Israël

De burgemeesters van nederzettingen op de bezette Westelijke Jordaanoever zijn niet welkom bij een studiereis door Nederlandse gemeenten. En terecht. De nederzettingen zijn illegaal en vormen een direct obstakel op de weg naar een tweestatenoplossing. En in Nederland kletsen we niet alleen over onze internationale waarden, we handelen er ook naar.

Eigenlijk handelen we met twee standaarden. Er zijn landen als Canada, Australië, en de EU: welvarend, democratisch, hoogopgeleid, ze lijken min of meer op ons. Hun lot trekken we ons meer aan. Maar we stellen ook hogere eisen. Elke misstap op het gebied van mensenrechten en minderhedenbeleid valt op.

En dan zijn er landen als Turkije, Rusland, Indonesië. Een aanslag in Ankara trekken we ons minder aan, het staat verder van ons bed. Maar we verwachten ook minder ‘goed westers gedrag’ en zien vooral de lichtpuntjes tussen de overdaad aan mensenrechtenschendingen.

Israël behoort vaak tot categorie één, de Palestijnen tot categorie twee. Beide begingen oorlogsmisdaden tijdens de Gaza-oorlog, maar we rekenen dat Israël meer aan. Hamas executeert systematisch politieke tegenstanders, maar wij wijzen erop dat Palestijnse gevangenen in Israël geen familiebezoek mogen ontvangen. Van een democratische rechtstaat verwachten we gewoon meer.

Toch verdwijnt die westerse meetlat onmiddellijk nu Israël weer wordt aangevallen. Sinds de vredesbesprekingen zijn hervat landden er tientallen Qassam raketten en mortiergranaten op Israël. En die mogen dan wel zelden hun doel raken, de dreiging is groot. Toch blijft de ophef uit.

Dat Nederland de nederzettingen in woord en daad afkeurt is duidelijk en terecht. De vraag is nu hoe Israël volgens de westerse waarden moet reageren op de beschietingen. Moeten ze achteroverleunen? Incasseren? De grenzen verder openen? Of is het dan toch toegestaan om terug te schieten? Maar dan misschien niet zo precies? Het is tijd voor een antwoord, en dit keer bij voorkeur voordat Israël weer orde op zaken moet gaan stellen en de westerse wereld wederom in verbijstering achter moet laten.

Rosanne Hertzberger