Helderziende tussen de dementerenden

Als ‘societyparagnost’ adviseerde hij prinses Irene, Neelie Kroes en Willem Holleeder. Nu is Willem Manus opgesloten in een verpleeghuis. Ten onrechte, zeggen zijn vrienden.

Waar is Wolf Manus? Op 8 september jongstleden haalde justitie Oscar Friedrich Maximilian Manus, geboren in 1922, op van zijn schuiladres in Overveen. Zijn huidige verblijfplaats houdt het Openbaar Ministerie (OM) stil.

Zorginstelling Cordaan in Amsterdam bevestigt dat Manus op een gesloten afdeling is. Later zegt dezelfde woordvoerder „geen mededelingen” te doen over cliënten. Volgens vriendin Coby Vleut bevindt hij zich in Cordaan-verpleeghuis De Die, in Amsterdam.

Maandag besloot de kantonrechter dat hij daar moet blijven. Gisteren stelde SP-Kamerlid Renske Leijten vragen over Wolf Manus aan de ministers van Volksgezondheid en Justitie.

Wie is Wolf Manus? Dat wisten zelfs zijn vrienden niet, tot anderhalf jaar geleden. Zij kenden hem als Max Delphi, schrijver van astrologische rubrieken in Het Parool, Libelle en Margriet. Ook kenden zij hem als Wolf Roesink en Wolf Roesink Jobst. Dat is de familienaam van zijn moeder waaronder hij decennialang, tot oktober 2008, in Amsterdam een praktijk voerde als ‘societyparagnost’. Veel bekende Nederlanders raadpleegden hem, van prinses Irene en haar dochter Margarita tot modeontwerpers Frank Govers en Max Heymans en actrices Ank van der Moer en Conny Stuart. Van eurocommissaris Neelie Kroes tot de vermoorde vastgoedman Willem Endstra, de onlangs veroordeelde Jan-Dirk Paarlberg en de beruchte Willem Holleeder.

Om Manus is sinds maart dit jaar veel te doen. Toen sloegen zijn vrienden – een twintigtal, onder wie Paarlberg – alarm en verschenen de eerste verhalen in De Telegraaf. De krant publiceerde op servetjes genoteerde kreten om hulp van Manus. De paragnost zou ten onrechte en tegen zijn wil verpleegd worden op een gesloten afdeling voor dementerenden in een tehuis van Cordaan. Hij zou weliswaar in de war zijn geweest, maar nu weer helder van geest zijn. En hij zou vermogend zijn. Daarom werd hij geïsoleerd van zijn vrienden. Dwangverpleging komt volgens die vrienden degenen die uit zijn op zijn vermogen goed uit.

Sociaal-psychiatrisch verpleegkundige Gerda Krediet, die een dossier samenstelde over de zaak, is ook van mening dat Manus ten onrechte wordt geïsoleerd van zijn omgeving. Zij acht hem slachtoffer van ouderenmishandeling.

Het waren waarschijnlijk vrienden die Manus op 18 juli meenamen uit de Buitenhof, een Cordaan-filiaal in Buitenveldert. Het OM heeft onderzoek ingesteld naar twee verdachten, die kunnen worden veroordeeld tot maximaal vier jaar cel. Ze brachten Manus naar een pension in Overveen, waar hij naar eigen zeggen „gelukkig” was.

Drie weken geleden werd hij opgehaald door het OM. Omdat, zegt de persofficier van het Amsterdamse parket, „conform een rechterlijke machtiging een mentor over meneer Manus beslist en omdat het pension in Overveen niet is toegerust op zijn verzorging”.

De persofficier ontkent dat het Amsterdamse parket de bijna 88-jarige paragnost heeft opgehaald uit Overveen „met een overmacht van achttien man” zoals beweerd is. Het waren er zestien, zegt hij. Volgens hem gingen bovendien niet alle zestien, maar „maximaal” tien man het pension binnen.

De strijd tussen de vrienden en justitie begon in januari 2009. Manus had de hulp ingeroepen van zijn 81-jarige vriend H. van Tienen bij de afwikkeling van de nalatenschap van zijn net overleden zus. Van Tienen trof hem thuis op de grond aan, verward. Het VUmc ontdekte een bacteriële infectie in de hersenen. Hij kreeg antibiotica en knapte op, hoewel de infectie pas een jaar later helemaal verdwenen was.

Op grond van de Wet bijzondere opneming psychiatrische ziekenhuizen werd besloten om Manus, die geen kinderen of verdere familie heeft, onder te brengen op de gewraakte afdeling voor dementerenden van Cordaan. De kantonrechter stelde Van Tienen aan als mentor en bewindvoerder. Later werd een maatschappelijk werker mentor en kwam er een professioneel bewindvoerder.

Vrienden en oud-cliënten als Yde Lansen en Coby Vleut, projectontwikkelaar te Zandvoort, beschuldigden Van Tienen ervan uit te zijn op Manus’ geld. Die sprak op zijn beurt in het maandblad Psy over „dat stelletje hyena’s dat achter het geld van Manus aanzit”.

Volgens Coby Vleut heeft Manus „in elk geval” zeven ton op zijn rekening staan. Niet alleen was hij enig erfgenaam van zijn zus, die een topfunctie bekleedde in het bedrijfsleven, hij zou zelf ook bemiddeld zijn en kostbare schilderijen bezitten. Lansen noemt nog een ander motief voor de „onverklaarbare detentie” van Manus: „Hij weet te veel. Hij had zowel het Koninklijk Huis als de onderwereld onder zijn cliëntèle. Kopstukken in de Nederlandse samenleving zouden bang kunnen zijn dat hij gaat praten.”

Mentor Paul Legebeke weigert commentaar op de beschuldigingen uit de vriendenkring, „met het oog op de privacy van mijn cliënt”. Volgens zijn richtlijnen wordt het bezoek aan Manus onderworpen aan een streng regime. Er is een lijst met toegestane en ongewenste bezoekers. Er mag nooit meer dan één persoon tegelijkertijd bij Manus zijn.

Lansen zegt dat personeel gesprekken heeft opgenomen. „Er mogen blijkbaar geen getuigen zijn, en zij komen intussen met wel drie man om je heen staan. Ook vragen ze die arme, zogenaamd demente man ’s avonds wel hun de toekomst te voorspellen.”

Volgens Cordaan is het geschetste beeld „onherkenbaar”.

Tijdens de bijna twee maanden dat Manus in vrijheid verkeerde, gaf hij enkele tekenen van leven. Er is een video waarin hij een coherent gesprek voert met een onbekende vrouw en waarin hij, op het oog helder van geest, oproept hem met rust te laten. De video, vorige week ook uitgezonden door tv-programma EenVandaag, is te zien op YouTube. Manus’ helderheid van geest was al bevestigd door een op verzoek van de vrienden opgesteld rapport van psychiater K. Mengelberg.

Toch oordeelde de rechter deze week dat hij moet blijven waar hij is. Advocate Lidy Trompetter diende namens Manus het verzoek tot ontslag uit de Cordaan-vestiging in. Volgens de vrienden heeft zij zich onvoldoende ingespannen.

Trompetter wil niet ingaan op de geestestoestand van haar cliënt. Wel zegt ze: „Je kunt van iemand die een gebroken arm heeft, niet zeggen dat hij geen gebroken arm heeft.”