OM eist drie jaar celstraf tegen Scholten

Het Openbaar Ministerie heeft gisteren voor de rechtbank Rotterdam een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van drie jaar geëist tegen Willem Scholten. Justitie is ervan overtuigd dat de voormalige directeur van het Rotterdamse havenbedrijf zich voor 1,2 miljoen euro heeft laten omkopen door zakenman Joep van den Nieuwenhuyzen. Ook zou hij kosteloos gebruik hebben gemaakt van een appartement in Antwerpen van Van den Nieuwenhuyzen. In ruil voor het aannemen van deze gift en steekpenningen zou Scholten vanaf 2002 garanties ter waarde van ruim 180 miljoen euro hebben afgegeven voor leningen aan het toen slecht lopende RDM concern van Van den Nieuwenhuyzen, met wie hij al jaren bevriend was.

Als ambtenaar van de gemeente Rotterdam heeft hij „het publieke vertrouwen in de integriteit van het overheidshandelen beschaamd”, aldus de officieren van justitie in hun requisitoir. Justitie wil de illegaal ontvangen gelden terugvorderen.

Scholten heeft altijd verklaard dat RDM de garanties verdiende omdat het bedrijf eind 2002 vrijwillig had afgezien van een omstreden leverantie van duikbootonderdelen aan Taiwan. Daardoor bleef Taiwans aartsvijand China als handelspartner van de Rotterdamse haven behouden. Het Openbaar Ministerie gelooft deze legitimering van Scholten niet.

Scholten handelde niet zoals hij beweert uit het algemene, economische belang, maar puur uit eigenbelang, aldus justitie. Hij zou op een geheime Zwitserse bankrekening een drietal betalingen van RDM hebben ontvangen, in totaal ruim 1,2 miljoen euro. Scholten beweert dat die bedoeld waren voor een Egyptische zakenman die adviseur was van RDM. Justitie vindt dat Scholten met dat verhaal „zijn eigen werkelijkheid achteraf met valse documenten heeft gereconstrueerd”.

De rechtbank doet vermoedelijk begin oktober uitspraak. Volgende week houden Scholtens advocaten pleidooi.