Deltacommissaris: uitstel aanpak water

Nederland moet zo lang mogelijk wachten met drastische en dure maatregelen tegen overstromingen en ter vergroting van de hoeveelheid zoet water. Dat stelt deltacommissaris Wim Kuijken in zijn eerste rapportage aan het kabinet, die vandaag wordt aangeboden aan de Tweede Kamer.

Kuijken wil ingrijpende maatregelen het liefst uitstellen tot een periode dat er meer geld is en ook meer kennis over de gevolgen van zulke maatregelen. Hij omschrijft deze aanpak als „adaptief deltamanagement”. Kuijken: „We weten niet precies wanneer bepaalde omslagpunten komen. Je moet dus flexibel zijn, en uitgaan van wat we nu weten en meten.”

Zo wil Kuijken proberen eerst allerlei minder kostbare maatregelen te nemen om het zoute water van het vasteland terug te dringen, alvorens drastische besluiten te nemen om bijvoorbeeld de Nieuwe Waterweg regelmatig af te sluiten of om de hoeveelheid zoet water te vergroten, bijvoorbeeld het peil van het IJsselmeer met anderhalve meter te verhogen.

Kuijken werd begin dit jaar voor zeven jaar aangesteld als deltacommissaris. Zijn functie werd ingesteld op advies van de Deltacommissie, onder leiding van oud-minister Veerman.

Deltacommissaris Kuijken wil bij het nemen van maatregelen tegen overstromingen de komende honderd jaar niet uitgaan van de ergst denkbare scenario’s van klimaatverandering, maar „nuchter” de noodzakelijke maatregelen voorbereiden.

Eerder liet de inmiddels opgeheven Deltacommissie juist onderzoek doen naar de ergst denkbare scenario’s van klimaatverandering en zeespiegelstijging voor Nederland in de komende twee eeuwen. Kuijken laat deze scenario’s buiten beschouwing en beperkt zich tot de scenario’s van het KNMI. „Laten we eerst de huidige veiligheidsnormen proberen te halen.”

Van groot belang noemt Kuijken dat de plannen niet door het Rijk, vanuit Den Haag, worden opgelegd, maar worden gemaakt in samenspraak met regionale bestuurders, lokale waterbeheerders en bewoners. „Ik ben niet van ‘Den Haag’. Ik ben van het hele land.”