Olthuis kon doortastend tasten

Op 25 augustus vorig jaar overleed de Amsterdamse schilder Norbert Olthuis, 84 jaar oud. Hij woonde en werkte bijna vijftig jaar in een voormalig schoollokaal in de Jordaan. Op een namiddag kort na zijn dood werd daar nog één keer geschilderd. Olthuis’ vriend Dirck Nab wilde het atelier vastleggen voordat het overhoop werd gehaald. Het wás al een puinhoop, vertelt hij, maar dan wel een hoogstpersoonlijke puinhoop. „Een enorme chaos, waarin alleen Norbert de weg wist.”

De spullen en meubels heeft Nab niet heel precies in verf benoemd, al zijn er wel schappen en flessen te herkennen, witte schaatsen of laarzen en hangende oranje sliertjes die op slingers lijken. Maar Nab schilderde vooral het gedempte licht dat door het interieur dwarrelde en alles kleur en ruimte gaf. Later maakte hij uit zijn herinnering nog een tweede schilderij van Olthuis’ atelier.

Beide werken zijn nu te zien op een kleine tentoonstelling van en over Norbert Olthuis in de Eerste Bergensche Boekhandel. Daar hangen ook foto’s die Koos Breukel van het atelier maakte. De foto’s vullen Nabs schilderijen mooi aan. De witte schaatsen of laarzen blijken gipsen afgietsels van voeten te zijn, waarschijnlijk afkomstig uit de Rijksakademie, waar Olthuis in de jaren vijftig studeerde en in de jaren zeventig lesgaf. De oranje slingers zijn verdroogde sinaasappelschillen.

Achterin de winkel hangt, boven de ramsjboeken, een groepje tekeningen van Olthuis zelf. Ze hebben het niet makkelijk, want ze moeten de aandacht van de kunstboekenliefhebber zien af te leiden van de stapels koopjes. Maar dat lukt. De meeste indruk maken twee tekeningen van ruiters te paard en een tekening van een man in een wit hemd, schuin van achteren gezien, die leunt tegen een laddertje.

Alles is nagevoeld en genoteerd in zwarte krijtlijnen, afwisselend dun en dik, lang en kort. Olthuis’ handschrift heeft niets artistiekerigs: nergens krijg je het gevoel dat hij zich die tastende manier van tekenen aanmat om de tekeningen een lekker aanzien te geven. Maar des te lekkerder zien ze eruit. Ze zijn het werk van iemand die decennialang getekend heeft, van iemand die zo vertrouwd was met het materiaal dat zelfs zijn zoeken en proberen er vastberaden uitziet. Olthuis kon doortastend tasten.

Inmiddels verwierven het Rijksmuseum in Amsterdam en Teylers Museum in Haarlem tekeningen en schetsboeken uit Olthuis’ nalatenschap. Het is te hopen dat die gauw eens ergens getoond worden, liefst met een mooie catalogus erbij. Olthuis’ tekeningen verdienen een serieuzere presentatie dan die in de Bergense boekwinkel – maar het is wel dankzij die kleine presentatie dat we dat nu weten.

Norbert Olthuis, Dirck Nab en Koos Breukel. Tot medio okt in de Eerste Bergensche Boekhandel, Oude Prinsweg 1, Bergen.