Rintje

Rintje is op stap met tante Zijspan. Zij heeft een motor met zijspan, en in dat bakje naast de motor mag Rintje zitten als ze een ritje maken. Maar vandaag hebben ze pech. Terwijl ze aan het rijden waren hoorden ze een harde knal. Tante heeft de motor stil gezet en ze ziet meteen wat er aan de hand is.

‘We hebben een lekke band!’ zegt ze. ‘Maar gelukkig heb ik achterop een reservewiel, dat zet ik er wel even op!’

Tante pakt een apparaat uit een van de tassen achter op de motor.

‘Dit is een krik, daarmee til ik de achterkant van de motor op zodat ik de lekke band makkelijk kan losdraaien.”

Als de lekke band is losgedraaid helpt Rintje om het reservewiel op de goede plaats te krijgen. Tante draait het wiel goed vast.

‘Zo zegt ze, we kunnen weer verder!’ Als Rintje weer in het zijspan zit geeft tante gas en vliegen ze weer verder over de weg.

Maar dan voelt Rintje iets op zijn neus. Een druppel. En even later nog een. Het gaat regenen! Er vallen steeds meer druppels en al snel kan Rintje bijna niets meer zien. En wat nog veel erger is, tante Zijspan ziet ook niks meer. Ze zet de motor stil aan de kant van de weg.

‘Kunnen we niet verder?’ vraagt Rintje.

‘Natuurlijk wel,’ zegt tante. ‘We laten ons toch niet tegenhouden door een klein beetje regen? Wacht maar eens even!’ Ze loopt naar de tassen aan de achterkant van de motor. Ze pakt er twee grote brillen uit.

‘Het lijken wel een soort duikbrillen,’ zegt Rintje.

‘Dat zijn het ook,’ zegt tante. ‘Maar ik heb ze omgebouwd tot perfecte motor- regenbrillen! Kijk maar eens!’

Ze zet Rintje een bril op en drukt dan op een knopje aan de zijkant van de bril.

‘Er zitten ruitenwissers op!’ roept Rintje. ‘Net als bij een auto!’

Nu zet tante ook haar ruitenwisserbril op. Het ziet er zo grappig uit dat Rintje in de lach schiet.

‘Kom, we gaan weer verder!’ zegt tante zijspan. Ze start de motor en ze rijden verder door de regen.

Zo nu en dan kijken ze elkaar even aan en moeten dan allebei giechelen om hun bril.

Als ze thuis komen doet mama de deur open. “Jullie zullen het wel koud hebben, kom maar snel binnen. Ik heb lekkere warme knakworstjes klaar staan!’

‘Maar eerst moeten we iets laten zien,” zegt Rintje. Hij en tante zetten allebei hun bril weer op en drukken op het knopje.

Mama begint te lachen. ‘Wat een superuitvinding!’ zegt ze. “Die wil ik ook, voor op de fiets!