België is nog geen Griekenland of Ierland

De financiële markten beginnen het vertrouwen te verliezen in de Belgische economie. Zeker nu een nieuwe regering nog steeds op zich laat wachten.

Een werknemer van de Opel-fabriek in Antwerpen. General Motors meldde maandag dat de fabriek voor het einde van het jaar sluit. Foto AFP A worker sits at the Opel factory in Antwerp, on October 4, 2010. General Motors Europe announced that they did not find a takeover candidate and the factory will be closed before the end of the year. AFP PHOTO FILIP CLAUS
Een werknemer van de Opel-fabriek in Antwerpen. General Motors meldde maandag dat de fabriek voor het einde van het jaar sluit. Foto AFP A worker sits at the Opel factory in Antwerp, on October 4, 2010. General Motors Europe announced that they did not find a takeover candidate and the factory will be closed before the end of the year. AFP PHOTO FILIP CLAUS AFP

De toestand, vindt de koning van België, is ernstig. L’heure est grave. In een communiqué van het paleis stond gisteren dat de demissionaire regering van de christen-democraat Yves Leterme „het maximale” moest doen om het „economische en sociale welzijn” van de inwoners van België te beschermen – in de lange periode die het land nog wacht zonder echte regering.

Het was de leider van de Vlaams-nationalistische partij N-VA, Bart De Wever, die begin deze week een eind maakte aan de maandenlange onderhandelingen over een nieuwe regering. De teller stond weer op nul, zei hij. Hij wilde de onrust bezweren door steun te beloven aan de demissionaire Leterme.

Maar veel hielp het niet. Het vertrouwen van de financiële markten in België vermindert. De spread, het verschil in rente dat België moet betalen voor zijn schuld in vergelijking met landen als Duitsland en Nederland, was vorige week al groter geworden. En gisteren opnieuw. De rente op Belgische staatsobligaties met een looptijd van tien jaar, steeg tot 3,15 procent.

Dat is bij lange na nog niet zo dramatisch als eerder bij Griekenland en Ierland. Het Belgische Agentschap van de Schuld legde vorige week wel meteen uit dat de financiële markten vinden dat er nu eens een nieuwe regering moet komen in België. Voor de uitgegeven staatsobligaties zou er volgens analisten elk jaar een ‘politieke impasseboete’ betaald moeten worden van 2,3 tot 3,4 miljoen euro per jaar.

De directeur strategie van het Agentschap, Jean Deboutte, had het vooral over het onbegrip van beleggers buiten de eurozone. „Hoe verder die beleggers van ons verwijderd zijn”, zei hij in de Vlaamse zakenkrant De Tijd, „hoe minder ze ervan snappen, hoe zenuwachtiger ze worden.” Deboutte zegt nu, na het nieuws over de formatie die nóg langer zal duren, dat de kans groter wordt op „paniekerige” reacties op de financiële markten – ook van serieuze beleggers, op de lange termijn. Hij denkt wel dat België nog tijd heeft. Een paar maanden misschien. „Als het een tijdelijk fenomeen is.”

Eerst waren het in België vooral politici die zich er druk over maakten. Als er niet snel een nieuwe regering kwam, zei de leider van de Waalse socialisten Elio Di Rupo al eerder, zou België daar economisch onder gaan lijden. Burgers waren laconiek, óók economen en ondernemers. Het land draait wel door. Wallonië, Vlaanderen en Brussel hebben zelf ook regeringen, met veel bevoegdheden.

Maar nu de spread groter wordt, neemt de bezorgdheid toe. Ondernemers willen dat er maatregelen komen om nieuwe bedrijvigheid te stimuleren. Er zouden ook drieduizend banen dreigen te verdwijnen bij veiligheids- en preventieprojecten, omdat er geen beslissingen worden genomen over subsidies.

Voor het buitenland, zegt de Vlaamse econoom Geert Noels, hoort politieke instabiliteit bij de couleur locale van België. „Elke politieke crisis is more of the same.” Dat is niet mooi natuurlijk, maar volgens hem ook niet meteen heel erg. Noels denkt ook, zoals veel Vlamingen, dat het land na een nieuwe staatshervorming efficiënter bestuurd zal worden – omdat de bevoegdheden van de federale staat en de gewesten nu soms te veel uit elkaar lopen, elkaar juist in de weg zitten of, zoals het hier wordt genoemd, een pervers effect hebben. Regio’s krijgen minder geld van de federale overheid als ze hun werklozen aan een baan helpen. Noels denkt: nu even doorzetten, dan gaat het straks beter met de Belgische economie. Maar hij zegt ook wat steeds meer ondernemers zeggen: „Het moet natuurlijk niet te lang gaan duren.” En nu gaat het, zo goed als zeker, wel lang duren.

„Alle ogen zijn gericht op de navel van de federale politiek”, zei Luc De Bruyckere, voorzitter van het netwerk van Vlaamse ondernemingen VOKA, eind vorige maand in een toespraak in Brussel. „Maar de wereld raast door.”

Hij durfde er, zei hij daarna in een vraaggesprek, niet aan te denken dat de onderhandelingen over een nieuwe regering weer zouden mislukken. Er waren dringend beslissingen nodig over de 25 miljard die België zou moeten bezuinigen om de overheidsfinanciën op orde te krijgen. „We kijken jaloers naar Nederland, waar zelfs de demissionaire regering van Balkenende durfde beslissen over een besparing van 3 miljard.”

De Belgische staatsschuld komt dit jaar uit op circa 99 procent. Het begrotingstekort bedraagt in 2010 vermoedelijk 5 procent van het bbp. Vorig jaar was het tekort 6 procent. Ter vergelijking: in Nederland is de staatsschuld dit jaar naar verwachting 66,3 procent en het begrotingstekort 6,3 procent.

„We zijn onze geloofwaardigheid in het buitenland aan het verliezen”, zegt Vincent Reuter, van de ‘Union Wallonne des Entreprises’. „Multinationals nemen bij nieuwe investeringen beslissingen voor jaren. Dat we nu nog niet meteen iets merken, zegt weinig. Uiteindelijk betalen we voor wat er nu gebeurt. Helaas.”

Na de verklaring van De Wever dat de gesprekken over een nieuwe regering „vanaf nul” moeten beginnen, zegt Luc De Bruyckere van VOKA dat de vertraging „natuurlijk erg is”. „Dit zal het financiële imago van België geen deugd doen.” Maar hij begrijpt De Wever wel. Vlaanderen, zegt hij, wil meer fiscale autonomie. Vlaanderen wil dat de deelstaten het vóélen als ze slecht beleid voeren. „Dat lag nog niet op tafel.”

Vincent Reuter van het Waalse ondernemersverbond vindt dat de N-VA verantwoordelijk is voor de extra kosten die België nu moet betalen voor zijn schuld. „Ik weet niet”, zegt hij ook, „of er een Belg is die je kan vertellen hoe erg deze situatie is. Ik denk wel dat het de grootste crisis is tot nu toe. Omdat het voor het eerst ook over het verdwijnen van België gaat.” Nooit eerder, zegt hij, werd dat zo vastberaden nagestreefd als nu door de N-VA. „Maar of het einde van België dichterbij gekomen is? Niemand weet het. Het zou wel economisch slecht zijn voor iedereen.”