Onvoldoende geld voor halveren babysterfte

Het doel van het kabinet om de vermijdbare sterfte bij baby’s binnen vijf jaar te halveren is niet haalbaar. Minister Klink (Volksgezondheid, CDA) trekt slechts een fractie van het benodigde geld uit om de sterfte te verminderen van 400 tot 200 baby’s per jaar.

Dat zeggen de verenigingen van verloskundigen (KNOV) en gynaecologen (NVOG). Bestuurslid Jan van Lith van de NVOG en hoogleraar verloskunde bij het Leids Universitair Medisch Centrum noemt de beslissing van Klink om in 2011 24 miljoen euro uit te trekken voor terugdringing van de babysterfte en het jaar erna 38 miljoen „teleurstellend”. De commissie die Klink instelde, adviseerde hem begin januari om de sterfte te halveren. Klinkt nam die aanbeveling over.

Beide organisaties en de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen hadden onlangs berekend dat ruim een kwart miljard euro nodig is om de doelstelling te bereiken: ongeveer het tienvoudige. Met dat geld zou er 24 uur per dag binnen vijftien minuten zorg beschikbaar zijn in ziekenhuizen als er zich onverwacht moeilijkheden voordoen bij bevallingen. Dat kan alleen als er ruwweg 2.000 extra verpleegkundigen en gynaecologen bijkomen.

Het kabinet stelt hiervoor geen geld beschikbaar, bleek deze week op Prinsjesdag. „Klink laat het toch een beetje zitten”, zegt van Lith. Na de aandacht voor babysterfte en de tientallen miljoenen van het kabinet, verwacht hij toch dat de babysterfte zal dalen: „Ik schat met 10 à 30 procent.” Ook directeur Jos Becker Hoff ziet een positief effect, maar „halvering van de babysterfte kan met dit geld natuurlijk niet”.