Een bewoonbare plek in de Melkweg

Een verre planeet die dicht bij zijn moederster staat is geschikt voor het ontstaan van leven. In de Melkweg moet het wemelen van zulke planeten.

Een artistieke impressie van de planeet Gliese 581g; de wolken en het water zijn niet waargenomen, maar zouden er best kunnen bestaan. Impressie Lynette Cook This undated handout artist rendering provided by Lynette Cook, National Science Foundation, shows a new planet, right. Astronomers have found a planet that is in the Goldilocks zone _ just right for life. Not too hot, not too cold. Not too far from its sun, not too close. And it is near Earth _ relatively speaking, at 120 trillion miles. It also makes scientists think that these examples of habitable planets are far more common than they thought. (AP Photo/Zina Deretsky, National Science Foundation)

Of het er aangenaam wonen is? Amerikaanse onderzoekers hebben bij een verre ster een planeet ontdekt die zich middenin de ‘bewoonbare zone’ bevindt. Dat wil zeggen: niet zo dicht bij de ster dat het er kokendheet is. En ook niet zo ver er vandaan dat water en andere vloeistoffen er permanent tot ijs zijn gestold. In principe geschikt voor het ontstaan van leven dus. Maar of er werkelijk leven gedijt?

„Over eventueel leven op deze planeet weten we helemaal niks”, zegt Ignas Snellen. Hij leidt als universitair hoofddocent het Leidse onderzoek naar planeten bij verre sterren – ‘exoplaneten’. „We kunnen alleen zeggen dat we denken dat op deze exoplaneet vloeibaar water aanwezig kan zijn.” En dát is een cruciale voorwaarde voor het ontstaan van leven.

De nieuwe exoplaneet draait rondjes van 37 dagen om de ster Gliese 581 in het sterrenbeeld Weegschaal op 20 lichtjaar van de aarde. Bij Gliese 581 waren eerder al vier andere planeten gevonden. Twee daarvan lagen op het randje van de bewoonbare zone: eentje net op de ‘hete’ grens, de andere juist aan de koude kant.

De nieuwe exoplaneet ligt er tussenin en staat veel dichter bij zijn moederster dan de aarde bij de zon staat – de afstand is ongeveer eenzesde van de afstand aarde-zon. „Alleen zo vangt de planeet genoeg licht en warmte”, zegt Snellen. „De moederster is namelijk een rode dwerg die honderd keer zwakker straalt dan de zon. Het licht op de planeet zal ook veel roder zijn dan op aarde.”

Uit berekeningen volgt dat de planeet waarschijnlijk altijd dezelfde zijde naar zijn moederster keert. Net zoals de maan altijd haar zelfde gezicht aan de aarde toont. Daardoor zou de ene kant (de sterzijde) ervan erg heet zijn. En de andere kant, die voor altijd in de schaduw ligt, juist erg koud.

„Maar dat hóéft niet”, zegt Snellen. „De planeet is vrij zwaar, 3,5 keer zo zwaar als de aarde, en zal dus een stevige atmosfeer vasthouden. Het zou kunnen dat daarin, net als op Venus, zware winden waaien die de warmte verdelen.”

De Amerikanen komen uit op een gemiddelde tempratuur van tussen de -30 en -10 graden Celsius. Zoals een zomerdag op de Zuidpool. Snellen: „Maar als de dampkring erg dicht is, kan het zomaar een stuk warmer zijn.”

Wat nu? Zo snel mogelijk op zoek naar aanwijzingen voor leven? „Dat is nou juist in het geval van deze planeet niet mogelijk”, zegt Snellen.

Stel, legt hij uit, dat buitenaardse wezens onze aarde in het vizier zouden hebben. Dan zouden ze leven herkennen aan de gelijktijdige aanwezigheid van zuurstof en methaan in de dampkring. „Als die gassen niet worden aangevuld vernietigen ze elkaar in chemische reacties. Dat ze op aarde wél voorkomen komt doordat planten voortdurend zuurstof maken en koeien methaan, zeg maar.”

Jammer genoeg is het, door de hoek waaronder de verre planeet bij Gliese 581 staat, nou net niet mogelijk om de atmosfeer ervan onder de loep te nemen.

Toch noemt Snellen de vondst ‘heel spannend’. „Natuurlijk, we hebben intussen 500 exoplaneten ontdekt en de meetinstrumenten zijn alsmaar beter geworden. Je kon er dus op wachten dat we zo’n planeet ín de bewoonbare zone zouden vinden. Maar dat we hem zo dichtbij aantreffen, maakt het toch heel bijzonder.”

Dat vinden de Amerikanen zelf ook. „Als dit gebied representatief is, dan moet het in de Melkweg wemelen van de exoplaneten in de bewoonbare zone”, schrijven ze in hun paper dat binnenkort in The Astrophysical Journal verschijnt.