'Leids verzet is niet vol te houden'

De RijnGouwelijn gaat er komen. Hoe sterk Leiden zich ook verzet tegen de tram. De stad is nu „onbetrouwbaar”, zegt adviseur Boele Staal.

De provincie, diverse Zuid-Hollandse gemeenten, het lokale bedrijfsleven en de Universiteit Leiden. Allemaal zijn ze voorstander van de RijnGouwelijn (RGL), een sneltram die Gouda via Alphen aan den Rijn en Leiden met de kust moet verbinden. Maar Leiden wil geen lightrail door de stad. Het college van B en W (D66, SP, VVD en CDA) vindt dat met de weigering recht wordt gedaan aan een referendum uit 2007. Toen stemde bijna 70 procent van de Leidenaren tegen.

De interpretatie van die uitslag leidde tot een crisis; de SP stapte uit het college. In mei 2008 sloot een nieuw stadsbestuur een tweede bestuursovereenkomst met de provincie over een ander tracé door Leiden. De RGL zou niet langer door de Breestraat, maar over de Hooi- en Langegracht rijden. Het huidige college, aangetreden na de verkiezingen van maart, kan zich ook hierin niet vinden. Het wil helemaal geen RGL.

Leiden, ooit initiatiefnemer van de RGL, staat geïsoleerd. Het maakt een „onbetrouwbare” indruk, constateert Boele Staal. De ervaren bestuurder, onder meer oud-commissaris van de koningin, heeft op verzoek van de gemeente onderzocht of bestuursafspraken tussen Leiden en de provincie ontbonden kunnen worden. Dat is juridisch vrijwel onmogelijk, concludeert zijn commissie. Nog langer medewerking weigeren is bovendien „onwenselijk”, legt Staal uit. Leiden moet volgens hem weer in gesprek gaan met de provincie.

Is de aanleg van de RGL eigenlijk wel een goed idee?

„Daar bestaat geen discussie over. De RGL heeft een positief effect op de economie van Leiden en de regio. Alle onderzoeken wijzen uit dat er behoefte is aan de RGL. Bovendien: vervoer trekt reizigers aan. De Romeinen zouden hier niet gekomen zijn als er geen wegen waren. We moeten naar een fijnmazig openbaarvervoersysteem toe. Uiteindelijk moet er een rondje Randstad komen, de RGL zal moeten aansluiten bij andere ov-netwerken in de Randstad.

„Ook Leiden heeft op zich geen bezwaar tegen het concept van de RGL. De gemeente wil alleen geen lightrail door de stad. Verdubbeling van het treinspoor tussen Leiden en Utrecht, zoals het Leidse college bepleit, is niet de oplossing. Daarmee los je de binnenstadsproblematiek en de regionale bereikbaarheidsproblemen tussen oost- en westkant niet op. De gemeente zou met een geactualiseerde visie op de binnenstad moeten komen. Nu is de gemeente met de linkerhand bezig met de acquisitie van bedrijven, maar met de rechterhand trekt ze aan de rem door niet mee te werken aan de RGL. Daardoor wordt de gemeente als onbetrouwbaar gezien.”

Heeft de provincie oog voor het bovenlokale belang?

„Het slechte imago van provincies is ontstaan doordat ze geen bovenlokale besluiten durfden te nemen. In mijn tijd als commissaris in Utrecht speelde een kwestie over een afrit van een snelweg over grondgebied van De Bilt. De gemeente was tegen, maar uit alles bleek dat die afslag er moest komen. Op een gegeven moment moet een provincie lef tonen. Bij de RGL kan Zuid-Holland Leiden door middel van een inpassingsplan dwingen mee te werken. Voor Leiden geldt: of je laat het over je heen komen of je werkt mee.”

Waarom zou de provincie dan nog in gesprek gaan met Leiden? Zuid-Holland is de gemeente al tegemoetgekomen met een alternatief tracé.

„Ons bestuursrecht is ruim. Eén en één is vaak ongeveer twee, en niet precies twee. Overheden hebben nogal wat mogelijkheden om bestuursvoornemens te vertragen. Er kan een conflict ontstaan. Maar in bestuurlijk Nederland gaan we zo niet met elkaar om, het draait om bereiken van consensus. Je mag van de provincie verwachten dat ze wil praten met Leiden.”

Was een Leids referendum over de RGL verstandig?

„Achteraf kun je constateren dat het referendum niet op deze manier gehouden had moeten worden. Ten eerste was de vraagstelling erg eenzijdig. Het was een ‘lokale vraag’ over een project met een bovenlokaal belang. Ten tweede kiezen individuele burgers met een hoog niet-in-mijn-achtertuingehalte. Deze optelsom van individuele meningen vertegenwoordigt niet het algemene belang. Het gemeentebestuur moet het algemene belang afwegen.”

Dat doet Leiden onvoldoende?

„Ik heb me erg verbaasd hoe expliciet de weigering om mee te werken in het collegeakkoord terecht is gekomen. En je kunt je afvragen hoe bestuurlijk de gemeenteraad in Leiden is. Sommige partijen gedragen zich vooral als spreekbuis van een deel van de burgers. Let wel, er zijn in de stad ook veel voorstanders van de RGL. Een bestuurlijke raad zorgt ervoor dat de verschillende geluiden samensmelten. Het mag nooit zo zijn dat één geluid de overhand krijgt.”

Wat als Leiden blijft weigeren?

„Dan zal de provincie de RGL doorzetten. Voor Leiden dreigen claims van andere gemeenten en belanghebbenden. Alphen heeft al perrons aangelegd en onderwijsinstellingen hebben investeringen gedaan met het oog op de RGL. Het kan toch niet zo zijn dat een universiteitsstad als Leiden mogelijk een claim aan de broek krijgt van de universiteit?”