De stelling van Joost Eerdmans: Minimumstraf komt tegemoet aan de wil van de samenleving

Politicus Joost Eerdmans pleit al jaren voor invoering van minimumstraffen. VVD, CDA en PVV hebben er nu een akkoord over bereikt. Eerdmans debatteert met Ingmar Vriesema over het nut van het beknotten van de rechterlijke vrijheid.

VVD, CDA en PVV hebben volgens ingewijden een akkoord bereikt over de invoering van minimumstraffen: een ondergrens voor bepaalde delicten. Het zou specifiek gaan om minimumstraf voor recidive van zware delicten.

„Dat is een stap in de goede richting. Het zou wel jammer zijn als de minimumstraf alleen zou gelden voor recidive, en niet voor de eenmalige pleger van moord of doodslag. Dat zou voor nabestaanden teleurstellend en onbevredigend zijn. Minimumstraffen werken het beste voor de zwaarste delicten. Moord, vijftien jaar. Doodslag, tien jaar. Omdat het maatschappelijk onverantwoord is om bij die misdaden te laag te straffen.”

Standaard hoog straffen is maatschappelijk ook onverantwoord. Hogere straffen leidt namelijk tot een hogere kans op recidive. Het is dus nogal ironisch als de nieuwe regering recidive gaat bestraffen met hogere celstraffen. Dan komen we in een neerwaartse spiraal terecht.

„Recidive komt niet voort uit hogere celstraffen, maar uit de manier waarop we ons gevangeniswezen hebben ingericht. In de gevangenis staan de mensen zich de hele dag kapot te vervelen. Ik heb er zelf een week ingezeten, als vrijwillig experiment. Die gedetineerden moeten de hele week verfpakketten van de Gamma in elkaar gaan zetten. Daar word je niet beter van.”

Tientallen empirische, internationale onderzoeken wijzen uit: de beste voorspeller van recidive is celstraf.

„Ik kan je één ding verzekeren: als je een moordenaar opsluit, kan hij niet nog een moord plegen.”

Niet op dat moment. Maar een gevangene komt op termijn vrij. Een moordenaar na vijftien jaar, volgens uw minimumstraf. Op termijn wordt de samenleving dus onveiliger.

„Het is beter als de samenleving vijftien jaar van een moordenaar is gevrijwaard dan de gemiddelde zes jaar die ik heb geconstateerd. Bovendien, hogere celstraffen bieden meer gelegenheid om in de gevangenis te werken aan een veilige terugkeer van de crimineel in de samenleving.”

Bezwaar tegen minimumstraffen is dat rechters de vrijheid nodig hebben om per zaak te kijken: wat is hier het strafbare feit, welke omstandigheden hebben meegespeeld.

„De kern is, nogmaals, dat er te laag gestraft wordt voor ernstige delicten. Dat is de mening van het mede door mij opgerichte Burgercomité tegen Onrecht, de mening ook van een groot deel van de bevolking. En blijkbaar is het ook de mening van het komende kabinet. De positie van nabestaanden is volledig onderbelicht in de straftoemeting. Straf gaat ook om rechtvaardigheid, om genoegdoening. Nemen we weer moord als voorbeeld. Welke straf geeft de rechter nu gemiddeld? Ik heb gekeken naar alle 247 zaken van enkelvoudige moord en doodslag van 2003 tot 2005. Dan kom je op een netto straf van gemiddeld zes jaar. Dat is gruwelijk laag. We dénken dat we hoog straffen in dit land, maar dat valt heel erg mee als je die voorwaardelijke invrijheidstelling na tweederde van de straf er aftrekt.”

Het verschil tussen de bruto en netto straf is in Nederland juist klein. In veel landen hoef je veel minder lang daadwerkelijk te zitten dan de door de rechter opgelegde straf. In landen als Spanje en Griekenland krijg je bovendien extra strafkorting bij goed gedrag.

„Die bal kan ik zo terugkaatsen want landen met een eerdere invrijheidstelling hebben wél minimumstraffen. Waarom? Om te garanderen dat een moordenaar minimaal vijftien jaar de gevangenis in gaat. Het gaat om het ontnemen van iemands leven, hè. Dus dat iemand met voorbedachten rade, zegt: ‘jouw leven, dat telt niet meer’. Bij een minimumstraf kan een rechter nog steeds de individuele omstandigheden per zaak beoordelen, maar binnen de bandbreedte van minimum en maximum.”

Waarom zou die bandbreedte in Nederland nodig zijn? Rechters zijn hier al veel strenger gaan straffen. Het aantal uitspraken voor levenslang is de afgelopen vijftien jaar enorm toegenomen. De gevangenispopulatie per 100.000 is sinds 1975 meer dan verviervoudigd. Er is dus een veel strenger strafklimaat.

„Weet je wat daar de reden voor is? Het aantal geweldsdelicten is enorm gegroeid, en de delicten worden steeds gewelddadiger.”

Er wordt in Nederland juist strenger gestraft omdat er minder tolerantie is voor crimineel gedrag. Het weggooien van een patatbakje is een milieudelict, het doorgeven van een stickie wordt bestraft als drugshandel, twee meisjes die met elkaar vechten op het schoolplein worden vervolgd onder de noemer geweldsdelict.

„Feit is: in Nederland wordt moord gemiddeld bestraft met netto zes jaar cel. Dat is te laag.”

Hoe kunt u dat zo in het algemeen zeggen? Het is toch juist de taak van een rechter om uit te zoeken: hoe zit deze zaak precies in elkaar?

