Morele verloedering

Brave KRO-radioluisteraars moeten blosjes op de wangen hebben gekregen. In 1960 hield de katholieke psychiater Kees Trimbos (1920-1988) een serie voorlichtende radiopraatjes over seksualiteit. Hij wilde een taboe doorbreken, want in zijn psychiatrische praktijk had hij gezien hoe onwetendheid over onderwerpen als abortus en masturbatie kon leiden tot grote problemen bij zijn katholieke patiënten. „Praten en denken over het geslachtsleven heeft veel te lang in het teken gestaan van de moraal.”

Trimbos wijdde ook een aantal uitzendingen aan homoseksualiteit. Aan de hand van een aantal lezersbrieven weerlegde hij mythes als dat er onder homo’s meer misdadigers voorkwamen, of dat zij ‘eerst en vooral sexuele lustzoekers’ waren. Ook ging hij in tegen de ‘hardnekkige en kwaadaardige opvatting’ dat in iedere homoseksueel een kinderverkrachter school: „Deze mannen bestaan wel. Helaas! Maar deze ernstige afwijking komt gelukkig maar heel weinig voor.”

Achteraf waren de radiopraatjes van Trimbos de klaroenstoot voor een decennium waarin seksuele bevrijding en emancipatie onder katholieken van binnenuit werden ingezet. Bisschop Bekkers accepteerde op televisie het gebruik van de pil (‘het lekkers van Bekkers’). Andere Nederlandse geestelijken ontwikkelden zich tot voortrekkers van internationale katholieke vernieuwing. Zij stelden zelfs het celibaat aan de kaak.

Maar dat ging Rome toch te ver. Als reactie op de morele verloedering benoemde de paus begin jaren zeventig twee behoudende geestelijken tot bisschop: de latere kardinaal Simonis en de oerconservatieve kerkhistoricus Gijsen. Afschaffing van het celibaat was voor hen onbespreekbaar, homoseksualiteit noemden ze een zonde. De aanstellingen leidden tot een tweedeling in de kerk, die trouwens in heel West-Europa waarneembaar was. Veel progressieve priesters waren gefrustreerd over de koers van Rome en namen ontslag. Tegelijkertijd konden de orthodoxe bisschoppen hun ouderwetse ideeën nog maar moeilijk slijten. De kerken stroomden leeg.

Anno 2010 bevindt de Rooms-Katholieke Kerk zich opnieuw in een crisis. In een golf van onthullingen komt naar buiten wie pas écht moreel verloederd waren: de geestelijken die met hun vingers niet van jonge misdienaartjes konden afblijven. Zelfs voormalig bisschop Gijsen is beschuldigd. De opvattingen van Trimbos zijn gemeengoed geworden. Hij had slechts in één opzicht ongelijk: dat kinderverkrachting maar heel weinig voorkwam.