Aangebrand had toegeslagen

Laatst kwam ik weer eens een bekend gedichtje van Hanny Michaelis tegen:

Briljant filosoferend / over het leven liet ik / de aardappels verbranden. / Een onmiskenbaar bewijs / van emancipatie.

De aardappels laten aanbranden moet jarenlang de huisvrouwenzonde bij uitstek geweest zijn. Het gebeurde geregeld en het was ontzaglijk stom – en ontzaglijk smerig.

Ik herinner me nog maar al te goed die aangebrande lucht van de verbrande aardappelen die direct door alles heen trok. Geen huisvrouw kwam ermee weg om de aangebrande stukjes eraf te snijden en te doen of alles in orde was – niet alleen rook het hele huis direct naar verbrande aardappelen, ook smaakte elke aardappel in de pan verbrand, ook al was hij niet in aanraking geweest met de bodem. Het was alsof ze in een rookoventje gezeten hadden, met zeer smerige rook.

Hoe kon het dat al die aardappelen vroeger aanbrandden en dat een moderne aardappel dat eigenlijk nooit meer doet?

Daar hebben wij twee verklaringen voor verzonnen die met elkaar samenhangen. Het zijn: 1. de pan, 2. de aardappel.

Ad 1: pannen waren vroeger anders, van dun aluminium dat weliswaar veel beter geleidde dan het moderne rvs maar daardoor ook snel schroeide. Liet je de aardappelen even te lang in zo’n pan op het vuur staan dan was het al raak.

Ad 2: Het waren eigenlijk altijd afkokers. Dus je goot de aardappelen af en liet ze dan nog even in de pan, de heel dunne aluminiumpan, stomen. Op dat moment sloeg Aangebrand toe.

Nu doen we het anders. Ik stoom de aardappelen altijd in een stoommandje. Dan kan je niet veel gebeuren.

Dacht ik. Maar laatst heb ik toch kans gezien om water aan te laten branden. Onder de wortelen in het stoommandje. Stomen leek me in verband met de onlangs nog gememoreerde, vaak wat flauwe wortelsmaak een heel wat beter idee dan ze heel lang in water te leggen. Ik had wat weinig water in de pan gedaan, de wortelen wat lang laten stomen want ze moesten echt zacht worden, waarschijnlijk ook niet heel goed opgelet – en ineens rook ik het. Aangebrand was binnengedrongen.

Gauw de wortelen eruit, die dankzij het stoommandje niet op de bodem hadden gelegen. Ze waren al overweldigd door Aangebrand, maar omdat er niets anders had gebrand dan de pan met het verdwenen water, hing er niet die verschrikkelijke stinklucht in, maar een lichte rooksmaak. Eigenlijk best lekker!

Dus het smakelijke wortelvoorafje, dat naast het vrolijke fetavoorafje en de peterseliesalade hoorde, kon toch doorgang vinden. Maar het is ook prima als je geen water laat aanbranden…

Twee voorgerechtjes:

Wortelpuree (Houriya)
• 300 g wortelen
• 1 tl komijn
• 2 tl harissa
• 1 el honing
• 5 el olijfolie

Fetapuree
• 75 g feta
• 300 g dikke Griekse of Turkse yoghurt
• 3 el olijfolie
• 1 teentje knoflook, geperst
• 2 el dille, gehakt
• 2 el munt, gehakt

Schrap de wortelen, snijd ze in plakjes en kook of stoom ze echt gaar. Pureer ze met de honing, de azijn, de harissa, de komijn en de olijfolie. Maak op smaak met peper en zout.

Voor de fetapuree:
Snijd de feta in blokjes en prak die met een vork door de andere ingrediënten. Het hoort een beetje brokkelig te zijn.