Eruit! Maar namens wie eigenlijk?

Eigendom is een voorwaarde voor ontwikkeling, en het gebrek daaraan verhindert een groot deel van de bevolking in de Derde Wereld om uit de armoede te klimmen. Dat was tien jaar geleden Hernando de Soto’s baanbrekende analyse in zijn boek The Mystery of Capital.

Als je al generaties in een huis woont, maar nergens is wettelijk vastgelegd dat het daadwerkelijk van jou is, dan is dat huis als kapitaal waardeloos. Je kunt er geen hypotheek op nemen om zo geld vrij te maken en te investeren, zoals veel westerse ondernemers aan hun eerste kapitaal komen.

Het wettelijk vastleggen van eigendom was dan ook een van oplossingen voor het ontwikkelingsprobleem, die de Peruaanse econoom suggereerde. Misschien dat Nederlandse banken die analyse nog eens zouden moeten doorlezen. Niet uit bewogenheid met de armoede in de wereld, maar uit eigenbelang. Een toenemend aantal rechters in de Verenigde Staten, zo bleek gisteren, stelt zich op achter huiseigenaren die door hun bank worden onteigend.

Dat zijn er nogal wat: sinds 2007, aan het prille begin van de kredietcrisis zijn er in de VS al 2,3 miljoen gezinnen uit hun huis gezet, omdat zij achterbleven bij het betalen van hun hypotheek. Alleen al dit jaar, zo is de verwachting, worden het er een miljoen.

Maar degenen die terugvechten doen dat met steeds meer succes. Want is de bank of financiële instelling die de uitzetting beveelt wel de rechthebbende op het onderpand? Hier wreekt zich de complexiteit van het financiële systeem op een onverwachte wijze. Amerikaanse hypotheken werden doorverkocht, gebundeld, op de markt gebracht, versneden en nog eens gebundeld, om tenslotte als collateralized debt obligation (CDO) of iets soortgelijks op te duiken op de balans van banken en investeerders. Ook in Europa, en ook in Nederland.

In de haast om zo snel mogelijk zoveel mogelijk geld te verdienen is het papierwerk echter zwaar verwaarloosd. Zo valt soms slechts met grote moeite te achterhalen wie de eigenaar van de hypotheek, en dus de rechthebbende op het onderpand, nu eigenlijk is. De geringste onduidelijkheid wordt nu door advocaten van huiseigenaren aangegrepen om uitzetting op zijn minst uit te stellen.

Nu is de jurisprudentie op dit gebied nog in ontwikkeling, en de zaak kan nog in het voordeel van de financiers uitvallen. Maar als dat niet gebeurt, dan heeft de financiële sector, en daarmee elke bezitter van een versneden Amerikaanse rommelhypotheek, er een heel groot probleem bij.

Maarten Schinkel