Een steen in de vijver van het Mediapark

Wie de verhoudingen in Hilversum een beetje kent, kan alleen maar bewondering hebben voor het lef van Henk Hagoort, voorzitter van de raad van bestuur van de Nederlandse Publieke Omroep (NPO), om een steen in de vijver van het Mediapark te werpen. Luid kwakend vlogen de eenden meteen alle kanten op.

In een stuk op de opiniepagina van de Volkskrant en in persoon bij Pauw & Witteman (VARA) deed Hagoort een paar voorstellen die al te drastische Haagse ingrepen de wind uit de zeilen zou kunnen nemen, maar die haaks staan op de onaantastbaarheid van de ambities van elke afzonderlijke publieke omroep.

De timing is strategisch, aan de vooravond van de totstandkoming van een kabinet, waar CDA-lid Hagoort gisteren tussen neus en lippen door zei geen voorstander van te zijn. Maar niet omdat zo’n regering met gedoogsteun van de PVV minder dan ooit geneigd zal zijn het huidige bestel de hand boven het hoofd te houden.

Praktisch sinds de komst van de radio in 1923 hebben parlementaire meerderheden van confessionelen en socialisten de macht van aan de politieke zuilen gelieerde omroepen met hand en tand verdedigd. Het pleidooi van de hoogste omroepbaas om het aantal zendgemachtigden drastisch te verminderen is niet nieuw. Er wordt al morrend gepraat over fusies van bijvoorbeeld VARA en BNN, en van TROS, MAX en WNL. Maar de crux zit in het morrelen aan een ander Haags-Hilversums axioma: dat een breed bekeken publiek televisiebestel slechts kan overleven bij de gratie van zo hoog mogelijke marktaandelen. En die kun je alleen bereiken door de commerciële zenders op hun eigen terrein te beconcurreren, met sport en plat amusement.

En nu zegt die Hagoort zomaar dat er drastische keuzes moeten worden gemaakt, en hij noemt zelfs programma’s als Bananasplit (TROS) en Wie van de drie? (MAX), die misschien minder goed bij de publieke taak zouden passen.

Met welk recht, snateren de eenden, neemt die man miljoenen kijkers hun favorieten af?

Het is het recht van de verdediger van te lang verwaarloosde publieke waarden. Die televisiehits kunnen net zo goed bij RTL of SBS terecht. De NPO zou er wel wat kijkers door verliezen, maar ook afgehaakte teleurgestelden mee kunnen terugwinnen.

Het voorstel is nog geen BBC-model en aan de desondanks reeds geopperde centrale redacties voor documentaire, drama, kunst en cultuur kleven in dit stadium nog nadelen. Programmamakers dreigen dan afhankelijk te worden van de grillen van één enkele hoofdredacteur. Daar valt op den duur mee te leven, mits die niet alleen aan kijkcijfers hoeft te denken.