: „Als de cijfers kloppen, lijkt mij dat geen gezonde situatie. Ik heb altijd gesukkeld met mijn knieën en ook wel injecties gehad, maar ik kan me niet herinneren dat ik ooit met pijnstillers heb gespeeld. Injecties zijn ook niet ‘je van het’ maar ik heb daar weinig nadelige gevolgen van ondervonden. Dokters moeten spelers tegen zichzelf in bescherming nemen. Ik denk niet dat voetballers weten wat de gevolgen op lange termijn zijn. Maar misschien moeten spelers ook wel een wat hogere pijngrens hebben.”