Iedereen is kunstenaar en iedereen politicus

Kunst is niet alleen voor de eeuwigheid, maar ook voor het hier en nu.

Pleidooi voor activistische kunst, bevrijd van de zoveelste opgelegde elite.

Illustratie Ruben L. Oppenheimer

Kunst behoort zich tot de eeuwigheid te verhouden en niet tot het hier en nu. Kunst moet gaan over verdieping, media en politiek over sensatie. Hoe minder zij met elkaar van doen hebben des te beter.

Zo zijn de meningen samen te vatten van enkele kunstenaars die onlangs voor een artikel in NRC Handelsblad werden geïnterviewd. In het artikel sprak ‘de kunstwereld’ zich uit over de betekenis van de politicus Wilders en de vraag waarom kunstenaars nog niet (genoeg) tegen hem in actie waren gekomen.

In dezelfde krant stond een interview met kunstcritica Anna Tilroe die dit standpunt maar al te graag beaamde: kunst moest volgens haar wel geëngageerd zijn, maar dan niet met de spektakelmaatschappij. Tevens stelde zij dat „choquerende kunst” (bijvoorbeeld kunst direct gericht tegen de persoon Wilders) „averechts” zou werken en pleit voor „een elite die zegt waar het op staat en die helder uitlegt wat kwaliteit is”.

Beide artikelen zijn illustratief voor dezelfde foutieve veronderstelling, namelijk dat ‘de kunstwereld’ een eenduidig geheel is, waarin ‘protest’ en ‘politiek’ alleen zouden bestaan bij de gratie van illustratie (als Wilders niet letterlijk in beeld wordt gebracht dan is het geen protest, zo veronderstelt het eerste artikel) en waarin de betekenis van ‘engagement’ wordt geformuleerd door een nauw bepaalde ‘elite’ van museumdirecteuren, markt en kunstkritiek.

Een ander recent interview met Tilroe over haar pamflet ‘De Ja-Sprong’ in het kunsttijdschrift Kunstbeeld onthult hoe verstrikt de critica is in het systeem dat zij probeert te bekritiseren. Tilroe tilt de gebroeders Jake & Dinos Chapman op een voetstuk en zet ze af tegen de ‘foute’, want kapitalistische en sensatiegerichte, Damien Hirst. Hirst is vooral bekend door installaties van op sterk water gezette dieren, en een met diamanten bezet doodshoofd. De gebroeders Chapman zijn kwajongens met te veel geld die in swastika-vormige aquaria miniatuurdecors van apocalyptische massamartelingen bouwen. Tilroes voorkeur voor de laatsten illustreert dat haar idee van engagement er simpelweg een is van sferische illustratie: waar de gebroeders Chapman een ‘verantwoorde’ en ‘sferische’ weergave geven van existentiële doembeelden, kiest Hirst ervoor de verpletterende banaliteit van de consumptiemaatschappij te verbeelden.

Geen van deze kunstenaars verandert echter ook maar iets aan ons huidige beeld van de politiek. En ook Tilroe slaagt er niet in een kritiek te formuleren die een andere politieke agenda voor de kunst tot stand kan brengen; een agenda die verder gaat dan het proclameren van een ‘nieuwe elite’.

Juist omdat kunst en politiek geen project meer delen kunnen maatregelen om kunstsubsidies te beperken op zoveel steun in Den Haag rekenen. Kunstenaars ploeteren vandaag de dag binnen een ideologisch vacuüm, de angst ‘propagandakunst’ te maken heeft ieder wezenlijk engagement ondermijnt. Wat resteert is een krappe 0,5 procent van de rijksbegroting voor kunst en cultuur, en de armoedige politieke rechtvaardiging hiervan: kunst met als enige doel educatie. Het engagement tussen kunst en politiek is verbroken, en daarmee ook de band tussen kunst en het volk.

Ik denk dat in de leegte die de utopische kunst heeft achtergelaten, wel degelijk een nieuw soort verzet ontstaat. Maar dit speelt zich nog grotendeels buiten ons blikveld af. Een kunstenaarsduo als Wouter Osterholt en Elke Uitentuis bijvoorbeeld toont met schaalmodellen voor directe democratie in Kaïro (Model Citizens, 2009) dat beeldende kunst, sociologie, politiek en activisme samen tot grootse dingen kunnen leiden. Het duo maakte een gedetailleerd schaalmodel van een wijk in Kaïro. Burgers konden voorstellen voor veranderingen doen die de kunstenaars op kleine schaal in het model invoerden. Door de wereld in eerste instantie te verkleinen, vergrootten ze daarmee het zicht erop. En de mogelijkheid tot invloed: inmiddels zijn zij samen met bewoners bezig te onderzoeken hoe de voorstellen te verwezenlijken zijn.

De aanpak van Osterholt en Uitentuis is radicaal: zij behandelen voorstellen voor meer openbare ruimte en recreatieplekken op gelijke hoogte met voorstellen voor meer cameracontrole of de bouw van een Kentucky Fried Chicken-restaurant. Het duo ontwikkelt zijn experimentele democratische modellen voor andere gebieden dan de westerse wereld. Daardoor wordt duidelijk hoe weinig ruimte er in ons kapitalistisch democratisch model nog is voor de wisselwerking tussen kunst en politiek – die wel degelijk bestaat.

„Jeder Mensch ist ein Künstler”, zei kunstenaar, politicus en medeoprichter van de partij Die Grünen Joseph Beuys. Onlangs sprak ik met GroenLinks-Kamerlid voor kunst en cultuur Mariko Peters en die herformuleerde Beuys’ woorden ter plekke: „Jeder Mensch ist ein Politiker!”

Beuys en Peters doen hiermee een aanval op het exclusieve karakter dat beide domeinen – kunst en politiek – hebben verkregen. ‘Elk mens is een politicus’ en ‘elk mens is een kunstenaar’ betekent het opeisen van onze samenleving als totaalkunstwerk, waarvan elk mens de medeschepper is. Het betekent dat creativiteit de samenleving toebehoort. Voor een nieuwe generatie kunstenaars en politici is de openbaarheid de plek waar wij onze discussies voeren en onze wereld inrichten. Hier zijn kunstenaars en politici de aanstichters van een revolutionair esprit dat het begrip democratie kan ontrukken aan de handen van populisten en demagogen. En kan redden van kunstcritici die het volk de zoveelste zogenaamde elite willen opleggen.

Kunstenaars-politici en politici-kunstenaars! Laten we onze kennis en inspiratie niet voor onszelf houden! Laten we deze tijd als ons momentum opeisen, eigenbelang aan de kant zetten en politiek en kunst weer samenbrengen. Want kunst behoort het volk toe, net als de politiek. Te lang zijn wij van elkaar gescheiden.

Jonas Staal is kunstenaar.

Deel je politieke agenda met Jonas Staal op jonasstaal.nl. Je kan ook reageren op nrc.nl/cultuurblog.