Eind Grieks monopolie van vrachtrijders

Vele jaren na Europa is Griekenland gisteren begonnen aan het openen van beroepen. Met 83 tegen 16 stemmen (veel afwezigen) nam het parlement een wet aan die een eind maakt aan het gesloten gilde van vrachtrijders. Beroepen als taxichauffeur, apotheker, notaris en advocaat moeten nog volgen.

De meeste van de 33.000 vrachtwageneigenaars die het land telt hebben zich met hand en tand tegen deze ingreep verzet. Hun vergunningen gaan terug op de kolonelsjunta van 1967-74, die ze toen gratis uitdeelde. Er kwamen geen nieuwe bij, en gaandeweg werden ze bij doorverkoop een fortuin waard. Tot voor kort gingen ze voor honderdduizenden euro’s van de hand.

De regering tracht hen te compenseren met belasting- en pensioenfaciliteiten. Tegen de wil van EU, ECB en IMF komt er een overgangsperiode van drie jaar, maar de vrachtrijders eisen vijf. Ook hun tweede eis, dat hun vergunningen na de overgangsperiode 35 procent van hun waarde behouden, is door minister van Verkeer Michalis Reppas verworpen.

Al dagenlang stonden er duizenden vrachtwagens stil op de toevoerwegen naar Athene om zo veel mogelijk overlast te veroorzaken. In juli was dat ook gebeurd toen de acties vergezeld gingen van een staking die tekorten op de markt veroorzaakten. De regering ging toen over tot inbeslagname van de wagens. Hierdoor, en wegens het juist begonnen toeristenseizoen, werden de acties stopgezet, maar de inbeslagnames blijven geldig.

De sympathie van het publiek blijft gering. Vele eigenaars bezitten tientallen vergunningen en het oude stelsel maakte het vrachtvervoer in Griekenland nodeloos duur en de vloot verouderd.