De zaak tegen Joseph R.

De aanklager

Mevrouw de president, leden van de rechtbank,

de aanklacht tegen Joseph Ratzinger (83), thans werkzaam bij de Katholieke Kerk te Rome in de functie van paus, is gebaseerd op de volgende argumenten. Het seksueel misbruik door zijn priesters is zo ernstig, omvangrijk en hardnekkig, dat er sprake is van institutionele strafbaarheid, althans bestuurdersaansprakelijkheid van de topman van dit religieuze instituut, Joseph R.

Deze paus dient door Italië te worden uitgeleverd of bij een volgend staatsbezoek te worden gearresteerd om voor het Internationaal Strafhof in Den Haag te verschijnen dan wel uit te worden geleverd aan een land dat zijn vervolging op zich wil nemen.

Niet alleen als paus, maar vooral ook in zijn vorige rol, als prefect van de Congregatie voor de geloofsleer, is hij schuldig aan nalatigheid dan wel uitlokking van recidive door daders over te plaatsen naar kinderrijke omgevingen. Ik verwijt hem het verbergen van daders, het verduisteren van bewijs en het niet tijdig ingrijpen.

Ik zal aantonen dat zijn organisatie zich heeft verscholen achter het kerkelijk recht en zo daders in diverse landen aan strafvervolging liet ontsnappen. Dit ging gepaard met institutionele chantage: het intimideren van slachtoffers en het afdwingen van geheimhouding waardoor de schade nog is verergerd.

Ook zal ik aantonen waarom het beroep van de paus op immuniteit als staatshoofd moet falen. Het ‘verdrag van Lateranen’ dat de Heilige Stoel in 1929 met Mussolini sloot, de basis van de soevereiniteit van Vaticaanstad, is een farce. Vaticaanstad voldoet aan geen enkel volkenrechtelijk criterium voor soevereiniteit.

Vaticaanstad is niet meer een soevereine staat voor de paus dan de Noordpool is voor de Kerstman. De paspoorten die de Heilige Stoel uitgeeft, hebben staatsrechtelijk dezelfde waarde als die van Disneyland. Vaticaanstad is een geografisch rekwisiet in een toneelstuk.

Vervolgens zal ik duidelijk maken dat de erkenning door de Verenigde Naties op drijfzand berust. En ik zal bewijzen dat de Kerk het VN-verdrag voor de rechten van het kind flagrant schendt. Ten slotte toon ik aan dat het handelen, maar vooral ook het nalaten van de Rooms-Katholieke Kerk begrepen kan worden als een misdaad tegen de menselijkheid.

De paus kan daarom op dezelfde grond vervolgd worden als het Soedanese staatshoofd Omar al-Bashir of Charles Taylor uit Liberia. Ook zal ik aantonen dat slachtoffers die in eigen land hun schade onvoldoende konden verhalen, daarvoor de Heilige Stoel direct civiel aansprakelijk kunnen stellen.

De schaal van het misbruik is enorm. De rekening voor schadevergoedingen voor slachtoffers in de VS is inmiddels 2 miljard dollar. Het aantal pedofiele priesters alleen in de VS wordt door de Kerk daar geschat op 5,3 procent van het totaal. Andere schattingen reiken tot 9 procent. Driekwart van de misbruikklachten die de Kerk hebben bereikt, zijn nooit openbaar gemaakt. De politie is nooit gebeld, er is geen aangifte gedaan.

Mevrouw de president, wat is hier aan de hand?

Mijn antwoord is dat de structuur van de kerk, van het katholieke geloof en van het kerkelijk recht exact tegenovergesteld zijn aan de waarden van de rechtsstaat. Er is geen sprake van openbaarheid, verantwoording, sanctie, begrip of compensatie voor slachtoffers. Integendeel. De Kerk is gericht op geheimhouding en zoekt de oorzaak niet bij zichzelf maar geeft de samenleving de schuld.

Ieder zelfreinigend vermogen ontbreekt. Ik vraag u – is er ook iets anders te verwachten van een instituut dat zichzelf als ‘absolute monarchie’ beschouwt, met een hoofd dat in alles de enige en laatste instantie is? Waarin kindermisbruik niet als misdrijf wordt beschouwd, maar als een vergeeflijke zonde? Waarin pedofilie een excuseerbare vorm van persoonlijke overmacht is, in plaats van een ernstige misdaad die zware schade toebrengt, juist aan diegenen om wie de kerk zou zich moet bekommeren?

De Kerk is echter alleen bezorgd om zichzelf. Het kerkelijke recht is er oorzaak en gevolg van. De procedures zijn geheim, schriftelijk, begunstigen eenzijdig de aangeklaagde priester en kennen geen geloofwaardige of effectieve sancties. Het slachtoffer komt er niet in voor, laat staan het publieke belang, dat er zelfs door wordt ondermijnd. Op bevel van Ratzinger als prefect van de Congregatie waren sinds 2001 alle bisschoppen verplicht zaken van seksueel misbruik direct aan Rome voor te leggen. Deze paus is dus meer dan tien jaar op de hoogte van dit schandaal. Dankzij hem is de plicht om misbruikzaken intern af te handelen uitgelopen op een geheim parallel rechtsysteem, dat de loop van het recht in tal van landen frustreerde.

Het idee dat de kerk ook een soevereine staat is, is de paus kennelijk in de bol geslagen.