Te koop: Griekse spoorwegen. Iemand?

De EU eist dat de Grieken hun begroting op orde brengen. Door bijvoorbeeld de spoorwegen te privatiseren.

Maar wie koopt een bedrijf vol met schulden?

Het kleine spoorstation in Kiato vertelt alles over een eeuw vooruitgang en stilstand op de Peloponnesos, het grootste Griekse schiereiland.

De telefoon op het verlaten bureau werkt nog met een draaischijf, maar de rails voor het gebouw liggen bijna een halve meter dichter bij elkaar dan in Europa en de rest van Griekenland gebruikelijk is. Ze stonden symbool voor vooruitgang toen premier Trikoupis eind negentiende eeuw regeerde. Maar het smalspoor is verouderd. Reizigers zijn nergens te bekennen. Op de deur staat dat de trein sinds augustus 2009 niet meer rijdt. „Wegens werkzaamheden.”

En nu, door een wetsvoorstel van de minister van Transport eerder deze maand, lijkt het definitieve einde van het treintje rond de Peloponnesos nabij. Internationale instellingen dwingen de Griekse regering financiële verplichtingen van de Staat op de balans te zetten. Met het ene gat het andere dichten door nieuwe leningen is er niet meer bij.

Langzaam wordt de werkelijke omvang van de Griekse staatsschuld zichtbaar. Volgens gangbare schattingen neemt die toe met 10 procent, oftewel 30 miljard euro. Er zijn financiële verplichtingen verborgen in de spoorwegen (10 miljard euro), het stadsvervoersbedrijf in Athene (ongeveer 3 miljard) en in de gezondheidszorg (ten minste 6 miljard).

De spoorwegen zijn een voor de hand liggende bezuinigingspost. Ze maken per dag 3 miljoen euro verlies. Ongeveer 2.500 van de 6.000 man spoorwegpersoneel gaan met vervroegd pensioen of krijgen elders een baan. De Staat neemt de schulden van het staatsbedrijf OSE, 10 miljard euro, over. En alle verbindingen, behalve de intercity tussen de grote steden Thessaloniki, Athene en Patras, worden waarschijnlijk gesloten.

OSE draaide de afgelopen decennia op commerciële leningen die het bedrijf kreeg doordat de Staat in plaats van geld garanties afgaf. Ongeveer de helft van de uitgaven bestaat daardoor inmiddels uit rente. De toestand waarin het bedrijf verkeert, is het resultaat van mismanagement en gebrek aan investeringen. Hoewel het personeelsbestand tussen 2000 en 2008 met 30 procent kromp, schoten de personeelskosten met 50 procent omhoog. Op afgelegen trajecten rijden vrijwel lege treinen, maar verdient de machinist een ton per jaar door de vele goedbetaalde overuren.

Om uitgaven en inkomsten in evenwicht te krijgen, moet het aantal reizigers vertienvoudigen, rekent John Mourmouris voor. „Onmogelijk”, zegt hij. Mourmouris was tussen 1997 en 2000 bestuursvoorzitter van de spoorwegen en doceert nu transporteconomie en management. „De meeste lijnen zullen nooit winstgevend worden”, zegt Mourmouris. De kosten voor aanleg en onderhoud van rails en tunnels door de bergen zijn te hoog om terug te verdienen. Alleen de verbindingen tussen de grootste steden zijn commercieel interessant, mits de kostbare tunnels waaraan al jaren wordt gewerkt ooit gereed komen.

Mourmouris spreekt bewust over ‘herstructurering’, niet van ‘privatisering’. „Tenzij je denkt dat bedrijven graag schulden kopen, begrijp je dat een private onderneming hier voorlopig nog niets te zoeken heeft.” De regering hoopt 49 procent van het afgeslankte bedrijf te kunnen verkopen aan een investeerder.

De vakbond van spoorwegpersoneel graaft zich diep in om privatisering te voorkomen. De woensdag voordat het wetsvoorstel openbaar wordt, rijden de treinen vijf uur niet en bezetten boze machinisten uit voorzorg het hoofdkantoor van OSE in het centrum van Athene.

Op witte actieshirts staat een cartoon die toeschouwers duidelijk moet maken welk spel wordt gespeeld. Een groep hongerige varkens met messen en slabbetjes zit rond een tafel vol miniatuurtreintjes. Behalve het Internationaal Monetair Fonds en de media zijn een Chinees staatsbedrijf en de Franse spoorwegen afgebeeld, de mogelijke kopers volgens het geruchtencircuit dat al maanden draait. De Griekse regering is afgebeeld als een magere landloper die voor ober speelt. „Eet zoveel u wilt, de Griekse burgers betalen wel.”