De hardlooptrainster

Het is negen uur in de ochtend en nog geen hardloopster is er. Alleen trainster Zainab Makhlouf (43) staat in sportkleding met lichtblauwe hoofddoek voor de deur van de fysiotherapiepraktijk in Amsterdam-Slotervaart. Het miezert. Binnen gaat Zainab iedereen bellen. „Hallo Samira, kom je nog? We wachten op je! Nee, het gaat al-tijd door.” Deze vrouwen zijn snel bang om ziek te worden, zegt Zainab.

Een kwartier later komen de eerste vrouwen binnen. Ze dragen allemaal een hoofddoek en sportschoenen onder lange jassen die tot halverwege de kuit vallen. In de zaal van de fysiotherapiepraktijk doen ze op aanwijzing van Zainab rek- en strekoefeningen.

Marokkaanse vrouwen sporten zelden. „Ze krijgen dat niet van huis uit mee”, zegt Zainab Makhlouf. Dat geldt zeker voor de vrouwen die vanmorgen komen voor de training en die tussen de veertig en vijftig jaar oud zijn. Maar Zainab Makhlouf zegt dat het ook geldt voor jonge meisjes van Marokkaanse afkomst. „Ze bewegen te weinig. Jongens voetballen nog op straat.”

Zainab werkt als trainster voor Be Interactive, een organisatie die wandel- en hardlooptrainingen organiseert voor meest allochtone vrouwen en meisjes. In verschillende steden en ook in Slotervaart. De vrouwen moeten sterker worden. De training is aangepast aan het niveau van de cursisten. Vandaag ligt het niveau laag. De meeste vrouwen zijn te zwaar en hebben andere lichamelijke problemen als diabetes. Echt hardlopen doen ze niet. Ze wandelen al kletsend in stevig tempo naar de Sloterplas.

Daar doen ze de trein. De vrouwen lopen achter elkaar, de voorste roept de naam van de achterste. Die rent naar voren, gaat vooraan lopen en roept de achterste. „Lang achtereen hardlopen lukt hun niet”, zegt Zainab. „Op deze manier moeten ze toch even wat harder.”

Een slechte conditie is niet het enige probleem. Deze vrouwen leven vaak geïsoleerd. Ze komen in de supermarkt en op het plein en dat is het zo’n beetje. De wijk komen ze niet uit. De sport moet hen ook uit dat isolement halen.

Ook trainer Zainab rende zich ooit zelf uit het isolement. Zij groeide op in Lelystad, ze kon geen lerares worden omdat ze voor die opleiding op kamers zou moeten. Dat vonden haar ouders niet goed. Ze deed de opleiding tot verpleegster, trouwde, ging met haar man in Amsterdam wonen, kreeg kinderen en voelde zich eenzaam.

Ze raakte in gesprek met twee vrouwen die in djellaba aan het hardlopen waren in het park. Dat was het begin. Ze ging meetrainen met een groepje vrouwen en liep haar eerste wedstrijd. „Het was een loop van vijf kilometer. Ik dacht van tevoren: ‘Dat kan ik niet, dat lukt me niet.’ Het ging prima. Het gaf me ontiegelijk veel energie.”

Tientallen keren rijdt het treintje. Dan gaan de vrouwen weer naar huis.