De kunst van de bevroren beweging Beeldende kunst

Eadweard Muybridge, Tate Britain, Londen, tot 16 januari 2011. www.tate.org.uk

Eadweard Muybridge is bij een groot publiek vooral bekend als de 19e-eeuwse fotograaf die dankzij zijn baanbrekende techniek uitputtend in beeld bracht hoe mensen en dieren er nu werkelijk uit zien wanneer ze bewegend. Zijn standaardwerk, The Human Figure in Motion, is dankbaar geplunderd door generaties van kunststudenten.

Nu toont de Tate Britain in Londen de eerste grote overzichtstentoonstelling van ’s mans werk, en blijkt hij niet alleen een innovatief fotograaf, maar ook een onvervalste entrepreneur en showman van het ‘Wilde Westen’, manipulator, pionier van de cinema, en een moordenaar op de koop toe.

Een verrassend onderdeel van de tentoonstelling is de serie landschapsfoto’s die Muybridge maakte van de Amerikaanse wildernis, met name Yosemite. Ze tonen een landschap dat even maagdelijk als romantisch-subliem oogt.

Dat was het resultaat van hard werk en niet een klein beetje bedrog: Muybridge liet zijn topzware uitrusting naar de beste plekken dragen, waar zijn concurrent Carleton Watkins al eerder had gefotografeerd. Hij kapte bomen om die het ideale plaatje in de weg stonden, en voegde meer dan eens in de studio dramatische wolkenmassa’s toe. En hij zorgde ervoor dat hij altijd goedkoper was dan Watkins.

Maar Muybrudge was daarnaast technisch uitzonderlijk competent. Hij slaagde er onder meer in om een belichtingstijd van 1/1000 seconde te bereiken, een absoluut unicum in een periode waarin fotografen standaard hun lensdop met de hand verwijderden en de camera minutenlang open lieten staan.

Het leverde Muybridge belangrijke opdrachtgevers op. De gouverneur van Californië, Leland Stanford, liefhebber en fokker van racepaarden, wilde een antwoord op de vraag of een galopperend paard alle benen tegelijk van de grond tilt (waarschijnlijk was er een weddenschap in het spel). Muybridge stelde onder fel licht een serie camera’s op met een draadmechanisme, en kon zo daadwerkelijk het bewijs hiervoor leveren.

Na dit succes richtte hij zich volledig op het vastleggen van dieren en mensen in beweging. De vreemde vormen van bevroren beweging – nu een gemeenplaats op de sportpagina’s van de kranten – schenen Muybridges tijdgenoten zo bizar toe dat velen aan zijn kunde twijfelden. Om de correctheid van zijn foto’s aan te tonen gaf hij lezingen met zijn zelf ontworpen ‘zoopraxiscope’, een voorloper van een filmprojector die de plaatjes achter elkaar afspeelde en zo de volledige beweging liet zien.

De werken in series en met een grid doen modernistisch aan. De tentoonstelling lijkt te betogen dat hij als zelfstandig kunstenaar moet worden beschouwd. Wie de fascinerende resultaten van Muybridges technische vernuft ziet zal zich daaraan niet storen.