Negentig euro kan het leed vergroten

Er komt een eigen bijdrage van 90 euro voor psychiatrische hulp. Daar komt ellende van, denken behandelaars. Meer zelfmoorden zelfs.

Europa, Nederland,,Tilburg, 20-09-2010 GGZ. Willian van Esch en Herman Hemmer. Foto: Evelyne Jacq

Voor Herman Hemmer is 90 euro veel geld. Hij zit in de WAO en houdt tien euro per dag over om eten te kopen en sigaretten. Psychiatrische patiënten roken veel, dan hebben ze iets te doen. „Als ik een sjekkie draai, ben ik weer vijf minuten bezig.”

Hemmer is schizofreen. Je hebt dan een verwrongen beeld van de werkelijkheid. Medicijnen verhinderen dat hij een psychose krijgt, maar hij is soms wel paranoïde. Dan denkt hij dat wordt achtervolgd of dat iemand zijn computer wil kraken. „Ik kan niet zonder behandeling”, zegt Hemmer, die al vijftien jaar patiënt is bij ggz-instelling Breburg in Tilburg. „Dus ik moet die eigen bijdrage wel betalen. Dat is ook het oneerlijke van die maatregel van Klink.”

De instellingen voor geestelijke gezondheidszorg (ggz) hebben geprotesteerd en vorige week was er veel verzet in de Tweede Kamer. Maar minister Klink (Volksgezondheid, CDA) heeft gisteren toch besloten een eigen bijdrage te vragen voor psychische hulp: per behandeling 90 euro. Omdat er elk jaar 600.000 mensen gebruik maken van deze hulp, levert dat 54 miljoen euro per jaar op.

„Dit is een grote negatieve prikkel voor mensen zich te laten behandelen”, meent bestuurder Jan Tromp van Breburg. „Terwijl je al niet graag met een psychose of een depressie naar de dokter gaat. Klink zegt impliciet dat mensen te makkelijk naar de ggz gaan, maar dat is niet zo. Met iedereen die hier komt, is wat aan de hand.”

Negentig euro is voor veel mensen een reden even te wachten met een behandeling, zegt Tromp. Een depressie kan vanzelf overgaan, maar de meeste andere psychische ziekten niet. Als iemand maanden te lang wacht met therapie, verergert de situatie alleen maar, meent Tromp. Hij denkt dat de maatregel van Klink afschrikt. Zijn instelling krijgt tientallen procenten minder bezoekers, verwacht hij.

Ook Thijs Stoop, bestuurder van ggz-instelling Ingeest in de regio Amsterdam denkt dat 10 tot 20 procent minder mensen zich melden. „Zorgelijk, want het is de meest kwetsbare groep die je met zo’n maatregel treft. Patiënten leven vaak van een karige uitkering en zijn zeer ziek.” Hij vindt het discriminerend dat juist die groep een eigen bijdrage moet betalen.

Stoop verwacht dat na de maatregel meer mensen met psychiatrische problemen in de kleine criminaliteit vervallen en verwaarlozen. Ze slikken hun medicijnen niet en dat kan leiden tot agressief gedrag op straat. Medisch bestuurder Jan Mokkenstorm van Ingeest denkt dat het aantal zelfmoorden kan stijgen. Hij is expert op gebied van suïcide en weet dat de meeste mensen die plannen hebben voor zelfmoord, geen hulp zoeken omdat ze bang zijn dat ze worden geregistreerd. Nu nóg een drempel opwerpen om de vraag te beperken, is volgens hem niet nodig. „Klink zei begin dit jaar dat hij het aantal zelfmoorden wil terugdringen, maar beseft blijkbaar niet dat de ggz velen weerhoudt van suïcide.”

„Het is diep, diep treurig”, zegt secretaris Coen Bennink van de raad van bestuur van Pro Persona, de ggz-instelling in Nijmegen en Wolfheze. „Het veroorzaakt veel leed en schade.” Hij is kwaad op de Tweede Kamer. Die heeft zich volgens hem veel te timide opgesteld.

Kortzichtig, vinden experts. Als mensen met een psychische ziekte niet worden behandeld, verkwijnen ze thuis of struinen op straat. We gaan weer terug naar eind vorige eeuw, vindt bestuurder Erik van der Haar van GGZ Drenthe. „Toen was er op straat veel agressief gedrag en veel overlast en criminaliteit door drugsgebruik.” Dan komen ze met een vertraging van een paar maanden of enkele jaren weer bij de ggz. „Dan zijn ze zwaar beschadigd, vooral mensen met een psychose, depressie of angststoornis. Behandelen duurt veel langer en is uiteindelijk vele malen duurder.” Hemmer: „Dan krijg je weer dat de politie wordt ingeschakeld, omdat iemand in zijn onderbroek op straat loopt.”

Willian van Esch was tot vijf jaar geleden jurist. Hij werd manisch-depressief en is in behandeling bij Breburg in Tilburg. Hij heeft een gezin met kinderen van zeven en tien jaar. Hij neemt medicijnen en moet heel regelmatig leven, anders gaat het fout: „Dan word ik heel irritant voor mijn omgeving.” Hij is hyperactief, maar moet zich toch inhouden: „Het is een dagelijkse kwelling.”

Van Esch volgt best redelijk het nieuws, maar hij is een uitzondering bij Breburg. Dat steekt hem. Klink treft mensen die nauwelijks weten wat er aan de hand is in de wereld: ze lezen geen krant, hebben concentratieproblemen. Ze komen niet voor zichzelf op en zijn suf door de medicijnen. „Als je zo hier om je heen kijkt,” zegt Van Esch. „Dan zie je dat die niet snel naar het Malieveld zullen gaan om te protesteren.”