Duimen PVV omhoog bij zo veel bezuinigen

De PVV gaf een voorproefje van haar gedoogbeleid bij het debat over de begroting van 2011. Vijf minuten spreektijd is genoeg.

Een eigenaardige situatie was het wel, gistermiddag in de plenaire zaal van de Tweede Kamer. Terwijl elders de puntjes op de i werden gezet in een regeer- en een gedoogakkoord van een nieuwe regering, debatteerde het parlement over de begroting van het vertrekkende kabinet.

Niettemin is het lang tijd geleden dat zulke ingrijpende miljardenbezuinigingen centraal stonden op de jaarlijkse Algemene Financiële Beschouwingen. Het ging ergens over. En het gaf bovenal een eerste indruk van hoe VVD en PVV zich als de nieuwe bezitters van regeringsmacht politiek opstellen.

Oppositiepartijen die van onconventionele samenwerking met een minderheidskabinet dromen, kwamen van een koude kermis thuis. VVD-parlementariër Frans Weekers zei op voorhand dat er nu niets veranderd kan worden aan de begroting van ChristenUnie en CDA, een Miljoenennota die nauw afgestemd is met het aankomende kabinet van VVD en CDA, gedoogd door de PVV. Hij zei „de politieke ruimte” te missen om nu te tornen aan de voorgestelde begroting omdat die rechtstreeks samenhangt met de plannen van het nieuwe kabinet. Weekers: „Vandaag spreek ik namens de grootste oppositiepartij en misschien ook wel namens de meest loyale oppositiepartij.”

„Een devaluatie van de Tweede Kamer”, noemde SP’er Ewout Irrgang die opstelling. Hij sprak van „minachting van het parlement”. PvdA’er Ronald Plasterk constateerde dat „de coalitie van de angst nu al regeert”.

Weekers’ houding deed denken aan de manier waarop toenmalig CDA-fractievoorzitter Pieter van Geel begin vorig jaar een zwaar uitonderhandeld, aangepast regeerakkoord presenteerde: de oppositie, zei hij, kon er geen letter aan veranderen. De toen nog negenkoppige PVV-fractie verliet demonstratief het Huis van de Democratie.

Ditmaal sloegen de twee financiële specialisten van de PVV met een triomfantelijke blik de discussie over het al dan niet schofferen van het parlement gade. PVV’er Tony van Dijck deed even later weinig moeite om de Kamer van zijn standpunten te overtuigen. De partij die 1,5 miljoen kiezers trok, had slechts 5 minuten spreektijd aangevraagd om over 3,2 miljard euro bezuinigingen te spreken. Dat stak schril af tegen de 40 minuten die de PvdA had aangevraagd en de 10 minuten die de tweekoppige fractie van de SGP wilde gebruiken.

‘U laat Henk en Ingrid nu al in de steek’, was het voor de hand liggende verwijt van de oppositie toen de PVV zich volledig achter de voorgestelde bezuinigingen van het demissionaire kabinet schaarde. „Het puinruimen is begonnen”, zei Van Dijck. Hij verhulde nauwelijks zich te verkneukelen over de nog veel hardere bezuinigingen die voor de deur staan. Hij leek geen zin in discussie te hebben. „Wacht maar af”, zei hij telkens. „Dit is nog maar het begin.”

„Zegt de heer Van Dijck nu echt serieus tegen zijn achterban: wij leggen niet uit waarom wij achter deze Miljoenennota staan, waarom wij afstand nemen van ons verkiezingsprogramma, u wacht maar af?”, vroeg Jolande Sap van GroenLinks. „Is dat een juiste constatering?”

Dat is een goede constatering, antwoordde Van Dijck. Over het voorstel van PvdA, SP, D66 en GroenLinks om 190 miljoen aan bezuinigingen op de politie terug te draaien, werd nauwelijks meer gedebatteerd.

PvdA’er Plasterk, die de begroting „over het geheel” een „verstandige nota” noemde, waarschuwde voor ideologische boosheid en blinde drift. Hij kwam met een hartekreet: „Ik ben het ermee eens dat we de tering naar de nering moeten zetten, maar ik maak me zorgen over een sfeer van revanchisme, waarin wordt gezegd: eindelijk gaan we stevig hakken in het ambtenarenapparaat, de cultuur, de publieke omroep, de ontwikkelingshulp, buitenlandse zaken en noem maar op. Dat mag nooit de sfeer zijn waarin wij de overheidsfinanciën op orde brengen.”