De piratenconferentie besluit: samplen is uit

Op de piraterijconferentie in Tilburg werden de grens van het auteursrecht verkend. Achterhaald, of toch wel een probleem voor de kleine rapper?

Pas na zijn presentatie tijdens de piraterijconferentie van festival Incubate, gisteren in Tilburg, wordt kunstenaar Rob Scholte (52) persoonlijk. Een bezoeker vraagt waarom de ooit zo alom aanwezig Scholte de afgelopen jaren wel van de aardbodem leek verdwenen. „I was bombed,” zegt Scholte, die bij een bomaanslag zijn benen verloor. „Ik ken de effecten van roem. Warhol liet geen mensen meer in The Factory nadat hij was neergeschoten; ik heb mijn leven ook veranderd.”

Scholte vertelt dat hij afstand heeft genomen van een „persoonlijkheidscultus waarin we denken dat we niet meer bestaan wanneer er geen mensen zijn die naar ons kijken.” De roem die hij in de jaren tachtig opbouwde, was volgens hem het summum van de ‘vijftien minuten roem’-regel van Warhol. Maar inmiddels voelt Scholte zich meer verwant met Britse street artist Banksy; de in capuchon gehulde graffitiartiest die in de YouTube-wereld juist lijkt te communiceren „dat iedereen vijftien minuten anoniem kan zijn.”

In zijn relaas verbindt Scholte het actuele piraterijdebat – wat is stelen in de kunst, en wat is citeren, en hoe ga je om met illegaal downloaden? – met zijn eigen carrière die werd gedomineerd door zijn spel met het auteursrecht. Scholte schilderde het copyrightteken op canvas „om te onderzoeken of daar ook copyright op zat.” Volgens Scholte is het in de rechtenwereld belangrijk steeds te wegen „of iemands eigenbelang ook in gemeenschappelijk belang is.”

Auteur Matt Mason is de pleitbezorger van de piraat als aanjager van nieuwe creatieve en commerciële ontwikkelingen. Hij doorspekt ‘s ochtends zijn toespraak met dezelfde prikkelende voorbeelden als in zijn internationale bestseller The Pirate’s Dilemma waarmee hij een forste stempel op het piraterijdebat drukte.

Zo houdt Mason het publiek voor dat „zelfs de Verenigde Staten gebouwd zijn op piraterij” omdat Europese patenten daar ten tijde van de onafhankelijkheid bewust met voeten werden getreden. En roept hij bedrijven op, zich op andere kwaliteiten te richten „wanneer hun product gratis wordt weggeven”. Hij geeft gebotteld water als voorbeeld. Mason: „Je kunt water gratis downloaden in iedere badkamer, maar mensen betalen voor het Alpengevoel.”

In de aansluitende paneldiscussie wil rapper Jiggy Djé graag weten hoe hij „de 13.000 Twitter-volgers en miljoenen YouTube-views” van zijn artiest Hef om kan zetten in klinkende munt. „Als je duizend nummers downloadt is dat voor Lady Gaga geen probleem, maar wel voor Jiggy Djé.”

Hank Shocklee, invloedrijk producer van rapgroep Public Enemy noemt in een podiuminterview sampling van muziek „een hommage”. Shocklee vindt dat een producer moet betalen „voor hergebruik van een muzikaal thema of een collectie aan geluiden maar niet voor het gebruik van een afzonderlijke snaredrum of bastoon.” Nu zijn samples vaak te duur en kunnen alleen gevestigde artiesten ze gebruiken; „dat is oneerlijk.”

Met moderne software is het volgens hem eenvoudiger geworden de muzikale atmosfeer van vroeger te recreëren zonder daarvoor oude platen te gebruiken. Daardoor is het gebruiken van samples volgens de pionier inmiddels „al lang weer played out.”