Het gezin, de baksteen van de samenleving

Het is hét thema van deze tijd: stellen die werk en gezin proberen te combineren.

Dat lukt lang niet altijd, getuige de volle praktijk van psycholoog Saskia de Bel.

Ze komt aangejakkerd op haar bakfiets, gaat zitten bij de psycholoog en begint te ratelen. Fantastische bruiloft destijds, met alle vrienden aan het strand. Zo leuk. Goede baan, kind gekregen, nog een kind en nog een. Verhuisd, nieuwe huis verbouwd. Prachtige keuken, trampoline in de tuin. Geen stress hoor. Man heeft promotie gemaakt, zo fijn. De oudste zit al op hockey, de tweede begint binnenkort. Halen, brengen, dat wel. ’s Avonds doorwerken. Chronisch slaaptekort. En nu heeft ze ruzie op haar werk. En is ze ingestort.

Onbegrijpelijk.

Dit is een patiënt van de Haagse psycholoog Saskia de Bel (49). Nee, dit is niet één patiënt, dit zijn veel van haar patiënten. „Ze zien er leuk uit, zijn goed opgeleid, werken, zijn getrouwd en hebben kinderen. En toch lopen ze he-le-maal vast, omdat ze te veel hooi op hun vork nemen.”

Werk en gezin combineren, dat is hét thema dat het leven van veel dertigers en veertigers beheerst. En veel werkende ouders komen bij hulpverleners als Saskia de Bel terecht. Vooral moeders.

Cijfers over psychische hulp of medicatie voor werk-en-gezinstress zijn er niet. Wel blijkt uit onderzoek dat ouders met een veeleisende baan wekelijks evenveel uren met hun kinderen doorbrengen als ouders met minder zwaar of zelfs geen werk. Vandaag promoveert socioloog Anne Roeters op dit onderzoek.

Werkende ouders blijken de tijd die zij met hun kinderen doorbrengen sterk te beschermen, ongeacht het type werk dat ze doen. Als ze door werk minder tijd hebben, kiezen ze er eerder voor om minder te sporten dan om minder tijd met de kinderen door te brengen. Als er al iets moet afvallen, dan zijn het dingen als samen boodschappen doen, waarbij de aandacht voor het kind toch al beperkt is. Anne Roeters: „Er zitten maar 24 uren in een dag, dus al die tijd gaat wel ten koste van íéts.” Slaap, bijvoorbeeld, ontspanning en reflectie.

Bovendien blijkt dat de duizend ondervraagde ouders de kwaliteit van de tijd die ze met de kinderen doorbrengen slechter vinden dan ze zouden willen. „Ze kijken tijdens het eten bijvoorbeeld steeds op de blackberry.” Wél maakt het uit wat voor type werk de ouders doen. Soms zijn zelfs juist die aspecten schadelijk die de ouders in staat stellen tijd met hun kinderen door te brengen, zoals flexibiliteit en autonomie. De grens tussen werken en niet werken vervaagt daardoor. Samen naar de speeltuin is minder leuk als moeder steeds wordt gebeld.

Het zijn vooral vrouwen die last hebben van de combinatie. Mannen, zegt de Utrechtse psycholoog Cobi Wattez (Tinguely Xperts), organiseren de zorg voor het gezin rond hun werk. Vrouwen organiseren het werk rond de zorg voor de kinderen. Daarom brengen vaders naar school en crèche en halen de moeders. Halen begrenst de werkdag, brengen niet.

Het verschil in prioriteiten bleek ook tijdens de cursussen ‘werk en zorg combineren’ die Wattez geeft aan werknemers bij bedrijven. „Als een vrouw haar man vraagt ‘ben je op tijd thuis?’, dan bedoelt ze: ‘op tijd thuis om met ons te eten of te koken’. Als hij ja zegt, bedoelt hij: „Ik ben op tijd als ik eerst al mijn mails heb beantwoord.” Volgens Wattez moeten stellen keiharde afspraken over uren en plichten maken.