„Maar als je de rechterlijke uitspraken over levensdelicten leest, dan zie je telkens gevallen waarbij de uitspraak onduidelijk is, en totaal onbevredigend, soms zelfs verbijsterend. Een man brengt zijn vrouw om het leven met 52 messteken. De rechter zegt: acht jaar cel, en doodslag. Te laag, en bovendien is dat moord. Zo zijn er heel veel gevallen van moord en doodslag die hangen tussen de drie, zes, acht jaar cel. En welke reden wordt aangedragen? Hoge celstraffen helpen niet. Maar voor wie helpen ze niet, is dan mijn tegenvraag.”

De taak van een rechter is niet alleen om rekening te houden met de gevoelens van het slachtoffer, maar ook met het belang van de samenleving.

„De balans in de rechtspraak is doorgeslagen naar de dader, en diens terugkeer naar de maatschappij. Daarom halen duurbetaalde advocaten als verzachtende omstandigheid de dronken ouders erbij, het blanco strafblad, het berouw over de misdaad. En de rechter denkt vervolgens: die dader heeft het ook moeilijk gehad. Het Burgercomité zegt: het slachtoffer, dat heeft het pas moeilijk gehad. Zorg ervoor dat je dat meeneemt in de straf.”

In Duitsland komt levenslang neer op achttien jaar. In Engeland en Wales op veertien jaar. In Nederland is levenslang echt levenslang.

„De levenslange gevangenisstraf in Duitsland is een minimumstraf. Daar werkt dat heel goed. In driekwart van de moordzaken wordt die minimumstraf daadwerkelijk opgelegd. Voor de andere kwart geldt een lagere minimumstraf wegens strafverlichtende omstandigheden, zoals verminderde toerekenbaarheid. Het is opvallend dat strafrechtgeleerden niet zien dat de minimumstraf uitstekend kan werken.”

Weet u wat er standaard gebeurt in landen zodra minimumstraffen worden ingevoerd? Er worden allerlei juridische constructies in het leven geroepen die rechters in staat stellen de vrijheid te heroveren die de minimumstraf hun heeft afgenomen.

„Dat noemen we ambtelijke ongehoorzaamheid. Rechters die zich niet houden aan de wetgeving die we in dit land met elkaar afspreken. Laten we afwachten wat er gebeurt nu de minimumstraffen er inderdaad komen. We zullen zien hoe rechters zich gaan gedragen.”

Die rechterlijke ongehoorzaamheid heeft natuurlijk een reden. In Frankrijk zijn ook minimumstraffen ingevoerd, met weinig armslag voor de rechter om zelf tot een oordeel te komen. Wat gebeurde er toen? Rechters gingen met elkaar corresponderen: hoe kunnen wij deze minimumstraffen omzeilen?

„Je raakt de kern van de zaak. Waar wringt het? Bij de rechter die zegt: ‘Ik ben onafhankelijk, ik mag doen wat ik wil.’ Maar feitelijk is de rechter een verlengstuk van de samenleving. Het zou heel vreemd zijn als de samenleving losgezongen raakt van de rechterlijke macht – dat is zelfs gevaarlijk. Lage straffen worden veroorzaakt door een rechterlijke macht die zich niet bewust is van de maatschappelijke roep om strengere straffen.”

Minimumstraffen tasten de scheiding der machten aan, perken de vrijheid van de rechters in. Dat is nogal wat. Dan moet de wetgever wel héél zeker weten waar die ‘maatschappelijke roep’ precies vandaan komt.

„Als ik nu vertel dat 86 procent van de mensen op Stemwijzer.nl – dat is dus heel Nederland, van GroenLinks tot en met de PVV – de vraag ‘moet er zwaarder worden gestraft bij zware delicten’, met ‘ja’ beantwoordt? Zes-en-tachtig procent.”

Ik vraag me dan af: weten mensen eigenlijk wel hoe zwaar er op dit moment precies gestraft wordt?

„Krijgen we dat liedje. ‘De kiezer is zo dom, de burger is zo dom’.”

Als ik voor mezelf spreek: ik houd niet bij hoe zwaar er precies gestraft wordt. En bovendien: wat is zwaar? Mensen zijn vooral voor zware straffen zolang ze gelden voor anderen. Ooit iemand ontmoet die zijn verkeersboete te laag vond?

„Kijk naar hoe de politiek zich roert – een verlengstuk van het gevoel in de samenleving. Zie hoe het Openbaar Ministerie zich genoodzaakt voelt om dubbele straffen te eisen wegens agressie tegen ambulancepersoneel. Lees elke dag de voorbeelden in de krant. Bijvoorbeeld de zaak van de doodrijder in Schiedam. Vermoordde vier mensen door met 147 kilometer per uur op hen in te rijden. Puur opzettelijk. Daar heeft de rechter negen jaar celstraf voor gegeven. Netto zes jaar. Dat is anderhalf jaar per moord, in mijn woorden. Dat is gruwelijk, dat begrijpen mensen niet.”

Als mensen over die zaken lezen, zullen ze inderdaad denken: er wordt niet streng gestraft. Maar als je vervolgens kijkt: hoe straft men in Nederland, hoe straft men in België, hoe straft men in Duitsland, hoe straft men in Frankrijk – dat ziet men: er wordt hier niet milder gestraft dan in het buitenland. Integendeel.

„Ik kan met net zo veel aplomb zeggen: in de rest van Europa bestaan de minimumstraffen al. En nu komen ze ook eindelijk naar Nederland.”

U verheugt zich er al op?

„Invoering van de minimumstraf is hoe dan ook een revolutie voor ons strafstelsel. Ook al geldt de minimumstraf eerst alleen voor recidive. Uitbreiding naar minimumstraffen voor eenmalige moord of doodslag is dichterbij dan ooit.”