Ho ho, laten we niet van die extreme scenario's uitgaan

Wim Kuijken moet als deltacommissaris besluiten voorbereiden die Nederland tegen overstromingen beschermen.

„Laten we eerst maar eens de huidige normen halen.”

© Jorgen Krielen / Akersloot, 23-09-2009 / Rampenoefening

Nuchterheid. Dat wil deltacommissaris Wim Kuijken uitstralen bij zijn taak: besluiten voorbereiden om Nederland de komende eeuw te beveiligen tegen overstromingen.

Kuijken (57) presenteerde deze week zijn eerste Deltaprogramma, als onderdeel van de begroting van het ministerie van Verkeer en Waterstaat.

Hoezo wilt u nuchter zijn?

„We willen niet uitgaan van extreme scenario’s over klimaatverandering en zeespiegelstijging, maar van de scenario’s van het KNMI. We gaan uit van wat we nu weten, en zullen van daaruit geleidelijk, dakpansgewijs, maatregelen nemen voor de verdere toekomst.”

De Deltacommissie van oud-minister Veerman liet extreme scenario’s juist onderzoeken om te laten zien waar de politiek mogelijk rekening mee moet houden.

„Ja, en om te kijken of we hier konden blijven wonen. Maar wij gaan uit van het nu. Laten we eerst maar eens de huidige veiligheidsnormen proberen te halen.”

U stelt flexibele maatregelen voor. Wat bedoelt u daarmee?

„We weten nog niet welke maatregelen we later moeten nemen. Dus we moeten zo lang mogelijk meeademen met wat we nu weten en verwachten. We weten niet precies wanneer bepaalde omslagpunten komen – het moment bijvoorbeeld waarop we niet langer zoet water bij Gouda kunnen innemen omdat het zoute water te zeer is opgerukt. Ik stel voor eerst zo lang mogelijk dat zoute water tegen te houden. Pas daarna moeten we wellicht veel drastischer besluiten nemen om voldoende zoet water te houden, zoals de Nieuwe Waterweg vaker afsluiten om het waterpeil in het IJsselmeer verhogen.”

U gaat uit van solidariteit. Hoezo?

„Tussen regio’s en tussen generaties. Dat spreekt vanzelf.”

Spreekt het vanzelf dat Drenthe meebetaalt aan maatregelen in laag Nederland?

„Mijn eerste werkbezoek was in Drenthe; dat heeft er belang bij dat de economie van de Randstad niet overstroomt. Bovendien kunnen ze daar ook een zoetwaterprobleem krijgen.”

En solidariteit tussen generaties?

„Als we nu geen duurzame maatregelen nemen, belasten we volgende generaties. Daarom moeten we afspraken maken over waar we nieuwbouw plegen, en hoe we dat doen in lage delen en buiten de dijken.”

Veerman vond buitendijks bouwen goed, mits voor eigen risico.

„Ik denk daar een tikje anders over. Ik stel voor voorschriften op te stellen voor dat soort bouw. In de Zuidplaspolder bij Gouda wordt rekening gehouden met het water. Ook heb ik me laten informeren over nieuwbouw in de polder Rijnenburg bij Utrecht. Daar bleek dat men meer ruimte voor water moet reserveren.”

Ook moeten de maatregelen duurzaam zijn. Hoezo?

„Dat houdt in: zoveel mogelijk samenwerken met natuurlijke processen. Als je een dijk bouwt, moet je na vijftig jaar terug om hem te versterken. Als je meer ruimte voor water maakt, zoals nu bij de rivieren, is dat duurzaam. Zo doen we dat in de polder Noordwaard in de Biesbosch, daar kan het water in nood doorheen stromen.”

Dat klinkt als het oude plan voor noodoverloopgebieden: bewoonde gebieden die in nood onder water kunnen worden gezet.

„Noodoverloopgebied is een fout woord. Typisch zo’n plan dat in Den Haag wordt bedacht en op de regio’s wordt losgelaten. Dat werkt niet. Mensen langs rivieren weten vaak heel goed wat nodig is, en kunnen daar heel goed zelf plannen voor maken. Ik ben niet van ‘Den Haag’. Ik ben van het hele land.”

Mogen de waterschappen blijven?

„Dat is aan de politiek. Ik zeg wel: welke problemen los je op door ze op te heffen? Het is in elk geval wel erg belangrijk om regulier onderhoud uit doelheffingen te blijven betalen, zoals de waterschappen doen. Zodat waterbeheer niet afhankelijk is van wisselende politieke afwegingen.”

De Deltawet op grond waarvan u functioneert, is nog steeds niet aangenomen door het parlement. Is dat niet problematisch?

„De wet is controversieel verklaard. Een kabinet zou ermee kunnen stoppen. Maar ik heb geen indicatie dat men geen wet wil die ertoe bijdraagt dat we ons instellen op de toekomst van een veilig Nederland.”

Het kabinet besloot vanaf 2020 jaarlijks 1 miljard euro te reserveren voor dit werk. Is dat genoeg?

„Dat zal moeten blijken. Voor mij is de reservering van dat bedrag een gegeven. Het is al uniek dat een kabinet nu al geld reserveert voor maatregelen die we later moeten nemen. Zo kunnen we vooruit werken.”