En dat zijn dan nog de vaders die überhaupt rekening houden met de zorgtaken thuis. Van de mannen die vijf dagen per week werken, blijft 88 procent dat doen als er een kind komt; moeders gaan massaal minder werken.

Bij een grote automatiseerder, waar overwegend mannen werken, bleken de 225 vaders die meededen aan de werk-privécursus wel meer te willen doen thuis, zegt Wattez. Ze kwamen tijdens de cursus drie avonden met hun vrouw. „Ze zeiden: zég dan wat ik moet doen. Want aanvoelen, dat doen de meeste mannen niet. En vrouwen werken met hints: ‘ik ruik een luier’ of ‘Jantje moet straks opgehaald worden’. Die hints komen niet aan. Je moet concrete vragen stellen: verschoon jij die luier even? Haal Jantje van de hockey.”

Wattez vraagt steevast aan mannen die met hun vrouw ruziën over de taakverdeling: wat zijn je targets thuis? „Ze raken even in de war, maar als ze eenmaal doelen formuleren – zoals een goede relatie met de kinderen of met hun vrouw – zien ze vanzelf de noodzaak om al die kleine dingen te doen.”

Psycholoog Saskia de Bel schreef het boek Samen uit, samen thuis, met suggesties om het leven van tweeverdieners met kinderen makkelijker te maken. Als een man de kans krijgt van meet af aan een band met zijn kind op te bouwen, doet hij meer thuis. „Dan relativeert hij die carrière. Maar de vrouw moet hem ook een kans geven. Niet steeds over zijn schouder kijken of hij de sokjes goed aantrekt.”

Overigens buitelen de onderzoeksresultaten op dit gebied over elkaar heen. Een greep uit recente publicaties: kinderen lijden helemaal niet onder het feit dat de moeder snel na de bevalling weer gaat werken. En: slechts 6 procent van de gezinnen in Nederland heeft een verdeling van werk en zorg waar het hele gezin ‘gelukkig’ van wordt. En als klap op de vuurpijl: mensen worden überhaupt niet gelukkiger van het ouderschap, al verwachten ze dat wel. Met thuiswonende kinderen hebben ouders meer depressieve symptomen – somberheid, angst, slecht slapen, geen energie, geen honger – dan mensen zonder kinderen.

Tsja, wat is geluk, verzucht psycholoog Saskia de Bel. „Als een onderzoeker je opbelt tijdens het koken, terwijl één kind huilt en het andere de televisie harder zet, dan reageer je niet gelukkig, nee. Maar als je iemand onder een kop koffie laat reflecteren op het leven met kinderen, dan vertelt bijna iedereen dat het rijkdom geeft, liefde en volledigheid.”

Ook de mening van kinderlozen wordt gepeild. Uit onderzoek in juni bleek dat 41 procent van de Nederlandse ambtenaren zich ergert aan collega’s met kinderen. Ze zouden niet flexibel zijn, altijd als eersten vakantieperiodes claimen en te veel kinderzaken regelen op het werk.

Belangrijk is volgens De Bel dat aanstaande ouders eerlijk bespreken wat ze verwachten. Maar wat als dan, rond je dertigste, blijkt dat je aanstaande man zijn leven lang vooruit wil stomen in zijn werk? En jij wilt kinderen? „Als je het prima vindt om voor de kinderen te zorgen, en dat vinden veel vrouwen, is er weinig aan de hand. Maar als je ook carrière wilt maken, zal je zo veel mogelijk zorg moeten inkopen. Oppas thuis, schoonmaker enzovoorts. Niet alles zelf doen.”

En als je dát niet wil, omdat je wilt dat een kind beide ouders regelmatig ziet? „Dan moet je de relatie beëindigen en iemand anders zoeken.”

Niet alleen ouders raken overwerkt. Ook kinderloze violistes overkomt het weleens. Pagina 30 en 31