'Enorm sterke band met Utrecht'

FC Utrecht is sinds de komst van eigenaar Frans van Seumeren een club in opkomst. Ook op sportief gebied. „We verliezen niet zomaar van Liverpool.”

Frans van Seumeren: 'Ik krijg meer aandacht dan de burgemeester'. Foto NRC Handelsblad, Rien Zilvold utrecht, fc utrecht baas van seumeren foto rien zilvold

Alsof hij zichzelf heeft gegijzeld, zo voelt het voor Frans van Seumeren om eigenaar van FC Utrecht te zijn. De zestigjarige ondernemer wist tweeënhalf jaar geleden dat het geen eenvoudige klus zou zijn de volksclub naar een hoger plan te brengen, maar de voetbalwereld is nog weerbarstiger dan hij had gedacht. „Ik dacht op afstand te kunnen besturen. Dat was een misrekening”, zegt hij in zijn kantoor in Stadion Galgenwaard. „Ik heb in vijftien bedrijven geld geïnvesteerd. Maar bij FC Utrecht hebben ze me zonder twijfel het hardst van allemaal nodig. In het betaald voetbal is namelijk alles tweemaal zo groot als in het bedrijfsleven.”

FC Utreg is volgens Van Seumeren veel meer dan een voetbalclub. Het is het uithangbord van de stad. Zíjn stad. „Ik ben vooral aan deze uitdaging begonnen omdat ik een Utrechter ben met een groot sporthart. Ik heb in Lombok op school gezeten. Ik heb in de Utrechtse kelders gezworven. Ik heb een enorm emotionele binding met deze stad. Als zakenman heb ik voor veel uitdagingen gestaan, zoals het bergen van de Russische kernonderzeeër Koersk. Ik ben de hele wereld over geweest en wilde iets doen bij mijn geboorteplek. Ik zei tegen mezelf: ‘Als je echt een kerel bent, dan zet je een voetbalclub op de rails’.” En dan klinkt zijn bulderende lach. „Nou, ik heb me heel wat op de hals gehaald. Ik krijg meer aandacht dan de burgemeester.”

Van Seumeren trof bij zijn aantreden in april 2008 bij FC Utrecht een in zichzelf gekeerde organisatie aan. „De voetballerij is een incestueuze wereld. Iedereen kent elkaar ongelooflijk goed. Mensen spelen elkaar voortdurend de bal toe. Dat hoort kennelijk zo in het voetbal. Maar toch heb ik geprobeerd die cultuur te doorbreken. De deuren moesten worden opengezet. Binnen de club moet iedereen eerlijk en open met elkaar communiceren. Samen plezier maken is belangrijk. Maar ook samen vechten voor de zaak. Voor mij als zakenman zijn dat vanzelfsprekendheden. Dat lag hier bij de club anders.”

De voormalige directeur van zwaar transport- en hijsbedrijf Mammoet ontsloeg in overleg met de raad van commissarissen een half jaar na de overname van de club de hele technische staf, inclusief hoofdtrainer Willem van Hanegem. Het kwam Van Seumeren aanvankelijk op kritiek te staan. „Hoge bomen vangen veel wind. Het is typisch Nederlands om iemand die zijn nek uitsteekt aan te willen pakken. ‘Afhakken die handel’, wordt dan geroepen. Ik heb een bepaalde visie voor ogen. Daarbij moet iedereen binnen FC Utrecht hetzelfde naar buiten toe uitdragen. Ik heb alle respect voor de persoon Willem van Hanegem. Maar ik zag met hem als trainer van FC Utrecht niet veel toekomst. Ik heb hem daarna nooit meer gesproken. Hoeft ook niet. Dingen lopen nu eenmaal zo in het leven.”

Van Seumeren veranderde ook het technisch beleid van de club. „Binnen voetbalclubs is er vaak sprake van een enorme overlegstructuur. Er worden miljoenen euro’s uitgegeven, maar uiteindelijk is vaak niet duidelijk wie er nu precies verantwoordelijk is. In zo’n sfeer zijn mensen snel geneigd vreemde beslissingen te nemen. Als wij spelers aantrekken, wil ik er zeker van zijn dat iedereen het er mee eens is. De technisch directeur, het hoofd scouting en de trainers. Iedereen moet openhartig zonder enig eigen belang opereren. Als mensen met verschillende agenda’s werken, kunnen de raarste dingen uit de bus komen. Zo heeft Martin Jol in mijn ogen bij Ajax te veel macht, hoewel ik hem een fantastische trainer vind. Dat zou ik bij FC Utrecht nooit toelaten. Trainers zijn passanten. Het clubbelang dient voorop te staan.”

