'De kranten hebben steeds minder geld over voor strips'

Pieter Hogenbirk laat zich sponsoren door bedrijven om zijn strip de krant in de te krijgen. Voor strips is vaak geen budget meer.

Een recente aflevering van 'De rechter' van Jesse van Muylwijck

Het gaat niet goed met de krantenstrip in Nederland, zegt Ger Apeldoorn. „De situatie is zorgwekkend.” Apeldoorn, zelf scenarioschrijver, is voorzitter van de jury die vanmiddag de Stripschapprijs, een jaarlijkse oeuvreprijs, uitreikt aan Jesse van Muylwijck, een echte krantenstriptekenaar. De plechtigheid vindt plaats op de Stripdagen in Houten, één van de grootste stripfestivals van Nederland. Van Muylwijck maakt al 17 jaar de De Rechter. De jury roemt hem als „eigenzinnig tekenaar”, maar brengt ook „hulde aan de kranten die hem gelegenheid gaven”. Dat is een noodzakelijke toevoeging, aldus Apeldoorn. „Het aantal podia voor striptekenaars krimpt. Bij kranten, tijdschriften en jeugdbladen vermindert de ruimte voor strips.”

Jean-Marc van Tol (43), tekenaar van Fokke & Sukke in deze krant, ziet geen nijpend probleem, maar heeft wel gemengde gevoelens. „Het wordt aan alle kanten minder. Kranten moeten beseffen dat ze zich kunnen onderscheiden met columnisten, strips en cartoons. Je ziet wel dat ze op zoek zijn naar goed beeld. Zie Het Parool, dat een wedstrijd organiseert om een nieuwe tekenaar te vinden.”

Over nieuw talent is Van Tol somber. Jonge tekenaars missen gedrevenheid, denkt hij. Maar de situatie is ook niet stimulerend. „Het is heel moeilijk om er bij een krant tussen te komen.”

Collega Peter de Wit (52) is optimistischer. Hij tekent dagelijks Sigmund voor de Volkskrant en met Hanco Kolk maakt hij Single, dat onder meer in AD en Het Parool staat. „Het is altijd moeilijk geweest voor jonge tekenaars om door te breken. Je maakt iets waar niemand op zit te wachten, dus je moet je schoenzolen verslijten. Ik ben twintig jaar geleden ook alle redacties afgeweest.”

Laureaat Van Muylwijck (49) prijst juist de variëteit van genres en de eigenheid van de Nederlandse krantenstrip. Zijn eigen strip ziet hij staan in een rijke traditie, van Pa Pinkelman van Godfried Bomans en Carol Voges, Appie Happie van Dik Bruynesteyn en Tom Poes van Marten Toonder.”De Rechter reageert op de actualiteit. „In de rechtszaal komen alle conflicten in de maatschappij samen. De rechter, een archaïsche figuur, oordeelt er over goed en kwaad. Daar kan ik alles in kwijt.”

Als er al iets niet goed gaat met de Nederlandse strip in zijn ogen dan is het de betaling. „Nederlandse stripmakers hebben altijd moeten concurreren met Amerikaanse syndicaten, die hun strips, zoals Peanuts, voor heel weinig aanboden. Ik sta in 14 regionale kranten, dan is het nog te doen. Kranten hebben steeds minder geld over voor strips.”

Van Tol en Apeldoorn wijzen op een initiatief van Pieter Hogenbirk (54) om zijn strip gesponsord in de regionale krant te krijgen. Hogenbirk: „Ik heb al toezeggingen van de Hema en wat lokale kroegen. Ze moeten me voor minimaal een maand sponsoren à 50 euro per week. Ik begin als ik voor een half jaar sponsors heb.” De Laarder Courant De Bel kost het dan niets. Redactiechef Nathalie Mathot van De Bel waardeert het initiatief. „Als advertentiekrant moeten we de tarieven in de gaten houden. Vergeleken met wat we betalen voor een foto, 18 euro, is een strip duur.”

Voor het Nieuwsblad voor Huizen maakt Hogenbirk al een strip voor 50 euro. „Omdat ik er veel opdrachten voor ander werk aan overhoud, kan het. Bij de strip staat mijn mailadres. Zo kunnen mensen me makkelijk vinden voor een bedrijfsstrip of een persoonlijke cartoon.”

Het Vlaamse talent Steven Degryse (31), alias Lectrr, ziet het zichzelf niet doen. „Als ik me moet laten sponsoren door de plaatselijke kruidenier ben ik ver van mijn doel.” Zijn strip in het AD verdween vorig jaar, eind augustus werd hij door nu.nl aan de kant gezet. „Ze namen iemand die voor hetzelfde geld twee cartoons per dag maakt.” Zijn cartoons waren populair, zegt hij. „Kwantiteit wint het nu van kwaliteit. Ik maak ook drie cartoons op een dag, maar ik gooi er twee weg.” Strips zijn volgens hem begonnen aan hun „laatste stuiptrekkingen”. „Het is crisis. Er wordt bespaard op inhoud bij de kranten. Een vicieuze cirkel lijkt me, want lezers missen die juist.”

Degryse leeft nu van commercieel werk. „Ik ben alle kranten afgeweest. Iedereen had interesse, niemand budget. In tien jaar heb ik het aantal publicatiemogelijkheden zien kelderen.” Collega’s stoppen met tekenen. „Er is niemand onder de dertig die nog cartoonist wil worden. Ik weet ook niet of ik wil blijven tekenen voor bladen van bouwkranten. De vraag is of dit vak leefbaar blijft.”

Stripdagen, Houten, 25 en 26 sept. Inl. stripschap.nl.