Trauma-rijk

De eerste Roma die hun oprotpremie van driehonderd euro allang hebben opgemaakt, maken zich alweer op om terug te keren naar Frankrijk. Dat lag voor de hand natuurlijk, want uitzetten naar het land van waaruit ze vertrokken waren – vanwege beroerder omstandigheden dan die in Frankrijk – is weinig constructief.

Terecht dus dat de Europese Commissie zich er behoorlijk druk over heeft gemaakt door bij monde van de Commissaris van Justitie te zeggen wat iedereen denkt: het Franse uitzetbeleid roept zwarte herinneringen op. Dat die Commissaris zich na kritiek uit heel Europa daar weer voor heeft geëxcuseerd is teleurstellend. Want hoewel de vergelijking met nazi-Duitsland niet gemakzuchtig kan worden gebruikt, is het zinvol die herinnering op te roepen wanneer de gevestigde orde er blijk van geeft het normaal te gaan vinden om hele groepen te discrimineren. De geschiedenis heeft nu eenmaal geleerd dat er niet veel voor nodig is om selectief te brandmerken – de Roma is het nooit anders vergaan.

De angst om de zaken bij hun naam te noemen, kenmerkt zo langzamerhand de politiek in heel Europa. Dat staat haaks op het gebrék aan angst waarmee zeer specifieke zaken bij een heel kwalijke naam genoemd mogen worden. Niet alleen in Frankrijk, maar ook bij ons. We hoeven daarom geen verwachtingen meer te koesteren dat de een of de andere Eurocommissaris ook de waarheid gaat zeggen over de kwalijke politieke ontwikkelingen in Nederland, waar gevestigde en nieuwe partijen openlijk aan de haal gaan met de grondwet. Je wilt niet nog eens Europa over je heen.

Het maakt het zicht op werkelijke oplossingen voor de Roma er niet aannemelijker op. Hoe zit het bijvoorbeeld met de naleving van beloften aan de EU door Roemenië over een actieve bijdrage aan de verbetering van de positie van de vooral daar zwaar gediscrimineerde Roma?

Binnen het huidige politieke klimaat kan Frankrijk blijven uitwijzen wat het wil, maar het lost niets op. De meeste Roma keren gewoon weer terug, nog even berooid, maar een trauma rijker.

Floris-Jan van Luyn