Het is volgens Van Seumeren zeker geen toeval dat FC Utrecht vorig seizoen met het aantrekken van Jacob Mulenga, Jan Wuytens, Dries Mertens, Nana Asare, Jacob Lensky en Ricky van Wolfswinkel stuk voor stuk spelers in huis haalde die een basisplaats verdienden. Onder leiding van coach Ton du Chatinier en assistent Jan Wouters plaatste FC Utrecht zich eerder dan verwacht voor Europees voetbal. Het bereiken van de Europa League ten koste van het eens zo roemruchte Celtic geldt als voorlopig hoogtepunt voor Van Seumeren. „Celtic was bij ons volstrekt kansloos. Ze hadden ons gewoon onderschat. Vooraf merk je toch dat ze vanuit een superieur gevoel met je converseren. Zo van ‘dat kleine FC Utrecht kan nooit veel voorstellen’. Het is dan extra mooi als je wint. Ik denk dat FC Liverpool ons donderdag ook zal onderschatten. Die wedstrijd gaan we niet zomaar verliezen.”

FC Utrecht mag dan sportief gezien succesvoller zijn dan Van Seumeren had verwacht, in financieel opzicht loopt de club achter op de planning van de eigenaar. „Toen ik hier kwam, was de club in commercieel opzicht een drama”, zegt de oud-voetballer en huidig voorzitter van VV De Meern. „Er werkte één commerciële man. Bizar. Aan het binnenhalen van sponsors en het aanboren van nieuwe supportersgroepen werd hoegenaamd niets gedaan. Twaalf skyboxen stonden leeg. Nu werken er vier, vijf man op de commerciële afdeling en zijn alle boxen gevuld. Alleen de toeschouwersaantallen lopen nog achter bij mijn verwachtingen. In een straal van 25 kilometer rondom Utrecht wonen zo’n anderhalf miljoen mensen. Onderzoek heeft uitgewezen dat we makkelijk tussen de 25.000 en de 30.000 toeschouwers moeten kunnen trekken.”

Van Seumeren, die stilletjes droomt van een nieuw, eigen stadion in de oksel van de A2 en de A12, stelt alles in het werk om FC Utrecht groter te laten groeien. Zo houdt hij lezingen voor zakenlieden bij voetbalclubs in de provincie. „In de provincie Utrecht zijn Amersfoort en Soest bijvoorbeeld witte vlekken voor ons. De mensen in dat deel van de provincie Utrecht hebben weinig of geen binding met de club. We moeten er keihard aan werken om die gebieden te veroveren. We moeten ons daar laten zien. Ik zie dat als een soort missionariswerk. FC Utrecht moet bij nieuwe generaties in het hart komen te zitten.”

Het is daarom volgens Van Seumeren van belang dat de fans van FC Utrecht zich kunnen identificeren met het elftal op het veld. „Utrecht is aan de ene kant een grote stad, maar het voelt soms juist ook als een klein dorp. Met Michel Vorm, Alje Schut, Gianluca Nijholt en Ricky van Wolfswinkel hebben we spelers afkomstig uit de stad en de provincie. Ik kreeg laatst de opstelling van FC Groningen in handen. Ik kon geen één naam uitspreken. Dat willen wij hier niet. Vorig jaar heb ik van Wesley Sneijder op een feestje de toezegging gekregen dat hij zijn carrière bij FC Utrecht afsluit. Je weet nooit of dat ook gebeurt. Maar het zou fantastsich zijn. Sneijder is het prototype van een Utrechter. Bij FC Utrecht-VVV was hij op bezoek. Dan stelt Sneijder zich heel sociaal op. Hij ging met kinderen op de foto. Gewoon een prima gozer. Een echt Utrechts jochie uit Ondiep.”

Van Seumeren zou zich niet kunnen voorstellen dat FC Utrecht zijn hart en ziel zou verkopen aan buitenlandse zakenlieden. Met lichte verbazing heeft de multimiljonair dan ook de verkoop van Vitesse aan de Georgiër Merab Jordania gevolgd. „Ik heb een andere insteek. Ik ben eigenaar geworden op emotionele gronden. Je moet niet denken dat je met een voetbalclub winst kunt maken. Dat is niet reëel. Ik heb genoten van de wijze waarop Jordania zich presenteerde. Typisch voor iemand uit Georgië. Die was helemaal niet voorbereid op vervelende vragen over zijn verleden. En in dat soort landen is het heel gewoon om te roepen dat je kampioen wilt worden. Dat ligt hier toch wat anders. Als ik dat tweeënhalf jaar geleden had verkondigd, dan hadden ze in Utrecht gezegd: ‘Die man is gek. Die moeten we direct opsluiten’.”