Dilemma in Zweden

De Zweedse kiezers hebben hun politieke leiders met een soortgelijk probleem opgescheept als het Nederlandse electoraat eerder dit jaar deed. Bij de verkiezingen heeft geen van de twee grote blokken in Zweden een parlementaire meerderheid behaald. De uitslag is daarmee gecompliceerd. De met de PVV vergelijkbare SD verwierf een wippositie: zij kan voor de doorslaggevende stemmen zorgen in de Riksdag, het Zweedse parlement.

Maar er is ook een groot verschil met Nederland. Waar VVD en CDA genegen zijn met de PVV als gedogende partij in zee te gaan, wijzen de grote coalities in Zweden dit beide af. In elk geval: nu nog. Dat geldt voor het verband van sociaal-democraten, groenen en de derde linkse partij. Maar ook voor centrum-rechts onder leiding van premier Fredrik Reinfeldt. Hij herhaalde gisteren wat hij voor de verkiezingen had aangekondigd: zijn coalitie zal niet gaan samenwerken met de SD (Zweden-Democraten) en wil er ook niet afhankelijk van worden. Geen ‘Deens model’ voor Zweden dus.

Dat centrum-rechts in het zo lang door sociaal-democraten gedomineerde Zweden voor de tweede achtereenvolgende maal het grootste blok werd, is een verdienste van Reinfeldt c.s. De belastingverlagingen die hij de afgelopen jaren heeft doorgevoerd, zijn de kiezers blijkbaar bevallen. Al blijft Zweden het welvarende land van de relatief hoge belastingen, waar goedkope of gratis voorzieningen als kinderopvang en ouderschapsverlof tegenover staan. Reinfeldt, leider van de Moderaten, zal blijven regeren. Dat zijn kabinet in het begin werd getroffen door belastingschandaaltjes – twee ministers traden af – is hem niet zwaar aangerekend.

Het moet anderzijds teleurstellend voor centrum-rechts zijn dat het de absolute meerderheid in de Riksdag verloor. Deze coalitie komt daarvoor drie zetels tekort. Gelet op de opiniepeilingen is dat een tegenvaller voor de zittende regering. De sociaal-democratische partij SPD bleef de grootste partij, maar slechts nipt en zij boekte, volgens de nog voorlopige uitslag, met een kleine 31 procent een laagterecord. Het bracht partijleider Mona Sahlin tot de conclusie dat dit verkiezingen zonder winnaar waren.

Maar dan zag zij toch het succes van de SD over het hoofd. De partij die voor het eerst de horde nam die een kiesdrempel van 4 procent is. Zweden-Democraten komt met twintig zetels de Riksdag binnen. Zij bevestigden daarmee de trend die elders in Europa al langer zichtbaar is: het succes van anti-islam- of xenofobe partijen. De SD, met extreem-rechtse wortels, is er daarbij een van het onversneden soort. Het roept ook in dit land de vraag op naar het absorptievermogen van een maatschappij als het gaat om immigratie.

Centrum-rechts heeft al gelonkt naar de Milieupartij, die evenwel niet geneigd is de coalitie aan een meerderheid te helpen. Maar als beide blokken zo stellig in hun afwijzing van de SD blijven, zijn ze, linksom of rechtsom, op elkaar aangewezen omwille van de regeerbaarheid van Zweden.