OM eist maximale straf voor moord op Dirk Post

Het Openbaar Ministerie (OM) in Lelystad heeft gistermiddag de hoogst mogelijke straf van een jaar jeugddetentie en maximaal zes jaar ‘jeugd-tbs’ (PIJ-maatregel) geëist tegen de nu 16-jarige Jaap van der H.

Hij wordt verdacht van moord op de 14-jarige Dirk Post uit Urk. Post werd 18 november 2009 dood aangetroffen in een bos vlak buiten Urk. Hij is door messteken om het leven gebracht.

Van der H. had aanvankelijk ontkend iets met de dood van Post te maken te hebben. Maar in september verklaarde hij tegenover de politie dat hij Post inderdaad heeft gedood. Gisteren gaf hij dat in de rechtbank in Lelystad nogmaals toe, aldus het Openbaar Ministerie. Die zitting vond achter gesloten deuren plaats, omdat Jaap van der H. nog steeds minderjarig is.

Over het motief van de verdachte kan geen eensluidende conclusie worden getrokken, meldt het Openbaar Ministerie. „Er zijn meerdere motieven genoemd in het dossier.”

Volgens de advocaat van Van der H., Ilse van der Meer, zijn de toen 15-jarige verdachte, het slachtoffer en twee medeverdachten (toen respectievelijk 12 en 13 jaar) op 17 november 2009 samen het Urkerbos ingegaan om geesten op te roepen.

Daarbij zou Post iets „heel persoonlijks” hebben gezegd over een vriendin van Van der H., waardoor de verdachte een woedeaanval kreeg, aldus zijn advocaat. Van der H. wilde Post slaan, maar bleek ineens een mes in zijn hand te hebben, stelt de advocaat. De verdachte had dat mes volgens haar die dag gebruikt voor een schooltentamen ‘netten boeten’. Van der H. heeft verklaard dat de twee jongens die erbij waren, daarna zijn gevlucht.

Het OM vindt de verdachte verminderd toerekeningsvatbaar en acht moord bewezen. Volgens persofficier Machiel Vink heeft Jaap van der H. vooraf gezegd dat hij plaatsgenoot Dirk Post om het leven wilde brengen, en er meerdere momenten zijn geweest waarop hij zich had kunnen bedenken.

De advocaat van Van der H. meent dat er geen sprake is van voorbedachte rade. Van der H. heeft gehandeld in een opwelling, zegt ze. „Hij was zo boos, hij was niet in staat zichzelf onder controle te houden.”

Haar cliënt wil geen tbs, hij wil worden behandeld op vrijwillige basis. „Hij worstelt met het occultisme. Hij heeft daar hulp bij nodig”, aldus de advocaat. Volgens haar zijn de meningen verdeeld over de vraag of sprake is van een stoornis.

Vandaag staan voor de rechtbank in Lelystad, ook weer achter gesloten deuren, de twee medeverdachten uit Urk terecht.

De uitspraak is over twee weken.