‘Rechtbank- en hofpresidenten moeten hun mond durven houden’

persrechterGerechtsbestuurders moeten bij controversiële vonnissen in de media hun mond durven houden. Zij moeten juist uitdragen dat die vonnissen buiten hun verantwoordelijkheid zijn gewezen, door onafhankelijke rechters. Alleen de persrechter mag toelichting geven. Dat schrijft raadsheer Peter Ingelse in het NJB, hier.

Het artikel gaat in op een rede van Geert Corstens, president van de Hoge Raad, over de rol die de persoon van de rechter mag spelen. De opvattingen van Corstens werden eerder hier samengevat. Ingelse, onlangs benoemd tot voorzitter van de ondernemingskamer, gaat in op het mediaoptreden van een aantal gerechtsbestuurders dat controversiële vonnissen uitlegde. Hij noemt met name, op bladzijde 1.967 van zijn artikel, de uitleg die de Arnhemse hofpresident D. van Dijk onder meer in NRC Handelsblad gaf over de schorsing van de hechtenis van Saban B. Dat artikel is hier te vinden. De trend dat gerechtsbestuurders meer optreden in het openbaar is hier eerder gesignaleerd.

Ingelse zegt dat hij het als rechter ´niet prettig´ vindt als zijn president, of de voorzitter van de Raad voor de Rechtspraak, het in de media voor hem opneemt. Hij wil geen ´warme´ noch een ´koude´ hand op zijn schouder voelen wanneer hij een uitspraak doet. De uitleg die Erik van den Emster namens de Raad over de dwaling in de zaak-Lucia de Berk gaf vindt hij eveneens niet gewenst. Hij vindt dat gerechtsbestuurders zo in een ´gevaarlijke vicieuze cirkel´ terechtkomen. Geen enkele gerechtsbestuurder draagt enige verantwoordelijkheid voor de uitspraak van een rechter. Door daarover publiek uitleg te geven, wekt een president echter wel die indruk en dat noemt Ingelse misleiding van het publiek. De enige die spreekt is de rechter zelf en wel door zijn uitspraak. Ingelse noemt deze aloude regel ´springlevend´. Laat de rechter die kans voorbij gaan, dan is de persrechter de aangewezen persoon. De schorsingsuitspraak van Saban B. was bijvoorbeeld gemotiveerd noch gepubliceerd. Ook mag een collega-rechter zich eventueel in een publiek debat mengen, maar dat moet dan wel voorzichtig gebeuren. Hij ziet de rechter niet als een ´uitvoerder´ die onder een bestuur werkt dat namens hem spreekt. De rechtspraak is ´een gecoördineerde verzameling van rechters die op grond van hun benoeming en beroepsethos door middel van hun individuele persoon in staat zijn in elke afzonderlijke zaak ‘ieder het zijne´ te geven´.  Alleen als de rechtspraak zo wordt gezien, zal dat de burger tot respect blijven inspireren, denkt hij.

Het erkennen van een fout noemt Ingelse ´een tamelijk glibberige aangelegenheid´. ´In zijn algemeenheid´ moet de rechter fouten niet erkennen, schrijft hij. Als de rechter zelf een dwaling vaststelt, zoals in de zaak-Lucia, dan is daarmee de kous af. Van het betuigen van  spijt en excuses is de raadsheer ´geen liefhebber´.  Hij spreekt hier van een ´mode´. Het analyseren van de fout en het voorkomen ervan in de toekomst is een taak van wetenschappers en ´professionals´ en niet van het gerechtsbestuur, dat Ingelse dus niet rekent tot de kring van professionals. Als de rechter zelf ontdekt dat hij een fout heeft gemaakt, nadat de uitspraak al is gedaan, dan moet die in hoger beroep worden hersteld. Als de foute uitspraak onherroepelijk is geworden, kan gratie uitkomst bieden.

Ingelse vindt wel dat de rechter met die fout dan voor de draad moet durven komen. Als de fout in een meervoudige kamer is gemaakt, moeten de rechters het daarover wel eerst eens zijn. Als voorbeeld noemt hij het verkeerd interpreteren van een proces-verbaal dat juist wel een alibi verschaft en daarmee een stevige veroordeling volledig doorkruist. Het moet gaan om ´ontwijfelbare´ fouten en stevige straffen, aldus Ingelse. Misschien moet ook de lagere rechter de mogelijkheid krijgen om foute uitspraken zelfstandig terug te draaien. Lees het artikel van Ingelse hier. En hier deze kwestie op het weblog Publiekrecht en politiek.

Wat vindt u? Wie ziet u liever een toelichting geven bij een controverse rond een rechterlijk vonnis: de president of de persrechter?

Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding.