Geen idee wat er na mijn 65ste binnenkomt

De financiële problemen bij de pensioenfondsen zorgen voor onrust. Maar dat is voor de meeste mensen nog geen reden om over hun pensioen na te denken.

Ze waren voorbereid op heel veel telefoontjes van ongeruste mensen. In een paginagrote advertentie in de landelijke dagbladen (met de kop: ‘Er is wat aan de hand met uw pensioen’) riepen de vijf grootste pensioenfondsen (ABP, Zorg & Welzijn, het fonds voor de bouw en de twee metaalfondsen PME en PMT) hun klanten vorige week op om vooral te bellen met vragen en zorgen over hun pensioen. „Wij vertellen u graag hoe het ervoor staat”.

Natuurlijk, er werd gebeld de afgelopen dagen. Door gepensioneerden die wilden weten of ze gekort gaan worden. En zo ja, hoeveel dan? Maar het bleef, in de woorden van één van de telefonisten van ABP, „vrij rustig”. „De telefoon stond niet roodgloeiend.” Ook vakbond FNV Bondgenoten werd de laatste weken „wel wat vaker gebeld”, maar meldt geen spectaculaire toename van het aantal verontruste telefoontjes.

Gek? Een beetje wel. Er is immers genoeg reden tot ongerustheid. Door de economische crisis en de lage rente moeten verschillende pensioenfondsen misschien korten op de pensioenen. En dat leidde de afgelopen weken tot stevige Kamerdebatten en vele krantenberichten.

„De ongerustheid ís er wel, mensen zijn somberder over hun pensioen, maar ze doen er niets mee”, zegt projectleider Olaf Simonse van CentiQ, Wijzer in geldzaken, een initiatief van het Ministerie van Financiën dat consumenten voorlicht over geld. Dat komt, denkt Simonse, door het abstracte karakter van de pensioencrisis. „Het gaat om vage begrippen als ‘afstempelen’ en ‘dekkingsgraden’. De meeste mensen kunnen zich daar niet zoveel bij voorstellen, ook al worden ze er de laatste tijd vrijwel dagelijks in de media mee geconfronteerd. Mensen zijn van nature geneigd om ongerustheid weg te stoppen.”

Pensioen is voor het overgrote deel van de werknemers bovendien ver weg, blijkt uit de eerste ‘pensioenbewustzijnmeting’ van CentiQ. Slechts 12 procent van de werknemers in loondienst weet wat hem of haar na de 65 te wachten staat. Daarbij geldt: hoe ouder hoe beter mensen op de hoogte zijn. ‘Pensioenonbewusten’ zijn bovendien vaker vrouw en lager opgeleid. Het platform start binnenkort met een „confronterende campagne” om mensen „meer pensioenbewust” te maken. „We willen mensen in drie stappen aan het denken zetten”, zegt Simonse. „Zoek uit wat je pensioen wordt, reken uit wat je nodig denkt te hebben na je 65ste en doe er iets aan als die tweede stap hoger uitvalt dan de eerste.”

Bereken uw pensioen in tien minuten op www.ericaverdegaal.nl

‘Ons huis is ons pensioen’

Wilco Stemerdink (45), hoofd marketing en pr bij Toneelgroep Oostpool.

„Noem me laconiek, maar ik heb vrijwel niets geregeld voor later. De overwaarde op ons huis is op dit moment ons spaarpotje. Met pensioen gaan, vind ik überhaupt een raar concept. Soms hoor ik mensen vragen: ‘Hoe lang moet jij nog?’ Móet! Onbegrijpelijk, vind ik. Waarom zou je volledig stoppen met werken na je 65ste als je nog gezond bent?

„Ik wil gewoon doorgaan met doen wat ik leuk vind en wat ik goed kan. Werk is voor mij zoveel meer dan geld verdienen. Het enige waar ik me zorgen over maak, is of ik werk houd. Om me heen zie ik dat mensen na hun vijftigste bijna niet meer aan de bak komen.

„Ik heb nagenoeg geen idee wat ik aan pensioen heb opgebouwd. Voor dit interview heb ik wat formulieren opgezocht. Kijk, dit is van een pensioenfonds uit de tijd dat ik bij Elsevier werkte: 790 euro. Per jaar, geloof ik. Niet echt een vetpot.

„Sinds een paar maanden ben ik weer in loondienst, daarvoor had ik een eigen bedrijf. Ik heb in die jaren wel eens geld opzij gezet en aandelen gekocht, maar daar is niet zo veel van over. De crisis heeft er goed ingehakt: je teert als ondernemer altijd in op je eigen vermogen als het slechter gaat.

„Ik probeer te leven bij de dag. Mensen weten wel dat ze ooit sterven, maar niemand gelooft het echt. Anders zouden ze hun leven wel anders inrichten en minder bezig zijn met geld. Aan de andere kant is het natuurlijk wel verstandig om iets te regelen voor de toekomst. Om iedere maand een vast bedrag te sparen, bijvoorbeeld. Maar het idee staat me tegen.

„Het is misschien naïef, maar ik denk dat het vanzelf wel goed komt. Ik zorg wel voor een spaarpotje tegen de tijd dat het echt nodig is, daar ben ik van overtuigd. Bovendien kunnen we als het moet best met minder geld toe.”

‘Spaarpotjes om eerder te stoppen’

Adriaan Veer (57), technisch adviseur bij verzekeraar Zurich.

„De onrust rond de pensioenfondsen houdt me wel een beetje bezig. Ik ga er nu van uit dat ik wil stoppen met werken als ik 62 word. Over vijf jaar dus. De pensioenleeftijd bij mijn huidige werkgever is nog niet zo lang geleden eerst verlaagd naar 62 jaar en daarna weer verhoogd naar 65. Die drie jaar kan ik waarschijnlijk wel opvangen met een aantal spaarpotjes. Ik weet nog niet precies wat de consequenties zijn van eerder stoppen. Hoeveel verlies ik dan aan pensioenopbouw? Het wordt tijd om dat eens goed door te rekenen.

„De huidige dekkingsgraden van de pensioenfondsen vind ik geen bedreiging. Tegen de tijd dat ik met pensioen ga, is daar wel een oplossing voor gevonden. We redden ons wel. Desnoods teren we in op ons huis: als ik 65 word is de hypotheek afbetaald.

„Een veel grotere zorg is de vraag of ik tot mijn 62ste aan het werk kan blijven. Als er een reorganisatie komt, raak ik mijn baan misschien kwijt. Zie dan maar weer aan de bak te komen. .

„Toen ik ging werken, begin jaren tachtig, was dat met het idee dat de werkgever voor je zorgt. Van de wieg tot het graf. Maar er kwam een reorganisatie en ik stond bijna op straat. Een harde les: je bent zelf verantwoordelijk, iemand anders doet het niet voor je.

,,In die tijd was het bovendien normaal dat mensen met pensioen gingen als ze 57, 58 waren. Daar denk ik wel eens aan: als ik van die generatie was, had ik nu al kunnen stoppen met werken. Niet dat ik dat zou willen, hoor. Ik vind mijn werk hartstikke leuk. Maar tegelijkertijd ben ik me ervan bewust dat ik geen grote carrièrestappen meer ga maken en leef ik echt toe naar mijn 62ste. Mijn dochter gaat tegen die tijd bijna het huis uit. Dat is een mooi moment om ons leven anders in te vullen.”

‘Ik maak me geen zorgen over geld ’

Ans Gerritsen (66), gepensioneerd

„Het pensioen dat ik elke maand krijg, is bijna lachwekkend: 92 euro en 32 cent. Daar heb ik ruim twintig jaar voor gewerkt, als secretaresse bij de Hout- en Bouwbond CNV, tegenwoordig CNV Vakmensen. Eerlijk gezegd hield het me nooit zo bezig. Ook omdat ik wist dat mijn man na zijn zestigste een goed pensioen zou krijgen. Mijn pensioen zagen we als een mooi extraatje.

„Wat me achteraf wél stoort is het feit dat ik als vrouw en parttimer jarenlang niet werd toegelaten tot het pensioenfonds van mijn werkgever. Pas na 1990 werden bedrijven verplicht om al hun werknemers toe te laten.

„Ik heb hier nog een brief waarin wordt gevraagd of ik met terugwerkende kracht mijn werknemersdeel aan het pensioenfonds wilde betalen. Maar dat ging om zo’n enorm bedrag in één klap, dat ik er vanaf heb gezien.

„We zijn in inkomen wel wat achteruit gegaan na onze pensionering. Maar we hadden een aantal koopsompolissen achter de hand en al met al kunnen we ons nu prima redden. We doen alles wat we willen.

„Stel dat de pensioenfondsen straks gaan korten op de uitkeringen dan redden we ons ook wel. Ik maak me absoluut geen zorgen. We kunnen wel met wat minder geld toe. Nu kopen we zo een poppenwagentje van 100 euro voor onze kleindochter. Dat is eigenlijk te gek voor woorden, als je er goed over nadenkt.

„Ik maak me wel soms zorgen over de toekomst van mijn kinderen. Zij gaan het veel zwaarder krijgen, dat realiseer ik me heel goed. Mijn man was 60 toen hij er met een goede regeling uit kon. Dat zit er voor onze kinderen niet in. Als wij ’s ochtends op ons gemak samen ontbijten, denk ik wel eens: wat is dit heerlijk! Dat zou ik mijn kinderen ook graag gunnen.”