Musicalseizoen begint slecht met misbaksels

Het werd al heel snel een zootje. In de tweede scène van de musical Crazy Shopping, nadat er nauwelijks een kwartier voorbij was, leken de vier hysterische winkelwijven doeltreffend van hun koopverslaving genezen door de dominee van de antishoppingkerk. Althans: ze wierpen zich vol overgave aan zijn voeten en zongen hem als ware gelovigen toe. Maar ons was een avondvullende voorstelling beloofd – en toen moest er dus nog heel wat gedoe volgen voordat de volle twee uur waren gevuld. Zo begon het musicalseizoen dit jaar al vroeg met een misbaksel dat moeiteloos een plaats veroverde in de topvijf van slechtste Nederlandse musicals aller tijden.

Ze zeggen wel eens dat een musical alleen maar een flutverhaaltje is dat op gezette tijden wordt geïnterrumpeerd door een liedje. Dat is onzin. Een musical is bovenal een vorm van theaterdrama, waarin de emotie extra wordt opgezwiept door de songs. Als het goed is, vormen zang, dans en spel geen losse elementen meer. Gedrieën vertellen ze het verhaal. Ze vloeien samen en versterken elkaar.

Maar dan moet er dus wel een echt verhaal zijn. Licht en luchtig of juist zwaar op de hand, vrolijk of tegen het melodramatische aan – dat maakt geen verschil. Als we maar geïnteresseerd raken in de personages en graag willen zien hoe het hen verder vergaat. Het verhaal staat voorop.

Daarvan was bij Crazy Shopping volstrekt geen sprake. Het door Eva K. Mathijsen geschreven script wist geen enkele belangstelling voor die vier kakelende shopverslaafden te wekken. Terwijl de liedjes – een willekeurige greep uit veelal Hollandstalig hitrepertoire – evenmin iets te betekenen hadden. Qua constructie is deze productie van Nederlandse makelij zodoende vergelijkbaar met We will rock you, de tweede grote musicalpremière van dit seizoen. Ook daarbij gaat het om een nieuw verhaaltje rondom bestaande songs, in dit geval nummers van de popgroep Queen. Dat is een veelvuldig gehanteerde formule, die echter lang niet altijd tot een coherent geheel leidt.

Het schoolvoorbeeld in dit genre is Mamma Mia!, met de hits van Abba. De songs vormen voortdurend een verrassende combinatie met de wendingen in de intrige en de hoofdpersonen (een moeder die drie vroegere minnaars terugziet en een dochter die zich afvraagt wie van de drie haar heeft verwekt) maken nieuwsgierig naar de afloop. Beter kan het niet. Zelfs zonder Abba-muziek, maar met nieuwe nummers zou Mamma Mia! ook nog een geslaagde musical kunnen zijn.

De Britse scenarist Ben Elton verzon voor We will rock you een toekomstige wereld waarin muziek verboden is en een klein groepje muziekliefhebbers daartegen dapper ten strijde trekt. Het is een onzinnig verhaaltje dat blijkbaar ook door Elton zelf niet erg serieus is genomen. Zo trekt hij zich van de logica maar weinig aan (ook het vijandelijk antimuziekbewind barst graag in een Queen-nummer uit) en hij laat de good guys aan het eind veel te snel en veel te makkelijk zegevieren. Een slimme frappe zit er helaas niet in.

Maar het seizoen is natuurlijk nog maar net begonnen.